week 49 In de wereld

In de wereld

Creatieve wanhoop
Mexico Stad – De Mexicaanse president Felipe Calderón lijkt de drugsoorlog in zijn land als een soort klein-Irak te beschouwen. Hij verordonneerde vorige week zelfs zijn eigen ‘mini-surge’ door 2500 paratroepers naar het door ‘narcogeweld’ geteisterde Ciudad Juárez te sturen. Het valt te betwijfelen of dit jongste offensief hetzelfde effect gaat hebben als de surge in Irak. Sinds Juárez maart dit jaar door de regering werd gemilitariseerd, is het geweld zozeer geëscaleerd dat er in minder dan een jaar tweeduizend mensen in de strijd zijn omgekomen. De situatie is zo ernstig dat de gemeente afgelopen maand zelfs besloot dat de militairen binnen een paar maanden de stad weer moeten verlaten. Liever geen bescherming dan een die schiet op alles wat beweegt.
Troepen blijven sturen helpt dus niet, maar wat dan wel? Onder het motto desperate times call for desperate measures komen wanhopige politici en opiniemakers dagelijks met radicale oplossingen voor het drugsprobleem. Mauricio Fernandez, burgemeester van San Pedro in de deelstaat Nuevo León, maakt het ’t bontst. Hij wil ‘schoonmaakcomités’ oprichten, die buiten het blikveld van de wet het probleem moeten aanpakken. In feite pleit hij voor het opzetten van doodseskaders. Het idee roept alom kritiek op, maar is strikt genomen niet nieuw. In diverse gebieden van het land opereren al zelfverdedigingscomités, opgericht door burgers die het vertrouwen kwijt zijn in de corrupte politie, die de drugkartels met gelijke munt terugbetalen.
Niet minder omstreden is het idee van Jorge Castañeda Gutman, voormalig minister van Buitenlandse Zaken, in zijn recente boek De drugsoorlog, een mislukte oorlog, om terug te gaan naar de convivencia van de jaren negentig, het stilletjes toestaan van kartels op Mexicaans grondgebied. Tijdens de negentigjarige dictatuur van de Partij van de Geïnstitutionaliseerde Revolutie (PRI) werd er weliswaar op grote schaal in drugs gehandeld, maar stonden corrupte overheden de kartels oogluikend hun bezigheden toe. Tegen vergoeding, uiteraard. Het idee wordt alom neergesabeld.
Sympathieker was het initiatief van een groep zakenlieden uit Juárez om de Verenigde Naties op te roepen dan maar een vredesmacht de stad in te sturen. Ze kregen nul op het rekest, want de VN sturen geen soldaten om een criminaliteitsprobleem op te lossen.
Rest het idee van Milenio-columnist Jairo Calixto, die suggereert dat de Verenigde Staten een troepenmacht naar het noorden van Mexico moeten sturen. Zijn redenering: het Mexicaanse leger is te onervaren en te gewelddadig, terwijl de gringos na Irak en Afghanistan genoeg ervaring met bezettingen hebben om de klus te klaren. Of het zal helpen, zullen we waarschijnlijk nooit weten. Het is lang geleden, maar sinds de (verloren) Mexicaans-Amerikaanse Oorlog van 1846-1848 is de aanwezigheid van Amerikaanse soldaten op Mexicaans grondgebied voor de meeste Mexicanen absoluut taboe.
JAN-ALBERT HOOTSEN

Opzij, opzij, opzij
Brussel – ‘Een historische stap vooruit in de Europese integratie.’ Grote woorden maandag in het Europees Parlement in Brussel, enkele uren voordat het verdrag van Lissabon in werking zou treden. Vier parlementaire zwaargewichten, onder wie oud-premier van België Jean-Luc Dehaene, bejubelden het verdrag dat de EU ‘democratischer, transparanter en effectiever’ zou maken door, onder meer, het Europese en de nationale parlementen meer macht te gunnen. Het Nederlandse kabinet had in vergelijkbare woorden eerder die maand al ‘verheugd’ gereageerd op de uiteindelijke ratificatie ervan.
Een paar honderd meter verderop waren de ministers van Justitie, Binnenlandse Zaken en Sociale Zaken van de 27 lidstaten bijeengekomen in het gebouw van de Raad van de Europese Unie om besluiten te nemen. Op het eerste gezicht niets opmerkelijks; daar zijn ze tenslotte voor. Maar ditmaal kwamen er wel heel veel meer besluiten ter tafel dan normaal – kwesties waarover het parlement een halve dag later zou mogen meebeslissen. Toeval?
Nee, zeggen europarlementariërs. Zij voelen zich slachtoffer van een antidemocratische haastklus, te meer omdat een aantal gevoelige dossiers aan bod kwam. Zo zouden de ministers van Justitie volgens GroenLinks ‘de rechten van de Europese burgers te grabbel’ hebben gegooid, door nog snel te beslissen dat Europese bankgegevens beschikbaar zijn voor de Verenigde Staten in dienst van hun ‘strijd tegen terreur’. Anderen zien het probleem niet. Jean-Luc Dehaene (EVP, koepelpartij van christen-democraten) noemt de plotselinge werkdrift van de Raad ‘gewoon een beetje opkuisen’. Hij legt uit dat het dossiers betreft waar vaak al jaren aan is gewerkt. ‘Morgen beginnen we met een schone lei.’
Ook onze eigen minister van Justitie Hirsch Ballin ontkent in alle toonaarden dat er snel nog zaken doorheen werden gedrukt. Het was volgens hem onvermijdelijk nu een knoop door te hakken over de bankgegevens om de terrorismebestrijding niet in gevaar te brengen. Bovendien geldt de regeling maar voor negen maanden, waarna opnieuw zal moeten worden onderhandeld. Mét het parlement als medebeslisser. En ook niet ieder besluit was controversieel. Zo werd de visaplicht voor Macedonië, Montenegro en Servië opgeheven en werden conclusies aangenomen over ‘gezond en waardig oud worden’.
De laatste dag voor ‘Lissabon’ was een lange. Maar ondanks de controverse was de stemming uitgelaten. Iedereen is blij dat een moeizame periode achter de rug is. Staatssecretaris Albayrak vond het ‘emotioneel’. Of het verdrag zijn beloften zal nakomen is te bezien. Het verschaft in ieder geval duidelijkheid.
PHILIP EBELS

Socialistische soap
Berlijn – Het fijne van politieke roddels is dat het politiek is – en dus de moeite van het berichten waard. Dat moet ook het weekblad Der Spiegel hebben gedacht toen het afgelopen maand een uitgebreid artikel publiceerde over partijleider Oskar Lafontaine van Die Linke. Onderwerp: zijn aankondiging, direct na de historische verkiezingswinst van de linkse sociaal-democraten in september, dat hij het fractievoorzitterschap neerlegt. Het motief volgens Der Spiegel: een amoureuze affaire met Sahra Wagenknecht, parlementslid, voormalig studente te Groningen en de prominentste communiste-van-de-oude-stempel binnen de partij.
Wagenknecht en Lafontaine zouden de afgelopen jaren, aldus het doorgaans goed geïnformeerde weekblad, ‘niet enkel inhoudelijk nader tot elkaar zijn gekomen’. Tot ongenoegen van mevrouw Lafontaine. Die zou haar man uit Berlijn hebben ‘weggecommandeerd’. Het nieuws over de affaire zoemt overigens al jaren rond in de roddelbladen. Maar onlangs meldde ook de deftige Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung dat ‘Lafo iets met Wagenknecht heeft’. Zelfs het intellectuele vlaggenschip Die Zeit mijmert in zijn feuilleton over de vraag waarom rode vrouwen toch zo aantrekkelijk zijn.
Met roddelen heeft dat niets te maken, verzekert Der Spiegel. Het is keiharde politiek – nee, het grapje is te flauw om te maken. De affaire met Wagenknecht zou een verklaring zijn voor het radicalisme waarvan Lafontaine de laatste jaren wordt beticht door zijn vele tegenstanders – van rechtse politici tot links-liberale media als Der Spiegel. Vandaar zijn felle uitvallen naar graaiende bankiers en slappe sociaal-democraten. Misschien staat Lafontaine’s hoofd nog wel naar Realpolitik, de hormonen zijn al lang linksaf geslagen.
De hierop volgende discussie in hoeverre media over het privé-leven van politici mogen berichten, werd al gauw verdrongen door nieuwe onthullingen. Het weekblad Focus meldde dat Lafontaine twee jaar geleden verscheidene weken bespioneerd is, door in totaal vier detectivebureaus. Eind 2007 volgden ze hem van een partij-etentje in een Berlijns restaurant naar zijn woning. Een ander team speurneuzen posteerde zich bij het vliegveld. Daar landde die avond een kameraad van Lafontaine, die prompt naar zijn huis ging. Haar naam: Sahra Wagenknecht.
Wie de opdracht gaf tot de spionage is niet bekend. Lafontaine’s partij eist opheldering, maar twijfelt ook over de gepresenteerde feiten. Van een affaire met Wagenknecht zou al helemaal geen sprake zijn. Hoe het ook zij, de socialistische soap is voorlopig van de buis gehaald. Niet voor het eerst is Lafontaine erin geslaagd zelf voor de cliffhanger te zorgen en zo zijn tegenstanders het zwijgen op te leggen. Het persbericht kwam niet lang na het Spiegel-artikel naar buiten. ‘Het gaat om kanker.’ Lafontaine heeft de operatie inmiddels succesvol doorstaan. Begin volgend jaar zal hij uitsluitsel geven over zijn politieke toekomst.
KOEN HAEGENS

Socialistische soap (2)
Londen – Het Britse communisme heeft het stadium van de humor bereikt, geheel volgens Marx’ voorspelling dat de geschiedenis zich eerst als tragedie en vervolgens als farce herhaalt. Bewijs was het optreden van de marxistische vakbondsleider Bob Crow in de satirische BBC-quiz Have I Got News For You. Tussen zijn tirades tegen de EU, kreefteters en het neoliberalisme door probeerde Crow de kijkers aan het lachen te krijgen, al was hijzelf het voornaamste mikpunt van spot. Als een kolchozboer met kiespijn moest hij bijvoorbeeld lachen om het voorstel de opnamen stil te leggen om te onderhandelen over een theepauze.
Hoewel Karl Marx Het kapitaal schreef in de British Library en Lenin zijn derde partijcongres in Londen organiseerde, heeft het communisme nooit tragische hoogten bereikt in het Verenigd Koninkrijk. Omdat ze via democratische weg zelden iets wisten te bereiken, hebben de meestal net iets te serieuze commie’s altijd getracht om via de achterdeur ergens binnen te geraken. Zo werd de geheime dienst in de jaren dertig geïnfiltreerd door de Cambridge Five, vijf academici van wie de kunsthistoricus Anthony Blunt, Bewaarder van de schilderijen van de Koning, de bekendste was.
Een voor de hand liggend doelwit van infiltratie was de Labour-partij, waar ter linkerzijde vaak een neoliberale concurrentiestrijd gaande is tussen trotskistische, leninistische, stalinistische, maoïstische en marxistische spookrijders. Een bekende splinter was de Militant Tendency onder leiding van de affreuze autocraat Ted Grant, door een van zijn ex-kameraden omschreven als ‘een zwerver die altijd een vieze regenjas draagt waar uitgelezen exemplaren van de FT uit bungelen, de indruk wekkend dat hij in de bosjes heeft geslapen’. Binnen post-Blair Labour wemelt het van de bekeerde communisten, tot en met Cathy Ashton, de buitenlandvertegenwoordiger van de EU.
De kortste omweg naar de macht vormden de vakbonden. Binnen het kader waren de communisten altijd oververtegenwoordigd. Zo bleek de beruchte vakbondsleider Jack Jones een KGB-spion te zijn geweest en heeft zijn ambtgenoot Arthur Scargill nooit een geheim gemaakt van zijn droom om een Britse Volksrepubliek te stichten. De mijnwerkersbaas is de leermeester van genoemde Crow, de leider van de vervoersbond in wiens kantoor een buste van Marx staat en banieren van de sovjetspoorwegen hangen.
Hoewel Crow, geboren in de Oliver Twist-buurt Shadwell, volgens velen gelijk heeft met zijn kritiek op Gordon Browns mislukte semi-privatiseringen van de ondergrondse, heeft hij zich impopulair gemaakt door het metroverkeer met de regelmaat van de stationsklok plat te leggen om een hoger loon of biologische melk in de cappuccino af te dwingen. Crow zelf ligt er niet wakker van. Zijn adagium is dat van zijn favoriete voetbalclub Millwall: No One Likes Us, We Don’t Care. Deze houding kwam in de televisiestudio goed van pas.
PATRICK VAN IJZENDOORN

Seks in islamitische context
Rabat – Deze maand publiceerde uitgeverij Le Fennec een handboek seksuele voorlichting, Manuel d’éducation sexuelle, geschreven door de psychiaters-seksuologen Nadia Kadiri en Soumia Berrada. Het werd in de pers juichend ontvangen.
Uit onderzoek blijkt dat binnen het Marokkaanse gezin nog altijd nauwelijks over seksualiteit wordt gesproken. De auteurs kregen meisjes op hun spreekuur die niet konden uitleggen hoe ze zwanger waren geworden, welke handelingen daaraan hadden bijgedragen. Tegen meisjes wordt grosso modo gezegd dat ze zich in moeten houden, niet moeten toegeven. Voor jongens draait het allemaal om viriliteit, die bewezen moet worden. In beide gevallen staat alles in het teken van eer en schaamte. Daarom schreven de auteurs hun boek met name voor jongeren.
Het begint met een quiz die de kennis van de lezer test. Het eerste hoofdstuk ontmantelt de vele vooroordelen: nee, als er de eerste keer geen bloed vloeit, hoeft dat niet te betekenen dat ze een losbandig leven heeft geleid. Nee, van masturberen word je niet blind.
De auteurs deden in 2007 onderzoek naar ‘seksuele problemen’ onder Marokkanen. Ze bespreken nu de ‘gebruikelijke methoden’ om de maagdelijkheid van het meisje te sparen, en ook het seksuele geweld waaraan veel vrouwen onderhevig zijn. Ze vergaten evenmin de islamitische context en wijzen erop dat de koran lichamelijk plezier binnen het huwelijk geenszins als een zonde ziet.
Uiteraard komen ook de verschillende ontwikkelingsfasen van het lichaam aan de orde. En de vragen die jongeren zich kunnen stellen, zoals: waarom ruikt mijn zweet onaangenaam? De verschillen tussen man en vrouw worden helder uiteengezet, met behulp van tekeningen. Dit handboek, dat ook in Arabische vertaling zal verschijnen, voorziet beslist in een grote leemte. KEES BEEKMANS
Bonus as usual
New York – De Amerikaanse economie groeit weer, met 2,8 procent in het derde kwartaal. De beurs trekt weer aan, voor de financiële sector is het weer business as usual. Dus: miljardenwinsten voor Goldman Sachs en JP Morgan, miljoenenbonussen voor hun bankiers. Dit valt, zacht gezegd, niet lekker op een moment dat de werkloosheid voor het eerst sinds 1985 hoger is dan tien procent en meer dan 36 miljoen Amerikanen een beroep doen op voedselbonnen. Volgens een recent verschenen overheidsstudie was in 2008 één op de acht Amerikanen food insecure, een aantal dat dit jaar zeer waarschijnlijk alleen maar is toegenomen.
Aan schuldigen geen gebrek: Bush, Obama, kapitalisme, socialisme, hebzucht, te veel overheidsbemoeienis, het linkse establishment, corporate America en Wall Street – de boemannen zitten overal. Er is echter één slechterik die het in de ogen van alle partijen niet goed gedaan heeft: de Amerikaanse Centrale Bank (‘Fed’).
Nu is kritiek op de Fed zo oud als haar bestaan. Dieptepunt voor de bank was het jaar 1929, toen de Fed niet in staat bleek te voorkomen dat het land in The Great Depression terechtkwam. Volgens sommige latere critici, onder wie de kampioen van het vrijemarktdenken Milton Friedman en de huidige Fed-voorzitter Ben Bernanke, was de Fed destijds zelfs schuldig aan het ontstaan van de depressie. Belangrijk verschil met de jaren dertig is dat de kritiek ertoe leidde dat de Fed juist extra bevoegdheden kreeg toebedeeld, iets waarop nu geen kans bestaat. Veel mensen zijn juist geschrokken van de macht van de Fed. ‘Op dit moment heeft Bernanke twee biljoen dollar aan leningen uitstaan, zonder dat het parlement daaraan te pas is gekomen’, schrijft David Wessel in In Fed We Trust.
Dat sentiment is door de politiek opgepikt. De libertarische Afgevaardigde Ron Paul wil de Fed onder toezicht stellen van het parlement. De Democratische senator Chris Dodd wil de Fed het toezicht op banken (grotendeels) ontnemen en hij wil, overigens net als Obama, een soort ombudsman die consumenten moet beschermen tegen de streken van creditcard- en hypotheekverstrekkers. Beide voorstellen maken goede kans om aangenomen te worden.
Zulke maatregelen zijn zo ingrijpend dat Bernanke een voor een Fed-voorzitter zeer ongebruikelijke stap zette en een opiniestuk publiceerde in The Washington Post, waarin hij zich hard maakt voor een ‘sterke, apolitieke en onafhankelijke centrale bank’. Ondertussen maakt hij zich op voor een reeks kritische hoorzittingen in de Senaat over zijn eventuele herbenoeming.
Het is wellicht niet het soort verandering dat president Obama tijdens zijn verkiezingscampagne voor ogen had, maar Amerika bevindt zich midden in een debat over de vernieuwing, in dit geval inkrimping, van een van zijn invloedrijkste instituten. (Wordt vervolgd.)
MARS VAN GRUNSVEN