In de wereld

In de wereld

Piano’s in Londen
Londen – Voor de muziekliefhebber valt er deze zomer veel te genieten in Londen, zeker wanneer het droog is. In de Royal Albert Hall dirigeerde Bernard Haitink een magnifieke Negende van Mahler, op Covent Garden is een Russische Ring des Nibelungen te zien en Holland Park vormt het decor van Un ballo in maschera. In de schaduw van al dit moois klinkt er pianomuziek in de stad. Op dertig plekken staan piano’s waar voorbijgangers gebruik van kunnen maken. Zo worden lunchende mediameisjes op Soho Square met een beetje geluk getrakteerd op een Bach-sonate van een passerende toerist, spelen kinderen op Camberwell Green het liedje Old MacDonald en kunnen derivatenhandelaren bij Liverpool Street Station troost vinden in een piano-uitvoering van Yesterday.
De kunstenaar Luke Jerram introduceerde zijn Street Pianos-project begin juli tijdens het door de gemeente georganiseerde Rhythm of London Festival. De piano’s passen in de visie van Boris Johnson om van Londen een muzikale stad te maken. Hij wil dat niet bereiken, zoals zijn voorganger heeft geprobeerd, door het organiseren van gratis, vaak politiek gemotiveerde popfestivals, maar door zo veel mogelijk mensen zelf muziek te laten maken. Zelf is de burgemeester overigens nog niet achter een van de piano’s gesignaleerd. Eerder dit jaar had hij in zijn Daily Telegraph-column geschreven over hoe hij tijdens zijn studentenjaren een slachtpartij had gemaakt van Bachs koraal Herr, wie Du willst, so schick’s mit mir. Muziek was niet voor hem bestemd.
In hetzelfde artikel lanceerde hij het No Strings Attached-initiatief. Onder de kop Give Me Your Cellos, Your Flutes, Your Abandoned Didgeridoos riep hij mensen op hun oude muziekinstrumenten van zolder te halen, al dan niet kapot, om deze vervolgens te doneren aan lagere en middelbare scholen. Computers zijn daar genoeg aanwezig, maar naar een cello, piano of viool kan in de meeste schoollokalen lang worden gezocht. Dit ontneemt kinderen de kans om op actieve wijze kennis te maken met muziek, daar particuliere muzieklessen te duur zijn voor een gemiddeld huishouden.
Inmiddels zijn er al zo’n 150 instrumenten binnengekomen, onder meer afkomstig van de afdeling Gevonden Voorwerpen van Transport for London, waar een nooit opgehaalde didgeridoo lag, een traditioneel blaasinstrument van de Aboriginals. Er zijn ook bijdragen van Sting, Madness-zanger Graham McPherson en Julian Lloyd Webber, de cellist die in de Zuid-Londense kanswijk Lambeth een jeugdorkest probeert te formeren. Het zou volgens Johnson mooi zijn als pubers een strijkkwartet vormen in plaats van een straatbende, maar zelfs wanneer dat niet gebeurt is er sprake van een succesvolle combinatie van projecten. ‘Voor iemand die lang gevochten heeft tegen zijn eigen muzikale onvermogen en een primitief ontzag koestert voor een ieder die wel kan spelen, geloof ik dat muziek vreugde is, en een doel op zichzelf.’
PATRICK VAN IJZENDOORN

Kuifje en de boze blogger
Brussel – Honderdduizend bommen en granaten. Kuifje mag door de Belgen als nationaal erfgoed worden beschouwd, de beheerder van zijn beeltenis is niet gesteld op meedenkende landgenoten van de pientere journalist. Deze Nick Rodwell is getrouwd met de tweede vrouw van Kuifje’s schepper, de in 1983 overleden striptekenaar Hergé, en beheert nu de beeldrechten van Kuifje. Vorige week veroorzaakte hij een rel door op zijn blog het privé-leven van een aantal journalisten door het slijk te halen die het gewaagd hadden kritiek te leveren op het dit jaar geopende Hergé-museum.
‘Misschien heb je wel een probleem met je vader?’ vraagt hij aan Sophie Flouquet van het tijdschrift Journal des Arts. ‘Misschien is je huwelijk niet zo geslaagd als je had verwacht? (…) Misschien had je wel een seksueel probleem toen je een jong meisje was?’ Ook Albert Algoud van Canal+ en Hugues Dayez van RTBF moeten het ontgelden: ‘Ik heb eens de tijd genomen in hun privé-leven te snuffelen om zo de bron van hun haat te achterhalen. Bingo! Beiden hebben een autistische zoon. Het moet ontzettend frustreren om dan uw passie niet met uw zoon te kunnen delen.’ Olivier Delcroix van de Franse krant Le Figaro overweegt een klacht in te dienen wegens smaad, nadat hij was uitgemaakt voor ‘Oli de leugenaar’.
Rodwell staat bekend als ijzervreter. Sinds hij zich in 1993 het Kuifje-imperium inhuwde regeert hij met harde hand. Hij beperkt het gebruik van de beeltenis van Kuifje en treedt hard op tegen alle mogelijke misbruikers. Hij zou van het merk iets elitairs willen maken, iets exclusiefs. Die houding heeft hem veel kritiek opgeleverd, en weinig vrienden. In 1997 al schreef een zestal vooraanstaande zogenoemde tintinofielen (onder wie Algoud) in de Franse krant Le Monde: ‘Uit geldhonger wordt elke cultureel-wetenschappelijke benadering van het patrimonium van Hergé onmogelijk gemaakt.’
Ook het nieuwe museum en de op handen zijnde films (de eerste geregisseerd door Steven Spielberg, de tweede door Peter Jackson) zouden louter dienen als melkkoe. Maar bovenal huivert men van het fortuin dat deze Brit verdient met de uitbuiting van ’s lands meest bekende kunstwerk (in België en Frankrijk wordt la bande dessinée beschouwd als de negende kunstvorm). Rodwell en zijn vrouw wonen al tien jaar in de Zwitserse Alpen en horen bij de rijksten van het land, met een geschat vermogen van tussen de honderd en tweehonderd miljoen euro.
Enkele dagen na de beschimpingen werd le blog de Nick gesloten. Naar eigen zeggen omdat ‘de reacties die hij uitlokte nog hatelijker waren dan die van de laatste jaren’. Met zijn blog, die 3 juli van start ging, had Rodwell ‘het open debat’ willen zoeken, ‘zonder vooroordelen’. Veel langer dan een maand heeft dat niet geduurd. Maar niet getreurd: in 2011 verschijnt de blog in boekversie.
PHILIP EBELS

Hitler als goeroe
Mumbai – Succesverhalen, daar is India dol op. Op elke straathoek zijn illegale kopieën verkrijgbaar van het werk van Obama, Bill Gates en Hitler. Vooral de laatste is ongekend populair; het afgelopen jaar zijn er van Mein Kampf meer dan twintigduizend (geregistreerde) exemplaren verkocht. Een van de uitgevers van het boek, Jaico Publishing House in Delhi, zegt dat ze het boek minstens tweemaal per jaar laten herdrukken om aan de groeiende vraag te voldoen.
Indiërs zijn dol op sterke leiders als Hitler. Langs de kant van de weg staan restaurants die de naam van de Führer dragen. Op de literatuurlijst van verschillende universiteiten prijkt Mein Kampf. Vooral managementstudenten lezen het omstreden werk voor inspiratie over leiderschap en strategisch onderhandelen. Door een gebrek aan goed onderwijs zijn veel Indiërs zich niet bewust van de zwarte kant van Hitlers regime – of het kan ze niet veel schelen. Een niet-representatieve, onwetenschappelijke steekproef leverde meningen op als: ‘Het was een man met een idee en om zijn doel te bereiken moesten er mensen verdwijnen. Zo gaat het in elke oorlog.’ Hitler is niet de verpersoonlijking van het slechte, in India is hij een goeroe, een leraar, een man die zijn land wilde verbeteren. En er is trots, want het waren tenslotte de Duitsers die het Indiase zonneteken overnamen als nationaal symbool en volgens de overleveringen is India zelfs het land waar de Ariërs vandaan komen. De Duitsers waren bovendien de vijand van de Britten en waren de Britten niet de heersers van India?
Er is nog een reden voor de populariteit van Mein Kampf. Volgens professor Kuruvachira van de Universiteit Nagaland is die vooral te danken aan de moslimhaat die in Mein Kampf breed wordt uitgemeten. Veel Indiërs geloven dat vrijwel alle problemen in hun land veroorzaakt worden door de aanwezigheid van de ruim 150 miljoen moslims. Kuruvachira heeft veel gepubliceerd over de hindoetva, een term die populair is bij nationalistische en extreem-rechtse hindoepartijen. Zoals Shiv Sena, de partij die meermalen openlijk respect heeft getoond voor Hitler en zijn gedachtegoed. De populariteit van Gandhi, de verpersoonlijking van het goede in veel westerse landen, is al jaren tanende. Deze goeroe heeft er namelijk voor gezorgd dat moslims na de onafhankelijkheid niet het land uit hoefden. Nee, dan Hitler, een man met een visie die zijn ‘probleem’ zonder pardon het land uitzette of doodde.
MIRTHE BERENTSEN

Eco-adel
Berlijn – Karl-Theodor zu Guttenberg heeft tien voornamen, leest deze zomervakantie naar eigen zeggen Plato’s Politeia in het Griekse origineel, speelt uitstekend piano en is als vers aangetreden minister van Economische Zaken de populairste Duitse politicus van het moment. Maar markanter nog dan Karl-Theodor is zijn vader. En niet alleen omdat Georg Enoch Robert Prosper Philipp Franz Karl Theodor Maria Heinrich Johannes Luitpold Hartmann Gundeloh Freiherr von und zu Guttenberg vier voornamen méér heeft.
Papa Enoch zu Guttenberg is een man van principes. Afkomstig uit een steenrijk adellijk geslacht houdt de dirigent en milieuactivist tijdens zijn concerten regelmatig felle speeches tegen de verwoesting van de aarde. In de jaren zeventig was hij medeoprichter van de Duitse Milieudefensie, Bund. Hij was in die tijd bovendien een van de weinige alleenstaande vaders die zijn zonen zelf opvoedde. Reden voor de Süddeutsche Zeitung hem op te zoeken om te spreken over de ruggengraat van zijn zoon, die namens het land met de kredietcrisis worstelt. Daarmee zit het wel goed, meent papa Zu Guttenberg. Karl-Theodor is een onafhankelijke geest met een ‘waanzinnig plichtsbesef’. ‘Als ik ’s avonds weg moest en zei: “Jullie liggen om negen uur in bed en het licht is uit”, dan gebeurde dat ook.’
Dat heeft met de familietraditie te maken, meent Enoch zu Guttenberg, grote woorden niet schuwend. ‘Wij zijn zo opgevoed dat je voor datgene wat je juist vindt, desnoods ook moet kunnen sterven’, zegt hij, verwijzend naar diverse Guttenbergs die zich verzetten tegen Hitler. Om er meteen aan toe te voegen dat dat niets te maken heeft met blauw bloed. Veel adel was voor en tijdens de oorlog extreem-rechts, óók de van de aanslag op Hitler bekende Von Stauffenberg.
Als er desondanks zoiets bestaat als een verlichte elite die de maatschappij moet redden, iets waar in Nederland sommige progressieve academici op hopen, dan lijkt Enoch zu Guttenberg daar hét voorbeeld van. Ook zoon Karl-Theodor raakt een gevoelige snaar bij het publiek. Zijn ouderwetse pose van de alleen al door zijn rijkdom onafhankelijke edelman, wars van populisme, beantwoordt volgens Die Zeit aan de wensen van bepaalde groepen kiezers. Aan ‘het burgerlijke verlangen naar een politieke gene zijde, ver weg van democratische compromissen en gelijkmakerij, waarin nog onbuigzame karakters en echte overtuiging gedijen’.
De brug tussen conservatisme en ecologie die vader Enoch zu Guttenberg slaat, is daarbij minder gek dan het lijkt. Deed filosoof Martin Heidegger met zijn technologiekritiek niet iets soortgelijks? Een van de belangrijkste trends in de huidige Duitse politiek is volgens sommige politieke commentatoren de toenadering tussen het ‘oude’ en het ‘nieuwe burgerlijke midden’, de conservatieve christen-democratie en de liberale Groenen. Aan Enoch zu Guttenberg zal het niet liggen. De eco-edelman is weer lid geworden van de partij van zijn zoon, de Beierse christen-democraten van de CSU. Van binnenuit kan die partij volgens hem nog beter ‘van beton ontdaan worden’.
KOEN HAEGENS

Doodsjury’s
New York – Afgelopen week woedde in de VS een hevig politiek debat over Obama’s wetsvoorstel ter hervorming van de gezondheidszorg. Aanleiding was de angst voor de ‘doodsjury’. Onderdeel van het wetsvoorstel – nota bene ingebracht door een Republikeins Congreslid – is dat verzekeraars de tijd vergoeden die dokters besteden om hun patiënten uit te leggen wat hun opties zijn inzake ‘end of life’-verzorging.
Het verzet tegen dat idee kwam niet uit het Congres. Sommigen zeggen dat het in gang werd gezet door de verzekeringssector, maar harde bewijzen daarvoor zijn nog niet geleverd. Feit is dat het verzet zich als een lopend vuurtje verspreidde in dat deel van het Republikeinse kamp dat zich, sinds Obama president werd, angstig en verweesd voelt.
Obama benadrukt dat de kostenstijging van de gezondheidszorg in de VS onhoudbaar is, en dat is ook zo. Het land geeft meer uit aan gezondheidszorg dan enig ander land, bijna dubbel zoveel per capita als Nederland en België, maar is beduidend ongezonder: de VS staat 37ste op de VN-ranglijst van gezondheidszorg. De som was door de conservatieve oppositie snel gemaakt: de president wil kosten besparen + de president wil dat dokters met hun patiënten spreken over end of life-opties = euthanasie.
De paranoia werd aangewakkerd door schaamteloze politieke hoeren als Sarah Palin en Newt Gingrich die bereid zijn om alles te zeggen teneinde de lege Republikeinse troon te veroveren. Anderen volgden. Zo kregen we het potsierlijke spektakel te zien van Republikeinse Congresleden die protesteerden tegen een maatregel die ze zelf hadden voorgesteld, alleen maar vanwege de vrees dat die tot doodsjury’s zou leiden die mindervaliden en bejaarden verzorging zouden ontzeggen en hen zo de dood zouden injagen.
Het gekke is dat die doodsjury’s al bestaan. Ze worden niet bemand door dokters of ambtenaren, maar door personeel van verzekeringsfirma’s dat is gespecialiseerd in het vinden van redenen om niet uit te betalen. En dat zijn er veel. Zo hoeft een firma niets te vergoeden als ze kan aantonen dat de patiënt een kwaal al had voor hij verzekerd was. Het Institute of Medicine schat dat elk jaar meer dan twintigduizend Amerikanen sterven doordat ze onverzekerd zijn of doordat hun verzekering weigert voor hun behandeling te betalen.
De modale Amerikaan heeft er dus alle belang bij dat de gezondheidszorghervorming er komt. Maar op veel van de meetings die Amerikaanse verkozenen traditioneel in augustus in hun kieskring hielden, ging alle aandacht naar de doodsjury’s. Er zijn al veel verklaringen voor dit merkwaardige fenomeen opgedist. De formidabele propagandastructuur van rechts Amerika, de medeplichtigheid van de media, Fox News in het bijzonder, de goedgelovigheid van de Amerikanen (die tenslotte ook bereid waren om te slikken dat Saddam achter 9/11 zat en Amerika met massale vernietigingswapens bedreigde), de onrust die de economische crisis meebrengt, het verlangen van sommige Republikeinen om Obama te destabiliseren met om het even welke middelen, enzovoort. Er staan natuurlijk machtige belangen op het spel bij de gezondheidszorghervorming. Verzekeringen en farmaceutische bedrijven hebben er baat bij dat alles zo veel mogelijk blijft zoals het was.
Wat levert de heisa op? In het Congres was al een akkoord bereikt over 85 procent van de hervorming. De rest, waaronder het instellen van een publieke ziekteverzekering, staat nog ter discussie. Maar de agressieve doodsjury-campagne heeft twijfels gezaaid en Obama voelt zich in het defensief gedrongen. Hij is bereid om steeds meer water bij de wijn te doen. Zoveel zelfs dat ter linkerzijde wordt gevreesd dat een echte ziektekostenhervorming opnieuw zal worden uitgesteld.
TOM RONSE
Dienaar van het ANC
Johannesburg – Een rapportcijfer voor de president na de eerste honderd dagen wordt ook in Zuid-Afrika gretig gegeven. Deze maand was het daarom tijd om president Jacob Zuma de maat te nemen, nadat hij in mei was ingehuldigd na een lange controverse met rechtszaken rond verkrachting en corruptie.
Opvallend was de mildheid van de critici. Zuma was duidelijk een verademing na de autocratische, arrogante Thabo Mbeki in wiens lexicon geen ruimte was voor termen als ‘luisteren’, ‘samenwerken’ en ‘geduld’. Zuma kent die woorden wel; zijn werkwijze is omarmend in plaats van buitensluitend. Hij straalt warmte uit, luistert en staat open voor suggesties. Bovendien slaagde hij er wonderwel in om zijn wankele, onbetrouwbare imago snel op te vijzelen. Zuid-Afrika en de rest van de wereld zagen een ontspannen, zelfverzekerde president.
Maar er was meer dan uiterlijk vertoon. In plaats van de gevreesde nadruk op vriendjespolitiek en een beloning voor links dat hem op de moeizame weg naar het presidentschap fanatiek bleef steunen, benoemde Zuma een kabinet waarin de diverse politieke stromingen vakkundig zijn samengebracht. Communisten, kapitalisten, nationalisten en minderheden hebben alle een stem. Bovendien pakte hij de endemische corruptie aan, onder meer door een aantal hooggeplaatste ambtenaren op non-actief te stellen. 1 september komt er tevens een hotline naar het presidentiële kantoor, waarin mensen kunnen klagen over luie of corrupte ambtenaren en het uitblijven van dienstverlening.
Maar de wittebroodsweken zijn inmiddels voorbij. Het recente gewelddadige protest in het hele land maakte duidelijk dat Zuid-Afrikanen meer van Zuma verwachten dan een gulle glimlach en een luisterend oor. Ze willen werk en geld en betere huizen met stromend water, elektriciteit en een toilet. Daar wachten ze al vijftien jaar op. Maar van Zuma’s belofte om rond december dit jaar een half miljoen banen te creëren is nog niets terechtgekomen, en het armoedeprobleem is als gevolg van de recessie nog nijpender dan voor zijn aantreden.
Daarnaast zijn er de aantijgingen dat Zuma en zijn regenboogkabinet weinig te zeggen hebben. De instructies en het beleid komen van Luthuli House, het ANC-hoofdkwartier in Johannesburg. Daar zwaait secretaris-generaal Gwede Mantashe de scepter, een gedreven marxist met presidentiële aspiraties. Oppositieleider Helen Zille van de Democratic Alliance omschreef Zuma als een ‘dienaar’ van Mantashe en het ANC.
Volgens het honderddagenrapport in het kritische weekblad Mail & Guardian scoort Zuma uiteindelijk goed op de beloftes die vooral van woord en gebaar afhankelijk zijn. Waar het neerkomt op daden krijgt hij een onvoldoende. Het eindcijfer is een 5, waarmee je in Zuid-Afrika met de hakken over de sloot slaagt.
FRED DE VRIES