In Marokko

In Marokko

De families van de werknemers die zijn omgekomen bij de brand drie weken geleden in een matrassenfabriek in Casablanca hebben van de koning vijftigduizend dirham (bijna vijfduizend euro) gekregen. Voor de meeste van deze families is dat een behoorlijk bedrag – anders werkte hun vrouw, moeder, dochter, zus, man, vader, zoon of broer niet in die fabriek. Want die verdienden daar niet meer dan tweeduizend dirham per maand, als ze al zo veel kregen.

Een journalist schreef dat vijftigduizend dirham kennelijk de prijs was van een mensenleven in een volkswijk in Marokko. Tja. Als je dat bedrag als schadeloosstelling ziet, is het inderdaad niet veel. Heel wat families zullen afhankelijk zijn geweest van dat ene inkomen. Zij hebben dat nu twee tot vier jaar doorbetaald gekregen, en daar zullen ze blij mee zijn, zij het dat het nu net is of de persoon die men verloren heeft – diens of haar leven – is teruggebracht tot die twee tot vier jaar. Maar dat is cynisme.

Is het de taak van de koning de families van de slachtoffers van deze brand schadeloos te stellen? Nee. Dat is de taak van de Caisse Nationale de la Sécurité Sociale (CNSS), waarbij werknemers in de privé-sector verplicht verzekerd zijn. De CNSS heeft het bedrag dat ze aan de nabestaanden van de slachtoffers gaat uitbetalen inmiddels vastgesteld op ruim negenduizend dirham. Men heeft ook vastgesteld dat de families van negentien omgekomen werknemers daar recht op hebben.

Negentien. Er zijn 55 werknemers omgekomen, 29 vrouwen en 26 mannen. Laat niemand zeggen dat vrouwen in Marokko niet van hun man de deur uit mogen (om te gaan werken), maar dit terzijde. Onder de slachtoffers waren er dus 36 die niet geregistreerd stonden bij de CNSS – dus zwart werkten. In Marokko gaat het vaak zo dat men eerst een periode – zeg, een jaar – zwart moet werken, en dat dan vaak ook bijna voor niks, eer de baas ertoe overgaat, als hij dat überhaupt al wil, je te ‘registreren’, wat duur is voor hem, want dan moet hij niet alleen allerlei lasten gaan afdragen maar ook minstens het minimumloon van tweeduizend dirham per maand gaan betalen – zolang je zwart werkt kan hij minder betalen en zal hij dat ook doen, want voor jou een ander. Voor de niet-geregistreerden is er in ieder geval nog die uitkering van de koning – al bestonden ze voor de staat dan niet als werknemer, ze waren natuurlijk wel onderdanen van Mohammed VI.

Ik herinner me niet dat bij de nieuwjaarsbrand in Volendam koningin Beatrix de families van de slachtoffers geld heeft gegeven, en als ze dat wel heeft gedaan, dan zullen de mensen daar niet op zo’n nederige manier blij mee zijn geweest als hier in Marokko. Nederlanders hebben een andere relatie met hun vorstenhuis dan Marokkanen. Ik schreef vorige week al dat, terwijl de vlammen uit de ramen van de matrassenfabriek sloegen, een helikopter overvloog en de omstanders riepen dat het de koning was. Als het in de winter te lang niet regent, wat een ramp is voor Marokko, verordonneert de koning een regenbede in alle moskeeën in het hele land. En bij de brand in de matrassenfabriek – de grootste industriële ramp in de geschiedenis van Marokko genoemd – is de koning daar opnieuw om de noden te lenigen. Het is opnieuw cynisch om het een publiciteitsstunt te noemen, dat is het ook niet, maar kwaad kunnen die vijftigduizend dirham in een enveloppe in dit opzicht evenmin. Voor een campagne is 55 keer vijftigduizend niet eens veel. Je zou zeggen dat de Marokkaanse koning, die veel meer macht heeft dan de Nederlandse koningin, zo’n campagne niet nodig heeft, maar we moeten niet vergeten dat Marokko zich in de richting van een democratie beweegt – ik zeg het voorzichtig.

De Marokkaanse mensenrechtenorganisatie AMDH doet – net als die ene journalist – ook zuur over die vijftigduizend dirham en noemt het ‘zwijggeld’. Het irriteert de AMDH dat de mensen zo blij zijn met dat geld – zich zelfs gevleid voelen dat de koning toch maar aan ze heeft gedacht en ze zo’n enorm bedrag geeft (wat tenslotte niemand anders doet). Blije mensen maken geen problemen, en de AMDH heeft die families wel nodig om de werkomstandigheden in deze fabriek in het bijzonder en in Marokko in het algemeen aan de kaak te stellen. Voor de families van de omgekomen zwartwerkers doet de AMDH zijn best alsnog van de CNSS die overlijdensuitkering los te krijgen.