In Marokko

In Marokko

Wat moet je aan met verkiezingen in Marokko (7 september)? Die zijn nogal saai, vinden Marokkanen zelf ook. Dit land telt 33 miljoen inwoners. De helft daarvan is kiesgerechtigd. Het zou me verbazen als de helft daar weer van bij de verkiezingen kwam opdagen. Dat levert immers niks op.

In dit land scharrelen de meeste kiezers als kippen rond. Van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat schrapen ze met hun poten over de grond, op zoek naar iets eetbaars. De koning, bijgestaan door een kleine elite, verzamelt de eieren. Anders gezegd: zestig procent van de kiezers beschikt over geen opleiding, vijftien procent heeft alleen de lagere school doorlopen en nog eens vijftien ook de middelbare school. De tien procent die overblijft behoort tot de elite: in de politiek, in het bedrijfsleven. Het zijn de eierverzamelaars.

De kippen weten dat ze hun hok niet uit kunnen, nu niet en straks ook niet. Ze dromen van Europa, daar waar de rijke toeristen vandaan komen, omdat ze binnen het hok moeten overleven van die paar graantjes die ze dagelijks oppikken. Veel meer is daar niet. Gezondheidszorg? Scholing? Werk? Toekomst? Het is allemaal even bedroevend, en verkiezingen veranderen daar niks aan. En al doen die toeristen allemaal heel vriendelijk, ze houden hun grenzen wel dicht. Ook hier heeft stemmen weinig zin.

En misschien dat veel van die on- en halfgeletterden er ook nog vanuit gaan dat niet de koning en zijn kliek Marokko bestieren, maar Allah. En die heeft het niet nodig dat op hem wordt gestemd.

Paradoxaal genoeg vindt men onder gelovigen tegelijk de grootste politieke oproerkraaiers : de islamisten van de Parti de la Justice et du Développement. Deze PJD wil niet alleen dat Marokkanen allemaal goede moslims zijn maar zegt ook op te komen voor de arme mensen, waarvan er een hoop zijn. Men wil betere huizen en betere gezondheidszorg en beter onderwijs en meer werk. En men wil de alomtegenwoordige corruptie bestrijden. Met deze ideeën – tegelijkertijd socialistisch én conservatief – boekt men succes. De PJD, een betrekkelijke nieuwkomer, tot nog toe in de oppositie, wordt dit jaar naar alle waarschijnlijkheid de grootste politieke partij. Een halve eeuw lang domineerden de onafhankelijkheidspartij Istiqlal en de socialistische partij USFP het politieke bestel – maar nu krijgen ze te maken met deze mild-fundamentalistische nieuwkomer PJD.

Wat maakt die PJD nu zo aantrekkelijk? Ah! Niet zo eenvoudig. Ten eerste ziet de gewone Marokkaan politici als dieven en zakkenvullers, niet helemaal ten onrechte. Daarop stemt hij dus niet. Een uitzondering is voor sommigen – die toch wel willen stemmen – de PJD, die haar handen nog nooit vuil heeft hoeven maken. Ten tweede zijn het verwarrende tijden. Mondiaal is er de polarisatie tussen de islam en het Westen. Binnen de landsgrenzen rukt het Westen – het moderne leven – ook op. Eeuwenoude tradities, zoals de rolverdeling tussen man en vrouw, waarbij de vrouw er als persoon weinig toe doet, dreigen te verdwijnen. Er is een schreeuwende werkloosheid, die vooral jongere mannen treft, die dus gefrustreerd rondlopen. Velen neigen terug te grijpen op een geïdealiseerd verleden, waarin alles duidelijk was, waarin de islam het leven in al zijn facetten domineerde en men niet aan zijn identiteit hoefde te twijfelen. Dit soort verschijnselen verklaart het succes van de PJD bij soms heel verschillende kiezers: hoogopgeleide werklozen, analfabete krottenwijkbewoners, comfortabel levende notabelen.

De elite wacht de uitslag van de verkiezingen natuurlijk niet lijdzaam af – daarvoor heeft men te veel te verliezen. Uit allerlei landen komen straks waarnemers en die gaan zeggen dat de verkiezingen in Marokko heel eerlijk zijn verlopen. Dat klopt dan ook. Maar ze zeggen er niet bij dat de uitslag vooraf al vaststond, onder meer doordat men hier met kiesdistricten werkt, en door de grenzen daarvan met beleid te trekken valt vrij nauwkeurig te voorspellen hoeveel stemmen die PJD precies gaat krijgen.

De grootste partij, vooruit, dat houdt men dan niet tegen. Maar niet zó groot dat men te machtig wordt. De PJD zal vermoedelijk dan ook niet – nog niet – willen regeren. Men laat dat nog een termijn over aan de traditionele partijen, nu al een bloedeloos zooitje, over vier jaar hopelijk op sterven na dood. Nog een paar jaar in de oppositie komt de PJD niet slecht uit. Draagvlak vergroten. Macht verzamelen. Koning klem zetten.

Het is dus al duidelijk wie gaan regeren: namelijk wie dat nu ook doen, of beter, wie dat nu ook niet doen, want feitelijk doet de koning het. Die zal straks ook weer de premier aanwijzen, een van zijn vertrouwelingen. Dus waar hebben we het nog over? Wat valt er te kiezen? Waarom nog naar de stembus gaan? Tenzij men voor de PJD is.