In Marokko

In Marokko

Verreweg de meeste bezoekers zijn enthousiast over de dit jaar voor het eerst georganiseerde Nederlandse Filmweek, maar de gematigde-islamistenpartij PJD zou de PJD niet zijn als men niet wat te zeiken had, want dat doet men bij ieder festival, of het nu muziek of film betreft. Volgens de krant Attajdid (Vernieuwing), spreekbuis van de PJD, bevatten de Nederlandse films ‘te veel bloot en seks’, en is het een schande dat dergelijke films worden vertoond aan ‘families met minderjarige kinderen’. Het ANP pikte het bericht op en zo werd ‘de ophef over het Nederlandse filmfestival’ zelfs tot nieuws in Nederland. In Marokko intussen was van enige ophef buiten de krant Attajdid niks te merken en ging het vertonen van de films in verschillende steden gewoon door, tot groot genoegen van de bezoekers.

De filmweek, georganiseerd door de Nederlandse ambassade, begon in Rabat, verplaatste zich vervolgens naar Nador in de Rif, stad waar veel Nederlandse Marokkanen hun wortels hebben, verhuisde toen naar Larache aan de Atlantische Oceaan, niet ver van Tanger, en sluit deze week af in Azemmour, ten zuiden van Casablanca. Openingsfilm is in alle vier de steden de multiculti-komedie Het Schnitzelparadijs van Martin Koolhoven, een soort vervolg op Shouf Shouf Habibi, die in Marokko een groot succes was. Een doorn in het oog van de PJD zal vooral Leef! zijn geweest van Willem van de Sande Bakhuyzen, want daarin neuken mensen. Verder waren onder andere te zien Karakter van Mike van Diem, de kinderfilm Polleke van Ineke Houtman, waarin het elfjarige meisje Polleke verliefd wordt op de Marokkaanse Mimoun, de betrekkelijk rauwe documentaire I Am Mohammed, over het leven van Marokkaanse jongens in Rotterdam, en Nynke, dat het huwelijk van kinderboekenschrijfster Sjoukje Bokma de Boer met staatsman Pieter Jelles Troelstra als onderwerp heeft. Deze laatste film, die vooral gaat over Sjoukje’s emancipatorische strijd – socialist Troelstra wilde haar achter het fornuis houden – is als ‘vrouwenfilm’ op het programma gezet, met de bedoeling een discussie in de zaal uit te lokken – wat volgens ambassademedewerkster Angela Jansen, die het programma samenstelde en overal bij was, geen enkele moeite kostte: ‘Ik had het gevoel dat vrouwen eindelijk eens de ruimte kregen om te praten. Er is veel gesproken over gevoelens, of liefde belangrijk is in een huwelijk, sommige vrouwen vertelden hun hele levensverhaal. Ik vond het indrukwekkend.’ Naar aanleiding van de film Polleke, waarin een kinderverliefdheid breed uitgemeten wordt, kreeg ze opmerkingen uit de zaal als dat het zo jammer was dat zoiets hier niet kon, dat voor dat soort emoties – een gewone verliefdheid – in Marokko nog geen ruimte was.

In Rabat werd de Nederlandse Filmweek direct gevolgd door de Week van de Europese film, met onder andere Zwartboek van Paul Verhoeven op het programma – voor Rbati’s, wil ik maar zeggen, is het aanbod op cultureel gebied heel redelijk. Steden als Nador, Larache en Azemmour komen er kariger vanaf – voor Angela Jansen een van de redenen juist die steden uit te kiezen: ‘Mensen zeiden tegen me: we hebben hier nooit iets. Ze zijn zo blij dat er eens wat gebeurt. Voor mij is dat nog het leukste om te merken, dat mensen zo enthousiast zijn.’ In Nador werden voor Polleke ook kinderen uit een jeugdgevangenis uitgenodigd, in Larache kinderen uit een weeshuis.

Overigens waren niet alle bezoekers, hoe enthousiast ook, het altijd eens met de inhoud van een film. Vooral I Am Mohammed kreeg kritiek. De docu geeft nu niet bepaald een rooskleurig beeld van hoe Marokkaanse jongens in Rotterdam leven, en de Marokkanen die de film in Nador zagen, weigerden te geloven dat hier een objectief beeld werd geschetst. Voor deze mannen is Nederland, Europa in het algemeen, een droom, en die droom wordt in stand gehouden door de jaarlijks terugkerende migranten, die tijdens hun vakanties graag succes uitstralen. Was het misschien de bedoeling van de documentairemaker, aldus de wantrouwende Nadorezen, hen te ontmoedigen? De enkeling die in de zaal zat en in Nederland had gewoond, zei: ‘Ik probeer ze er al jarenlang van te overtuigen dat Europa niet het paradijs is, maar dat wil niemand geloven.’ Hij was blij steun van de documentaire te krijgen.

Dromen zijn een kostbaar bezit, en de slotsom van het debat naar aanleiding van juist deze documentaire was dan ook: ‘Misschien zit er iets van waarheid in, maar we willen toch.’ Toch weg uit Nador. Angela Jansen vond het wel opvallend dat men er ‘alleen het slechte uitpikte. Ze zien alleen de criminele jongens en worden dan boos omdat we hun landgenoten zwartmaken. Maar de jongens die knokken en het redden zien ze niet.’ Misschien omdat zelfs dat knokken en het redden niet in die droom past.