Kees Beekmans

In Marokko

Stel, het was geen staat, Amerika, maar één man die vond dat Saddam daar niet in Irak kon blijven zitten en het op zich nam de dictator te verwijderen en Irak aan een democratie te helpen. Deze man zou zijn voornemens publiek maken, in kranten en op televisie zeggen dat het nu genoeg was, dat Saddam in het geheim bezig was kernwapens te maken, dat het de hoogste tijd was met hem af te rekenen en dat hij die taak op zich zou nemen. Hij zou Saddam weghalen en van Irak, nu het belangrijkste obstakel was verwijderd, een vredelievend en democratisch land maken, waarin iedereen gelukkig zou zijn.

Hoe lang zou deze man, die al snel voor een gek gehouden zou worden, door hebben kunnen gaan met bommen op Irak gooien? Hoeveel Irakezen moesten zijn gesneuveld eer iemand bedacht zou hebben: deze man moet worden gestopt? En zelfs als het deze ene gek zou lukken Saddam weg te halen uit Irak, wat zou de wereld daarna van hem hebben gezegd, gezien de burgeroorlog die daarna in Irak zou zijn uitgebroken? Deze man zou voor een misdadige onruststoker en een krankzinnige gehouden worden, men – de wereld – zou hem zo snel mogelijk opsluiten.

Wat is het verschil tussen één man en een staat? Eén man kan worden tegengehouden, Amerika, de sterkste staat ter wereld, niet. Velen vinden het, achteraf gezien, krankzinnig wat Amerika aan het doen is. Voordat Amerika Irak binnenviel, waren er veel minder die die plannen krankzinnig vonden. Waren het de plannen van één man geweest, dan had het anders gelegen. Waarom wordt de waanzin van een collectief – een land, een staat – gemakkelijker geaccepteerd dan de waanzin van één mens? Omdat collectieve waanzin geen waanzin meer is.

In Marokko doet men aan ramadan, dat is collectieve waanzin, maar iedereen vindt het normaal. In Nederland zijn we tijdens die maand lief voor de moslims, hoe idioot we die ramadan in wezen ook vinden. Ondertussen begint zo langzaamaan iedereen moslims te vrezen en te denken dat ‘ze’ het land gaan overnemen en de Nederlanders zullen dwingen ook aan ramadan te doen. Dat is de collectieve paranoia die in Nederland weer voor normaal wordt gehouden. Uiteraard komt uit die angst niks goeds voort.

Wie leeft niet in angst? De broer van Touria is onlangs een zeer strenge moslim geworden, hij is zoals dat in Nederland heet ‘geradicaliseerd’. Hij leest alleen nog maar de koran en is nu ook tegen het huwelijk van zijn zus – want een huwelijk met een Europeaan is haram, zonde. Ik zei al dat uit angst niks goeds voortkomt. Die broer van Touria wordt geobsedeerd door de angst niets te zijn. Hij is 25, al drie of vier jaar werkloos, teert nog op de zak van zijn vader, hij is een mislukkeling. De enige manier om van zichzelf nog iets te maken, is door een zeer goede moslim te worden. Tenslotte is niets belangrijker dan dat. En het helpt. Hij heeft in zijn wederopstanding als moslim de kracht gevonden nu iedereen in huis van alles op te leggen of te verbieden – als mislukking beschikte hij niet over die kracht.

Zou Bush ook door de angst niets te zijn geregeerd worden? Daar is Saddam, dat mannetje, die likdoorn, die het waagt de sterkste staat ter wereld uit te dagen, die het waagt hém uit te dagen. De sterkste staat ter wereld die door een mier kan worden bespot, is niets tenzij die staat die mier vertrapt. Om niet niets te zijn moet de sterkste staat ter wereld Saddam vertrappen, zoals de broer van Touria zich nu gedwongen ziet met termen als haram te schermen – lees: anderen de wet voor te schrijven – wil hij zich niet niets voelen.

De Arabische wereld wordt door het Westen als een tweederangswereld beschouwd, een wereld van onverlichte idioten, van armoedzaaiers bovendien – op een kleine rijke bovenlaag na. Een wereld van proletariërs, die om niets in woede ontsteken en dan vlaggen gaan verbranden. Iedereen begrijpt dat ze daaraan kracht ontlenen, aan het protest. De sloeber die een Amerikaanse vlag verbrandt, voelt zich heel wat groter dan de sloeber die thuis zit te miezeren, ja, even groot als zijn vijand, de sterkste staat ter wereld.

Ieder mens heeft de behoefte zich scherper te definiëren. Men gaat dan al snel ergens tegen ageren, zoals de vlaggenverbrander of de broer van Touria, want dat voelt goed. Als iedereen dat nu op zijn eigen manier doet, is er geen probleem. De een is tegen dit, de ander tegen dat. Maar als iedereen het op dezelfde manier doet, komen er groepen die zich afzetten tegen – bijvoorbeeld – andere groepen, Nederlanders tegen moslims, en omgekeerd. Collectieven in de greep van dezelfde waanzin, dat is geen waanzin meer, dat heet normaal. In die staat ben je dicht bij oorlog.