IN MAROKKO

IN MAROKKO

RABAT – In een klein kantoor van het vakbondsgebouw even buiten het centrum van Rabat slaat Samir een schrift open. Een hele bladzijde is gevuld met namen en telefoonnummers van «gediplomeerde werklozen». Ieder telefoonnummer, iedere naam, staat voor een andere groep. Er zijn er tientallen, de ene groep verenigt werklozen met een technische beroepsopleiding, de andere een groep werklozen met een academische graad. Elk van die groepen demonstreert bijna dagelijks voor het een of andere ministerie. Mij is het te doen om de groep werklozen die aangeduid wordt als de «dragers van koninklijke brieven».

Maar die staan niet in het schrift van Samir. «We hebben niets met ze te maken.» Hij legt uit dat ze niet graag onderscheid maken tussen de

ene werkloze en de andere, iedereen heeft evenveel recht op werk. Een be roep doen op een koninklijke brief heeft iets, zo doet Samir het voorkomen, van voorkruipen. En daar werken ze hier in het vakbondsgebouw niet aan mee.

Maar Samir kan me wel helpen aan een telefoonnummer. Een dag later zit ik op het zonnige terras van Hotel Balima met drie bezitters van koninklijke brieven aan een tafeltje. Waarom? Omdat vier leden van deze groep zichzelf een maand geleden in brand hebben gestoken, tijdens een demonstratie voor het ministerie van Gezondheid, en daarbij ernstige verwondingen hebben opgelopen. Een van hen heeft zelfs twee weken in coma gelegen en nog altijd is zijn toestand kritiek.

Van de drie mannen rondom het tafeltje zijn er twee achter in de twintig en is er een tegen de veertig. Twee hebben een technische opleiding, een in «sanitaire voorzieningen en acclimatisering», de ander in de informatica, en Mounem, de jongste, is accountant. Vooral Mounem, die het beste Frans spreekt, voert het woord maar de anderen vullen hem af en toe aan. Alle drie zijn al bijna tien jaar werkloos. En alle drie bezitten sinds een jaar of zeven, acht, een koninklijke brief.

In die brief verzoekt de koning – indertijd nog als kroonprins – de drager ervan aan een baan te helpen. Het verzoek is gericht aan de overheid, ja aan willekeurig welke verantwoordelijke overheidsfunctionaris dan ook: waar binnen een overheidsdienst een geschikte baan zou zijn, daar zou een der dragers die baan moeten krijgen. De brief hebben de dragers indertijd verkregen door een audiëntie bij de kroonprins aan te vragen. «Iedereen kan dat doen. Je krijgt hier makkelijker de koning te spreken dan de premier», aldus Mounem.

Er waren ooit 72 dragers, van wie de meeste inmiddels een baan hebben gekregen. Er zijn er nu nog twintig over. Die twintig demonstreren sinds drie jaar dagelijks, van ’s ochtends acht tot ’s middags vijf, meestal voor het ministerie van Werk, tot nog toe zonder resultaat. Soms hebben ze een gesprek met een hoge ambtenaar, maar, zegt Mounem, terwijl de anderen instemmend knikken, die belooft wel van alles maar hij lost zijn beloftes nooit in.

Daarom besloten ze aan maand geleden de druk op te voeren tijdens een demonstratie voor het ministerie van Gezondheid. Ze namen flessen gevuld met benzine mee, en dreigden zichzelf te overgieten en in brand te steken als men nu niet over de brug kwam. Volgens Mounem, en de anderen knikken weer, was het nooit de bedoeling zichzelf daadwerkelijk in brand te steken. Dat het zo ver kwam is de schuld van de politie.

In de pers zijn de demonstranten afgeschilderd als lieden met wie niet te praten valt en die kennelijk tot alles in staat zijn. Op de twee Marokkaanse tv-kanalen zijn alleen gezagsdragers aan het woord gelaten, een weerwoord hebben de demonstranten niet gehad. Er werd evenmin vermeld dat dit werklozen met een goede opleiding zijn, met een diploma, en dat zij over een koninklijke brief beschikken. De berichtgeving is de groep een doorn in het oog. Mounem: «Men heeft het doen voorkomen alsof wij een stel grappenmakers zijn, een stel onverantwoordelijke idioten.»

En dus weet niemand wat er werkelijk ge beurd is. Volgens Mounem heeft de politie op zeker moment ingegrepen en de flessen benzine willen afpakken, en tijdens die schermutselingen is een aantal demonstranten half met benzine overgoten geraakt. Toen de politie vervolgens ook de aanstekers uit de handen van de demonstranten begon te trekken, hebben vier demonstranten vlam gevat. «Eerst drijven ze ons tot dit soort acties, en als het door hun toedoen misgaat geven ze ons nog de schuld ook.»

Deze versie, merk ik, vindt onder Marokkanen weinig geloof. Men heeft sowieso weinig op met al die gediplomeerde werklozen die maar blijven demonstreren, het verveelt de mensen. Men gelooft dat deze demonstranten, omdat de publieke opinie zich tegen hen heeft gekeerd, zich er nu uit proberen te draaien.