In de wereld

In de wereld

Hillary: de film
New York – ‘Als u dacht alles te weten over Hillary Clinton, wacht dan tot u deze film hebt gezien’, meldde begin 2008 de filmtrailer voor Hillary: The Movie, een weinig subtiele aanval op de vrouw die op dat moment nog alom beschouwd werd als de te kloppen Democratische presidentskandidaat. De film was geproduceerd door de conservatieve groep Citizens United en deels gefinancierd middels donaties van bedrijven.
Uiteindelijk zouden maar weinig Amerikanen de film zien: het Federal Election Committee, het equivalent van de Nederlandse Verkiezingscommissie, verbood uitzending van de film op de televisie op de grond dat het hier geen documentaire betrof, zoals Citizens United beweerde (‘een film die in veertig interviews het eerste en laatste woord heeft over de Clinton-schandalen!’), maar een politieke boodschap. En volgens de campagnefinancieringswet, de zogeheten McCain-Feingold-wet, is het bedrijven en vakbonden verboden zich via tv-uitzendingen in het politieke debat te mengen in de aanloop naar een presidentiële verkiezing. Wel werd de film vertoond in zes bioscopen, is hij op YouTube te bekijken en op dvd verkrijgbaar.
Hoewel Clinton inmiddels als minister van Buitenlandse Zaken de wereld rondreist, is de film toch weer in het Amerikaanse publieke debat opgedoken. Aanleiding is dat Citizens United het verbod van destijds voor het hooggerechtshof heeft aangevochten. Vorige week woensdag hield het hof een hoorzitting over de zaak, die maar liefst anderhalf uur duurde – langer dus dan het gebruikelijke uur, een indicatie dat het hof groot belang hecht aan de zaak. De hamvraag: hebben bedrijven en vakbonden hetzelfde recht op vrije meningsuiting als gewone burgers? Dit is vooral zo belangrijk omdat in de VS campagnedonaties ook vallen onder de uitoefening van dat grondrecht, het First Amendment. De McCain-Feingold-wet gaat er nadrukkelijk vanuit dat bedrijven dit recht niet hebben: bedrijven zijn economische organisaties met een aparte status in het rechtsverkeer, waardoor ze over aanzienlijk meer kapitaal beschikken dan burgers – en dat mogen ze niet aanwenden om politieke invloed te verkrijgen.
Sinds 2006 zijn vijf van de negen rechters van het hof benoemd door Republikeinse presidenten (Reagan, Bush senior en junior). Tijdens de hoorzitting bleek al dat juist deze vijf rechters weinig sympathie hebben voor de beperkingen die McCain-Feingold oplegt aan bedrijven. Het lijkt dan ook vast te staan dat Citizens United op enigerlei wijze een overwinning gaat boeken.
Hoe groot de implicaties van de Citizens United-zaak precies zullen zijn, hangt af van de uiteindelijke keuze van het hof (nog dit jaar) voor ofwel een enge óf een brede uitspraak. Wordt het een enge uitspraak, bijvoorbeeld dat Hillary: The Movie niet verboden had mogen worden omdat het wél een documentaire was, dan blijft McCain-Feingold intact. Maar wordt het een brede uitspraak die McCain-Feingold terugdraait, dan kunnen bedrijven zich in de toekomst nadrukkelijk gaan mengen in het verkiezingsproces. En gaat geld een nog grotere rol spelen in de Amerikaanse politiek.
MARS VAN GRUNSVEN

Constitutioneel vandalisme
Londen – Grote veranderingen, zelden gunstig van aard, beginnen soms na een triviaal probleem. Zo kwam de Parijse revolutie van 1968 op gang omdat de jongens – voulez-vous coucher avec moi (ce soir)? – bij de meisjes wilden slapen, en andersom. Op soortgelijke wijze hebben klachten over de oneigentijdse wc-faciliteiten voor de Law Lords in het Britse Hogerhuis, met name voor de dames, geleid tot de oprichting van een Supreme Court, dat komende maand zijn eerste zitting houdt. Hiermee heeft de Labour-regering wederom een Britse traditie beëindigd.
In het Hogerhuis vormden twaalf Law Lords ruim honderd jaar het Britse equivalent van de Hoge Raad. Wekelijks kwamen ze bijeen – hun werkweek startte maandagochtend om elf uur, zodat ze gelegenheid hadden om ’s ochtends van het platteland naar Londen te reizen – om te beraadslagen over gewichtige juridische zaken. Ze behielden zich het recht voor om ook deel te nemen aan politieke debatten, maar in de praktijk hebben ze dat in de afgelopen decennia zelden gedaan.
New Labour, dat altijd een zwak heeft gehad voor exotische theorieën van Franse filosofen, had vanaf het begin moeite met het ontbreken van de trias politica binnen de Britse constitutie, ook al heeft dit in de praktijk zelden voor problemen gezorgd. Zo is getracht het ambt van Lord Chancellor af te schaffen, die onder meer voorzitter van het Hogerhuis was, hoofd van de rechterlijke macht en kabinetslid. De titel, ooit gedragen door Thomas More, bestaat nog, maar de inhoud van de functie is uitgekleed, evenals His Lordship zelf, die nu in een pak rondloopt in plaats van in een sierlijk kostuum.
Een andere poging tot modernisering was een heimelijke poging om, uit efficiëntieoverwegingen, de Privy Council op te heffen, die sinds de dagen van de Normandische bezetting het staatshoofd van advies dient. Lord Saint John of Fawsley, een politicus die moderne termen bewust verkeerd uit pleegt te spreken, sprak over constitutioneel vandalisme: ‘Waarom kunnen ze dingen die perfect werken niet met rust laten? Deze bemoeizuchtige regering leert niets van haar fouten. Ze kan de gevolgen van haar daden nauwelijks inschatten.’
Dat is ook de vrees bij het nieuwe Supreme Court. Vanuit een 56 miljoen pond kostend gebouw, mede ingericht door popkunstenaar Peter Blake, kunnen ’s lands topjuristen meer invloed op het regeringsbeleid gaan uitoefenen dan waar de Law Lords toe in staat waren. Zo zouden ze, zo suggereerde voormalig minister van Buitenlandse Zaken Lord Owen, net als hun Duitse collega’s de invoering van de Europese grondwet kunnen frustreren. Desondanks hebben de meeste ‘Lords of Appeal in Ordinary’ gemengde gevoelens over hun promotie. Vorige maand hielden ze in mineur hun laatste zitting, die werd besloten met een baanbrekende uitspraak over euthanasie. Dit nadat ze zelf het slachtoffer waren geworden van ‘assisted suicide’.
PATRICK VAN IJZENDOORN

Italië wil kinderen, geen homo’s
Rome – ‘Svastichella’ is de bijnaam van de veertigjarige neonazi die op 22 augustus twee mannen aanviel bij de uitgang van discotheek Gay Village in Rome. De homohater, die zijn bijnaam dankt aan het Duitse hakenkruis, stak bij de een een mes tussen zijn ribben en sloeg een fles kapot op de schedel van diens partner. Vorige zaterdag werd voor de tweede keer deze maand een brandbom gegooid tegen de homodisco Cube. Het illustreert de groeiende agressie tegen homoseksuelen in de Italiaanse hoofdstad, die sinds ruim een jaar door de ex-fascist Gianni Alemanno wordt bestuurd.
Vooral homobars en -discotheken moeten het verduren: ze krijgen steeds vaker te maken met gesneuvelde ruiten, brandstichting en agressie. Maar ook op straat of op hun werk worden homo’s lastiggevallen. De agressie komt vooral uit extreem-rechtse kringen, waar politieke partijen al jaren werk maken van een antihomocampagne. Zo demonstreren de aanhangers van de politieke partij Forza Nuova steevast tegen de Gay Pride met posters en slogans die de klassieke familie verdedigen tegen het ‘onnatuurlijke’ homohuwelijk. ‘Italië heeft kinderen nodig, geen homo’s’ is de meest voorkomende kreet, uiteraard geprint op een clichéfoto van een gelukkig, blank gezin met twee kinderen.
Dat Rome bestuurd wordt door een ex-fascist die in zijn rechtse studententijd een paar keer werd opgepakt wegens agressie op straat lijkt een legitimatie voor rechtse relschoppers. Homofobe graffiti, vaak gepaard met fascistische symbolen, was nog nooit zo aanwezig in het straatbeeld. Burgemeester Alemanno veroordeelt het straatgeweld en bracht deze maand een beleefdheidsbezoek aan Gay Village, waar hij rustig zijn politieke standpunten herhaalde. Alemanno zei tegen iedere vorm van wettelijk beschermd partnerschap te zijn, omdat ‘niet ieder gevoel in een wet moet worden vastgelegd’.
In de Italiaanse wetten was het overigens altijd al slecht gesteld met de rechten. Waar het wetboek van strafrecht spreekt over discriminatie in diverse vormen worden homoseksuelen niet vermeld. De Europese Unie vroeg Italië diverse keren tevergeefs om de tekst aan te passen. Ook is er nog nooit een officieel landelijk onderzoek geweest naar discriminatie op basis van seksuele voorkeur. De vorige regering-Prodi maakte driehonderdduizend euro vrij voor dit onderzoek, maar de regering-Berlusconi blokkeerde het geld.
De gegevens die nu bekend zijn, komen van belangenverenigingen, zoals Arcigay, en die meldt een toename van discriminatie en agressie. In de eerste helft van dit jaar zijn er acht moorden gepleegd op homo’s, 52 geweldplegingen, zeven afpersingen en ontelbare gevallen van pesterijen en vandalisme tegen homobars. Maandelijks krijgt de organisatie, die een hulplijn in het leven riep, ruim tweeduizend telefoontjes. Zeker niet alleen uit Alemanno’s Rome overigens: de toenemende agressie tegen homo’s uit zich in het hele land.
HEDWIG ZEEDIJK

Picknick tijdens ramadan
Rabat – De islamitische vastenmaand mag dan voorbij zijn, de affaire van de non-jeûneurs, de niet-vasters, is dat nog niet. Over de feiten kunnen we kort zijn: een zestal twintigers en dertigers, Marokkanen allemaal, reisde vorige week vanuit Casablanca per trein naar het dertig kilometer verderop gelegen Mohammedia, om daar in een bos te gaan picknicken. Gewoon op klaarlichte dag. Dus terwijl iedereen vastte. Zoiets wordt in dit islamitische land al snel gezien als provocatie. Er stonden dan ook enkele tientallen politiemannen op het station van Mohammedia klaar om de potentiële ‘ramadanvreters’ op te vangen. Die werden gefouilleerd, de rugzakjes moesten open, en ja, daar zaten sandwiches in. De groep werd verhinderd het perron te verlaten en per kerende trein terug naar Casablanca gestuurd. De politie had er lucht van gekregen omdat tot de picknick was opgeroepen op Facebook, en men verwachtte kennelijk een heel wat grotere groep. Er waren journalisten meegereisd, aan wie het zestal trachtte uit te leggen waar het ze precies om te doen was: om de individuele vrijheden van de inwoners van dit land. ‘Zoals de vrijheid om naar eigen eer en geweten al dan niet te vasten’, aldus Zineb el Rhazoui tegen een verslaggever van weekblad Le Temps. Telefonisch om nadere uitleg gevraagd wijst El Rhazoui erop dat Marokko wel ondertekenaar is van allerlei internationale verdragen die die individuele vrijheid zouden moeten waarborgen, maar dat daar in de praktijk niks van terechtkomt.
Niet-vasten is in Marokko overigens toegestaan, al is de sociale druk groot om mee te doen aan de ramadan. Zelf schat ik dat zo’n twintig procent van de Marokkanen niet vast, maar deze moslims schreeuwen dat niet van de daken. Het is ze wel uitdrukkelijk verboden – door de wet dus – om buiten te eten, en plein public, want daarmee zou men de openbare orde verstoren. Toeristen overigens wordt niets in de weg gelegd, die kunnen doen wat ze willen.
De ‘groep van Zineb’ beheerst nu al anderhalve week het nieuws. Het officiële Marokkaanse persbureau heeft de actie in strenge bewoordingen veroordeeld, de staatstelevisie heeft dat braaf herhaald, politieke partijen – daartoe gemaand door medewerkers van het Paleis – deden hetzelfde, en ook de meeste kranten spraken zich tegen de actie uit.
Het zestal is aangeklaagd en moet een dezer weken voorkomen. ‘Wat ze ten laste wordt gelegd is onduidelijk, aangezien de picknick nooit heeft plaatsgevonden’, aldus Abderrahman Jamaï, advocaat van de groep. Ook hij beseft dat dit proces louter is bedoeld om het grote publiek gerust te stellen: te laten zien dat de staat de religieuze fundamenten van de maatschappij beschermt. Anderzijds gaat het er ook om de islamisten de wind uit de zeilen te nemen. Verschillende groepsleden hebben via internet doodsbedreigingen ontvangen.
KEES BEEKMANS

Het lijstje met vijf goeden
Peking – In de aanloop naar politiek gewichtige gebeurtenissen wordt Pekings paranoia altijd pas echt goed wakker. Veiligheidsmaatregelen worden geheid stevig opgevoerd, het internet wordt nutteloos gemaakt en iedereen die ook maar enigszins lastig is wordt hard aangepakt.
Maar de voorbereiding van de komende zestigste verjaardag van de Volksrepubliek gaat voor zelfs al lang murwgebeukte hoofdstedelingen alle perken te buiten. ‘Ik geloof dat we dankbaar moeten zijn dat we niet massaal de stad uit worden gezet’, grimde Mandy Yu vrijdagnacht na vier uur te hebben vastgezeten in een file die werd veroorzaakt door rijen tanks en soldaten tijdens de generale repetitie van de militaire parade. ‘Vijftig jaar klinkt heel wat dramatischer dan zestig. Toch was het tien jaar geleden heel wat minder gestoord als nu.’
Om maar eens iets koddigs te noemen moeten duivenmelkers hun beesten rond 1 oktober uit de lucht houden omdat ze kunnen worden omgebouwd tot minibommenwerpers. En na twee steekpartijen vorige week om de hoek van het heilige der heiligen – het Plein van de Hemelse Vrede – haalden diverse grote warenhuizen voor de periode keukenmessen uit hun assortiment. Volgens een woordvoerder moet een ieder die de komende twee weken om een mes verlegen zit maar elders gaan winkelen.
Zeker in mediakringen is de angst voor de mogelijke gevolgen van ongewenst gedrag rond de verjaardag serieus. Al in het voorjaar vaardigde China’s centrale propagandadepartement precieze richtlijnen uit voor de berichtgeving over de zestigste verjaardag, en daarvan afwijken wordt niet verstandig geacht.
In het kort eist Peking dat nu een lijstje van ‘vijf goeden’ van de krantenpagina’s gaat spatten. De goedheid van de Chinese communistische partij, daar moet het over gaan. Goedheid van socialisme, goedheid van de opening van het land en de hervormingen, goedheid van het fantastische moederland, en de goedheid van de diverse etnische groeperingen.
Aan de ‘morele superioriteit van de partij’ mag met geen letter worden getwijfeld en de prachtige glorieuze resultaten van zestig jaar communistisch beleid staan uiteraard buiten kijf. Om voorzichtig aandacht te besteden aan de blunders van de laatste zestig jaar, aan de menselijke tragedies, de corruptie en het machtsmisbruik moet de pers met wat geluk wachten tot politiek rustiger tijden.
De voorschriften zijn niet duidelijk anders dan die van tien jaar geleden, maar toen waren de Chinese media over het geheel genomen relatief optimistisch gestemd. De verwachting tijdens de vijftigste verjaardag was dat de overheid een totale mediacontrole op de langere duur onmogelijk zou kunnen volhouden. Tien jaar later is er echter nog altijd geen spoor van vermoeidheid bij de autoriteiten te ontdekken.
ANNE MEIJDAM

De minister wil niet naakt
Berlijn – ‘Gaga’, zo noemt minister van Financiën Peer Steinbrück de rechtse plannen om de belastingen te verlagen, ‘absolute quatsch’. Met honderd miljard euro nieuwe schulden en belastinginkomsten die naar schatting teruglopen met 320 miljard zijn cadeautjes voor de kiezer uitgesloten, rekende de sociaal-democraat zondag in een tv-discussie voor.
De Duitse Gerrit Zalm heeft een punt. De economische crisis heeft grote gaten geslagen in de begroting. Het overheidstekort bedraagt inmiddels meer dan zes procent van het bbp, de schuld 87 procent. Ver boven de limieten die zijn vastgelegd in het Europese Stabiliteitspact. Die afspraken mogen in de Nederlandse politiek als geliefd argument gelden, in Duitsland lijkt geen politicus er wakker van te liggen.
De linkse partijen SPD, Groenen en Die Linke beloven de kiezer miljoenen nieuwe banen en meer geld voor de armen. Daar staat tegenover dat zij ook aan de inkomstenkant denken. De belastingen voor veelverdieners kunnen omhoog en er circuleren varianten op een Tobin-tax op kapitaaltransacties. Voor zulke plannen kijken de liberale FDP en de christelijk-conservatieve CDU wel uit. Zij stellen forse belastingverlagingen in het vooruitzicht. De Beierse zusterpartij CSU, die zich gedurende de hele verkiezingsstrijd al gedraagt als het agressieve kleine broertje, deed daar maandag nog een schepje bovenop. In een ‘honderd-dagen-programma’ pleit zij voor lagere inkomstenbelastingen en een gunstiger btw-tarief voor onder meer hotels en restaurants. Dan komen de economische groei en de inkomsten vanzelf.
Minder krijgen, meer geven: niemand in politiek Berlijn lijkt serieus te geloven dat dat de komende jaren echt kan. Zelfs CSU-minister Karl-Theodor zu Guttenberg moest de avond voordat zijn partij de belastingplannen presenteerde, toegeven dat bezuinigingen onontkoombaar zijn. ‘We zullen afstand moeten doen van de ene of de andere geliefde verworvenheid’, aldus de populaire bewindsvoerder. Nog afgezien van hoge rentelasten en het Europese Stabiliteitspact is er de door zijn eigen grote coalitie in beton gegoten schuldengrens. In 2016 moet het nationale overheidstekort zijn weggewerkt.
De huidige verkiezingsstrijd heeft daarmee iets weg van het sprookje van de nieuwe kleren van de keizer. Alle politici praten over plannen en voornemens waarvoor na de verkiezingen van komende zondag geen geld zal blijken te zijn. Over de bezuinigingen die dan volgen, op de gezondheidszorg, het sociale vangnet of onderwijs, heeft de kiezer niets te zeggen.
Het is een toneelstukje waar iedereen aan meedoet – ook de cynische Steinbrück. In een kranteninterview meldde hij maandag dat er vanaf halverwege volgend jaar ‘gegarandeerd iets zal veranderen aan de inkomsten- en de uitgavenkant’ van de begroting. Maar ook hij weigert man en paard te noemen, uit angst voor de kiezer. ‘U wilt dat ik mij geheel uitkleed, terwijl de politieke concurrentie in een bontmantel zit?’ vroeg Steinbrück ongelovig. ‘Die aanblik bespaar ik u liever.’
KOEN HAEGENS