In Marokko

In Marokko

Het is beter met Marokkanen geen gesprek over joden te beginnen, want de doorsnee Marokkaan moet niets van joden hebben. Ik ben een paar keer tegen wil en dank in zo’n gesprek verzeild geraakt en dan zie je iemand van wie je dacht dat-ie een redelijk man was veranderen in een paranoïde krankzinnige. In Israël eten de joden Palestijnse baby’s! Ze hebben Issa (Jezus) verraden want ze hebben gekozen voor de weg van de sjeitan, de duivel. Bush doet alles wat de joden zeggen. Et cetera. Het kan allemaal bij het afval.
In Marokko woonde een grote joodse gemeenschap. In iedere oude medina heb je nog een mellah, een joodse wijk, die daarvan getuigt. Veel joden wonen er nu niet meer. De meesten, een paar honderdduizend, zijn in de tweede helft van de vorige eeuw vertrokken, om verschillende redenen. Er zijn er nu nog een kleine tienduizend. Ik ken er twee, de eigenaar van restaurant Zerda in Rabat, die zijn gasten in de loop van de avond onthaalt op Andalusische klaagliederen, iets wat de stemming er altijd weer in brengt, en een man die in Casablanca woont en die zich jungleboy noemt, hij doet iets met slangen. De restauranthouder heeft over klandizie niet te klagen, zijn restaurant is populair, en de jungleboy zei me dat hij graag in Marokko was – een deel van het jaar woont hij in Israël. Dus veel druk voelen deze mensen niet. De echte woede richt zich ook niet op Marokkaanse joden, lees: op buren of kennissen, maar op de Israëlische joden, die de Palestijnen hun land hebben afgepakt en ze sindsdien onderdrukken en vermoorden. Dat zijn de ware duivels. Zou hier een referendum komen met de vraag: zijn de Israëlische joden duivels, dan zou negentig procent daar ja op zeggen. Ik overdrijf niet. Het geldt voor de hele Arabische wereld.

En daarom is sinds de laatste Israëlische oorlog, de ‘Augustusoorlog’ tegen Hezbollah in Libanon, Hezbollah-leider Hassan Nasrallah voor Marokkanen de grote held. Marokkanen, net als de meeste of misschien wel alle Arabieren, leven met een minderwaardigheidsgevoel. Ze voelen zich klein. Ze voelen zich niet serieus genomen. Ze hebben het gevoel dat ze onderdrukt worden, omdat ze niks in te brengen hebben. Niks in te brengen hebben bij wie? Bij hun eigen regering. Dat ten eerste. En ten tweede bij het Westen. De eigen regering wordt gevormd door rijke en arrogante mensen – en zij zijn arm. Die rijken doen wat ze willen. Ook het Westen is rijk en arrogant en doet wat het wil.

Het Arabische minderwaardigheidsgevoel is een dubbel minderwaardigheidsgevoel. De trots van de Arabische volkeren is geknakt door hun eigen dictatoriale leiders en door het arrogante Westen. De woede richt zich op het Westen, want op de eigen leiders kan men die niet richten.

En dan is daar plotseling Nasrallah, die het machtige joodse leger weerstaat. Hij is in Marokko populairder dan Bin Laden. Bin Laden, schat ik zo, had de helft van de Marokkanen achter zich, niet iedereen kon zich vinden in zijn methodes. Het is ook een rare kerel. Nasrallah is geen terrorist. Nasrallah is een gewoon en goed mens. Luister maar naar zijn speeches, de eenvoud van zijn woorden. Nasrallah doet ook wat hij zegt. De Marokkanen hebben het gevoel dat dit een man is die zij kunnen vertrouwen. Hun eigen koningshuis vertrouwen ze niet, dat is te lang een vijand geweest. Nasrallah is er werkelijk voor zijn volk. Hij is geen dictator, geen uitzuiger.

Marokkanen volgden zijn speeches massaal, via de satelliet, en voor het eerst in de geschiedenis zijn in de straten van Casablanca tijdens demonstraties – tegen Israël – gele sjiitische vlaggen geheven. Marokkanen zijn soennieten. Nasrallah is sjiiet. Dondert niet, hij is moslim! Dit was de man die Israël op de knieën dwong. Hij gaf de Marokkanen hun moslimtrots terug en blies zelfs oude hoop nieuw leven in: als er iemand was die Jeruzalem kon bevrijden, dan was het Nasrallah. Er werd lange tijd niet over gesproken omdat Israël onverslaanbaar werd geacht, maar vergeten werd het niet, de bevrijding van de heilige stad, en nu, met Nasrallah… Die demonstraties overigens waren georganiseerd door comités die solidair zijn met de Palestijnse en Iraakse volkeren, die twee worden tegenwoordig in één adem genoemd.

Nasrallah belichaamt voor Marokkanen al het goede. Hij is een man gebleken die eenheid kan smeden: sjiieten, soennieten, christenen, wat niet al, iedere Libanees stond achter de Hezbollah-leider. En ook de Marokkanen staan achter hem. Nasrallah heeft korte metten gemaakt met de lange geschiedenis van een minderwaardigheidsgevoel. Zijn overwinning op de joden is de overwinning van alle moslims op de joden, en op het Westen, een wegwassen van alle vernederingen hun aangedaan. Voor Marokkanen is de gewone man Nasrallah dé Arabische leider van dit moment.