In de Wereld

In de Wereld

Willen de echte joden opstaan?
Jeruzalem – Goed nieuws uit het Midden-Oosten, want het slepende Israëlisch-Palestijnse conflict lijkt opgelost. In het opzienbarende boek Matai veéch choemtza hajehoedi (Wanneer en hoe werd het joodse volk uitgevonden) concludeert de Israëlische historicus Shlomo Sand dat het joodse volk nooit heeft bestaan: er was slechts een joodse religie. Ook de verbanning van de joden uit Israël – de diaspora die rond 70 voor Christus tijdens de Romeinse overheersing zou hebben plaatsgevonden en die de basis vormt van de joodse staat – is volgens Sand een fabeltje. De Romeinen verdreven geen naties en misten praktische middelen als treinen of vrachtwagens om joden massaal te deporteren. De Israëlieten bleven dus gewoon in Israël zitten.
Toen de Arabieren het land veroverden, bekeerden deze joden zich grotendeels tot de islam. En dat betekent volgens Sand dat de huidige Palestijnen en niet de geïmporteerde joden, de echte afstammelingen van die eerste joden zijn. Het verhaal van de diaspora werd volgens Sand door christenen verzonnen om joodse zieltjes te winnen. De christenen wilden joden doen geloven dat hun voorouders verbannen waren als straf van God, omdat ze zich niet tot het ware geloof hadden bekeerd. Uit zijn uitgebreide historische en archeologische onderzoek blijkt, aldus Sand, dat de joden die sinds de negentiende eeuw naar Israël emigreerden geen historische band met het land hebben.
Alles goed en wel, maar blijft de vraag: waarom zijn die joden dan over de hele wereld verspreid? Sand vond in de Romeinse literatuur een eenvoudige verklaring. Omdat vele joden zich tot het christendom en de islam bekeerden, ontstond het risico dat het jodendom zou uitsterven. Om zichzelf in stand te houden, werd de joodse religie proselitisch en joden gingen op zoek naar bekeerlingen in Jemen, Noord-Afrika en enkele eeuwen later in Rusland, waar de bakermat voor de Asjkenazische joden van Centraal- en Oost-Europa werd gevormd. De mythe van het verdreven joodse volk, dat over de wereld zwierf en uiteindelijk met de hulp van het zionisme terugkeerde naar het beloofde land, werd door joodse intellectuelen onder invloed van Duits nationalisme in de negentiende eeuw van stal gehaald.
Sands controversiële boek is een bestseller in Israël. De vertaling Comment le peuple juif fut invente bereikte in Frankrijk al zijn derde uitgave en werd onderscheiden met de Prix Aujourd’hui 2009. De Engelse vertaling, When and How Was the Jewish People Invented, verschijnt binnenkort in de VS. Niet iedereen is gelukkig met Sands conclusies. Israëlische historici die gespecialiseerd zijn in de joodse geschiedenis stellen dat Sand – een expert in moderne Europese geschiedenis – veel te grove conclusies trekt en dat hij zijn bronnen niet in de oorspronkelijke taal heeft gelezen. Sand is niet verbaasd over de kritiek: als joden bekeerde christenen en heidenen zijn en Palestijnen eigenlijk de echte joden, haalt dat de legitimiteit van de joodse staat onderuit, en daarmee de huidige aanspraak op het land.
SIMONE KORKUS

Hels dilemma
Parijs – Wie is Tariq Ramadan? Sinds de Geneefse intellectueel en moslimprediker een aanstelling heeft bij de gemeente Rotterdam, wordt ook in Nederland die vraag met enige regelmaat gesteld. In Frankrijk is dat al veel langer het geval. Sinds 1994 om precies te zijn, het jaar waarin de charismatische Ramadan zijn entree maakte in de Franse mediascene. Ramadan wordt verweten met dubbele tong te spreken: fundamentalistisch of zelfs islamistisch voor eigen publiek, gematigd voor de buitenwacht.
Als bewijs hiervoor wordt vaak verwezen naar het beruchte debat dat hij in 2003 op de Franse televisie voerde met Nicolas Sarkozy, op dat moment nog minister van Binnenlandse Zaken. Sarkozy was erop gebrand Ramadan te ontmaskeren en vroeg hem zich uit te spreken tegen het stenigen van vrouwen als straf voor overspel. Ramadan antwoordde toen dat hij voor een moratorium was: niet voor afschaffing maar voor opschorting. Prachtige televisie is het nog steeds: inclusief de gespeelde verontwaardiging van Sarkozy’s toenmalige vrouw Cécilia. Ramadans tegenstanders jubelden; het bewijs dat Ramadan niet deugde was immers geleverd.
De Franse islamoloog Olivier Roy, auteur van het onvolprezen La laïcité face à l’islam (2005), ziet het genuanceerder. Om te beginnen stelde Sarkozy Ramadan voor een lastig dilemma. Voor ieder weldenkend mens is steniging van vrouwen een gruwel. Probleem voor een moslim is echter dat deze straf onderdeel is van de hudúd, lijfstraffen die expliciet door de Koran zijn voorgeschreven.
De vondst van het moratorium stelde Ramadan in staat om trouw te blijven aan de letter van de Koran, terwijl hij de consequentie ervan omzeilde. Volgens Roy impliceert Ramadans standpunt dat de wet van de staat op aarde prevaleert. Daarmee is Ramadan geen fundamentalist of islamist, meent Roy, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Caroline Fourest, de auteur van het onlangs in het Nederlands vertaalde Frère Tariq. Olivier Roy: ‘De staat kent geen hemels koninkrijk en maakt slechts wetten voor het aardse. Het is voor de staat dus van belang dat er daar geen enkele lijfstraf wordt uitgesproken uit naam van religie en meer nog dat er niet een wordt uitgevoerd. De hel is geduldig.’ Een moratorium op lijfstraffen noemt Roy daarom een mooi compromis. ‘Een beetje hypocriet, maar welke religie is dat niet wanneer zij geconfronteerd wordt met de aardse politieke realiteit?’
MARIJN KRUK

Alles moet weg!
Rabat – De inboedel van Marokko’s beroemdste hotel wordt geveild, het Mamounia in Marrakech, niet minder dan een legende. Volgens Winston Churchill was het ‘the most lovely spot in the whole world’, woorden die de Engelse premier sprak tegen Franklin D. Roosevelt in 1943, toen ze vanaf het balkon van zijn suite toekeken hoe het licht tijdens een zonsondergang de verre, besneeuwde toppen van de Hoge Atlas rood kleurde. Churchill had de Amerikaanse president tijdens de Conferentie van Casablanca van januari van dat jaar, waar zij de tactiek van de geallieerden bespraken, overgehaald de Mamounia eens te bezoeken.
Mamounia’s livre d’or – dat overigens niet wordt geveild – getuigt van de vele beroemdheden die er verbleven. Het gastenboek is een van de meest prestigieuze ter wereld, met krabbels van onder anderen Charlie Chaplin, Marlène Dietrich, Charles Aznavour, Tom Cruise en Nicole Kidman, Ronald Reagan, Bill Clinton, Nelson Mandela, Desmond Tutu, Elton John, de Rolling Stones, Omar Sharif, Marcello Mastroianni en Yves Saint Laurent. Hitchcocks The Man Who Knew Too Much (1956), met Doris Day en James Stewart, is deels in het Mamounia opgenomen. Het gerucht wil verder dat de thrillerregisseur op een van de balkons door een zwerm vinken zou zijn aangevallen en zo zijn idee voor The Birds zou hebben gekregen.
La Mamounia dankt zijn naam aan het enorme park dat eromheen ligt. Sultan Sidi Mohammed Ben Abdellah liet het in de achttiende eeuw aanleggen en liet er een residentie bouwen – een huwelijkscadeau voor zijn vierde zoon, prins Moulay Mamoun. In 1922 werd het complex geannexeerd door de Fransen, die de architecten Henri Prost en Antoine Marchisio de opdracht gaven de prinselijke woning tot luxueus hotel om te bouwen. In hun ontwerp trachtten zij de Marokkaanse architecturale traditie met de laatste mode op het gebied van art deco te combineren.
Verschillende renovaties en uitbreidingen – van oorspronkelijk honderd kamers naar inmiddels tweehonderd – zijn sindsdien voltooid, de voorlaatste in 1986, uitgevoerd door André Paccard, de favoriete ontwerper van koning Hassan II. Het legendarische hotel sloot twee jaar geleden zijn poorten voor opnieuw een ingrijpende restyling en moet dit najaar weer opengaan. Maar eerst moet alles weg, in totaal zesduizend veilingstukken, van serviesgoed tot lampen, van fauteuils en tafelzilver tot lakens met de naam van het hotel erop.
KEES BEEKMANS

Elf kilometer muur
om de sloppen van Rio
Sao Paolo – ‘We hebben de muur in Berlijn gehad, we hebben de muren van Palestina en nu die in Rio de Janeiro, de Cidade Maravilhosa, de fantastische stad van de samba en het carnaval. En dat terwijl de georganiseerde misdaad er welig tiert, met verticale en horizontale medeplichtigen in de overheid en in de maatschappij in het algemeen. Wat te doen?’
Dat schreef José Saramago afgelopen week verbitterd in zijn blog. Het was een reactie van de Portugese schrijver op het begin van de bouw van drie meter hoge muren rondom elf sloppenwijken in het rijke zuiden van Rio de Janeiro.
Niet alleen Saramago reageerde geschokt. Itamar Silva, coördinator van het Braziliaanse Instituut voor Sociale en Economische Analyses, zei tegen de krant Folha de São Paulo: ‘De muur scheidt, creëert getto’s. Hij gaat in tegen onze strijd om de favelas onderdeel van de stad te maken.’ Maar volgens de gouverneur van de provincie, Sérgio Cabral, is het doel van de muren natuurbescherming. De sloppen zouden het tropisch bos op de pittoreske bergen van de stad bedreigen. En dus wordt er veertig miljoen reais (13,3 miljoen euro) uitgetrokken om elf kilometer muur te bouwen. Zoals rond Pavão-Pavãozinho en Cantagalo, gelegen tussen de beroemde stranden van Copacabana en Ipanema, en rond de grootste sloppenwijk van Latijns-Amerika, Rocinha, met naar schatting tweehonderdduizend inwoners.
De aankondigde bouw van de muur valt samen met een federaal investeringsprogramma in de favelas. Voor sociale projecten als een crèche, een ziekenhuis en twee sociale centra in Rocinha trekt de overheid 32 miljoen reais (ruim tien miljoen euro) uit. Volgens de ‘voorzitter van de favelas’ van Rio, Rossino de Castro, zijn favelaleiders bang dat hun wijken geen investeringen krijgen als ze zich uitspreken tegen de bouw van de muren.
Opvallend is dat die muren alleen in het rijke zuiden van Rio de Janeiro worden gebouwd, terwijl daar de groei van de sloppenwijken juist het langzaamst gaat. Tegenover een gemiddelde groei van bijna zeven procent tussen 1999 en 2008, groeide de oppervlakte van de uitgekozen favelas in die periode slechts 1,18 procent.
Zelfs de milieubeweging is tegen. Volgens Marcia Hirota, van de ngo SOS Mata Atlantica, is een muur niet de beste methode om illegale bouw tegen te gaan. Volgens haar zou de gemeenschap actief betrokken moeten worden bij de natuurbescherming. Columnist en historicus Elio Gaspari concludeert dat het draait om typisch beleid van Rio de Janeiro, gebaseerd op dreiging, het primaat van de belangen van de rijke bevolking en corruptie.
STIJNTJE BLANKENDAAL

Joost se seksvideo
Johannesburg – Het fijne van schrijvers is dat zij zelfs het meest banale tot iets fraais kunnen verheffen. Neem Joan Hambridge’s interpretatie van de ‘Joost seksvideo’, een schandaal dat in Zuid-Afrika al sinds februari de dreigende vervolging van ANC-leider Jacob Zuma geregeld van de voorpagina’s verdringt. Hambridge haalt Focaults Madness and Civilization erbij, popmuziek en zelfs het Midden-Oosten.
Een korte recapitulatie. Het betreft hier voormalig toprugby’er Joost van der Westhuizen, aanvoerder van het nationale rugbyteam, de man die maar liefst 89 interlands speelde, een goed christen is en getrouwd is met de bloedmooie Amor. Maar Joost, nationaal rolmodel, was met een verborgen videocamera gesnapt, terwijl hij met een grotendeels ontklede dame ‘een wit poeder’ snoof en op orale seks aanstuurde.
Het sensatieblaadje Heat was het eerste dat over het bestaan van de video berichtte. De zondagskrant Rapport pakte het verhaal op en drukte wat vage foto’s af van een man met een gespierde torso die met zijn neus boven een lijntje poeder hangt. Ook zien we een uit een roze slipje puilende bilpartij van een onbekende dame. Op de achtergrond moet Go Your Own Way van Fleetwood Mac hebben geklonken.
Joost ontkende in alle toonaarden. ‘My hart is by die Here’, zei hij vroom. Dit was een dubbelganger! Ingehuurd om hem zwart te maken. Er werden deskundigen bijgesleept die de schimmige beelden op hun authenticiteit testten. Joost huurde op zijn beurt een privé-detective in en dreigde met rechtszaken. Er circuleerden namen van Joosts ‘vijanden’. Iemand vertelde in Rapport dat hij achter de video zat, omdat Joost een arrogante zak was die dacht dat hij ieder meisje in bed kon praten, of ze nu met hun vriend uit waren of niet.
Net toen het schandaal in zijn eigen ranzigheid leek te smoren, kwam Rapport met een nieuwe voorpaginaonthulling: ‘Hier is die vrou in Joost se seksvideo.’ We maakten kennis met de 24-jarige blonde danseres Marilize, die in ruil voor geld voor een borstvergroting opbiecht dat zij de ‘filmster’ in de video is. Samen met haar partner en twee vrienden had ze besloten Joost stiekem te filmen om te bewijzen dat hij een ontrouwe, nare drugsgebruiker is die niet als rolmodel voor sporters, kinderen en christenen mag dienen. Een paar dagen later was Joost zijn baan als presentator bij SuperSport kwijt.
Hambridge vergelijkt het met een openbare afranselpartij in het Midden-Oosten en verwijst naar Focaults ‘technologie van straf’ die zich in de media voltrekt. Ze ziet ook poëzie: in de weerloosheid van Joost als hij in de video oncontroleerbaar opgewonden zijn benen optrekt. En op de achtergrond klinkt Fleetwood Mac, de band waarin de echtelijke relaties door drugs en overspel werden verscheurd. ‘You can go your own way. You can call it another lonely day.’
FRED DE VRIES

The English Patient
Londen – De kolossale hangar in de Oost-Londense Docklands was de ideale omgeving voor de door Gordon Brown georganiseerde G20-bijeenkomst. In deze contreien vormen de verroeste hijskranen en gerenoveerde pakhuizen een herinnering aan het imperiale Britse verleden, net zoals de wolkenkrabbers op Canary Wharf een aandenken dreigen te worden aan Londen als financiële hoofdstad, waar meer anarchie heerste dan bij de puik georganiseerde optochten van anarchisten in de middeleeuwse straten van de City.
De Britse premier moet gemengde gevoelens aan de top hebben overgehouden. Aan de ene kant kon hij zich profileren als staatsman, aan de andere kant was het de ter aarde bestelling van het geïmplodeerde financiële model waarvan hij jarenlang heeft geprofiteerd. Terwijl de show werd gestolen door de Obama’s en de bewonderenswaardige Braziliaanse president Lula, boekten de Duitsers een uitoverwinning. Reeds voor de plenaire vergadering ondermijnden ze het Angelsaksische plan om nog veel meer geld te pompen in de wereldeconomie. De prudente Duitse minister van Financiën Peer Steinbrück ergert zich al tijden aan het hyperkeynesiaanse beleid van Brown.
Ook aan een andere ergernis van de Duitsers werd tegemoetgekomen: de vrijheid van de hedgefondsen. Tijdens een G8-top twee jaar geleden hadden de Duitsers wegens wantoestanden (zoals short selling) al gepleit voor meer toezicht, maar daar voelde Brown indertijd niets voor. Inmiddels wel. Nog vers in het geheugen lag de revanche van de Duitsers op enkele Britse hedgefondsen, afgelopen oktober. In het diepste geheim hadden Porsche en de deelstaat Nedersaksen een meerderheidsbelang genomen in Volkswagen. Na de bekendmaking ervan schoten de Volkswagen-koersen omhoog en leden de casinokapitalisten in Piccadilly 24 miljard pond verlies.
Het is natuurlijk niet zo dat er geen toezicht was in Londen, maar de Financial Services Authority reed als een auto op een ravijn af, terwijl de bestuurder de kaart zat te lezen en zijn bijrijder een technische handleiding. De voorzitter van de waakhond, Lord Turner, had bij Merrill Lynch nota bene een rol gespeeld in de ondergang van de zakenbank. Hij is een van de dubieuze deskundigen met wie het economische ‘wonderkind’ Brown zich de afgelopen jaren heeft omringd. Veel van hen bleken gebruik te maken van belastingparadijzen, wat interessant is omdat Browns postkoloniale voorstel om zulke oorden aan te pakken een van de G20-afspraken is. Zo waren daar zijn eerste handelsminister Lord Simon (Jersey), zijn topambtenaar Glen Moreno (Liechtenstein) en de huidige City-minister Lord Myners (Jersey én Bermuda). Wanneer Brown serieus is met het aanpakken van belastingparadijzen, kan hij trouwens het beste thuis beginnen, want dankzij zijn speciale niet-ingezetenenregeling wonen de rijksten der aarde – van Laksmi Mittal tot Roman Abramovich – in een voor hen belastingvrij Londen. Hij zal het niet doen, want na de crisis zal Londen meer dan ooit een Disneyland voor de rijken worden, waar de gewezen derivatenhandelaren uit de Docklands de Black Cabs besturen.
PATRICK VAN IJZENDOORN