In Marokko

In Marokko

Vorige week was ik nogal stellig over de verkiezingen in Marokko, en met mij iedere andere journalist, zowel nationaal als internationaal. Allemaal wisten we vooraf wat de uitslag zou worden, en allemaal hebben we deze week bakzeil moeten halen. Het is toch anders gelopen. In Marokko, misschien is dat de les, loopt alles altijd anders, dit land valt niet te peilen, laat staan dat de toekomst zich er laat voorspellen. Er zijn en blijven te veel factoren onbekend. De vorige koning Hassan II zei: ‘Hoe meer je van Marokko weet, hoe minder je ervan begrijpt.’ Het gaat nog steeds op.
Geen deskundige die de mild fundamentalistische PJD niet als favoriet tipte. Wel, die is uiteindelijk als tweede uit de bus gekomen (46 zetels, van de 325 die het parlement telt), na de onafhankelijkheidspartij Istiqlal (52 zetels) – de oudste politieke partij van Marokko, ruim een halve eeuw geleden gevormd door de ‘jonge Turken’ die voor onafhankelijkheid streden. De Istiqlal is een zwaargewicht, een respectabele, gevestigde, conservatieve partij, die zolang als Marokko onafhankelijk is (sinds 1956) in de regering zit en wier aanhang men vooral zoeken moet bij de grote, roemrijke Marokkaanse families, de tweetalige elite, die haar kinderen in Frankrijk laat studeren.

Marokko-kenner Paolo De Mas, tevens directeur van het Nederlands Instituut in Rabat, zei afgelopen maandag in het Amsterdamse debatcentrum De Balie (ik was er ook) dat de Istiqlal haar overwinning te danken heeft aan het feit dat de partij zich heeft verjongd. Weg met de oude garde, door het grote publiek als corrupte zakkenvullers gezien, en ruim baan voor een nieuwe generatie van jonge, veelbelovende technocraten met hart voor het land. Intern gaat het er in de partij tegenwoordig ook democratisch aan toe, en men kwam met een overtuigend verkiezingsprogramma. Dat zal, volgens De Mas, kiezers hebben aangesproken. Dat andere zwaargewicht, de socialistische USFP, heeft zich niet verjongd en is daarvoor misschien gestraft: men is nu de vijfde partij met 38 zetels, de grote verliezer.

Ikzelf denk dat bij de winst voor de Istiqlal het volgende ook meespeelt. De opkomst was uitzonderlijk laag: 37 procent. Nog nooit zo laag geweest. Degenen die zich identificeren met de Istiqlal, goed opgeleide mensen, nogal conservatief maar politiek bewust, nemen meer dan anderen de moeite te gaan stemmen, al is het maar uit principe. Ze hebben ook minder reden om uit protest thuis te blijven. En als ze nu ook nog vertrouwen hebben in een verjongde Istiqlal…

De overgrote meerderheid, voor wie het dagelijkse bestaan sappelen is, heeft geen reden gezien naar de stembus te gaan. ‘Van de regering valt toch niets te verwachten.’ De problemen die er altijd waren: armoede, slechte scholing, gebrekkige gezondheidszorg, werkloosheid, zijn er nog steeds. Zelfs met de socialisten van de USFP in de regering blijven de prijzen van elementaire levensmiddelen maar stijgen. Deze mensen weten dat niet naar hen geluisterd wordt, dat zij niet meetellen. Dus waarom stemmen? Om die zakkenvullers aan een goedbetaalde baan te helpen zeker.

Waarom dan niet op de PJD gestemd, die zo fel tegen corruptie is en juist voor de onderbedeelden zegt op te komen? Misschien omdat ook de PJD – al zijn ze er pas vijf jaar en zaten ze al die tijd in de oppositie – wordt gezien als deel uitmakend van het systeem. De topmannen van de PJD lijken niet op boer Koekoek, maar zijn welbespraakte intellectuelen – geen mannen dus waar het volk zich mee identificeert, maar bobo’s die men instinctief wantrouwt. Bovendien zijn Marokkanen wel religieus maar geen scherpslijpers: ze houden van het leven. Men vindt die PJD’ers, denk ik, toch wat te streng en fanatiek.

Niettemin: de PJD is dan niet de grootste geworden – en heeft geen tachtig zetels behaald, zoals ze zelf dacht – ze is nu toch de tweede partij. Om zo groot te worden moet ze ook een volkse aanhang hebben, afkomstig misschien uit de wijken waar men welzijnswerk verricht, maar die is kennelijk toch niet zo groot als iedereen dacht, of vreesde. Een ander deel van de PJD-aanhang heeft een totaal ander profiel en lijkt op de topmannen van de partij zelf: gegoede Marokkanen die net even conservatiever en religieuzer zijn dan de Istiqlal-stemmer, banger misschien ook voor de modernisering.

Laat me samenvattend zeggen dat alles min of meer bij het oude blijft – de huidige coalitie van een handvol partijen heeft genoeg zetels om door te regeren. Eén ding is nog vermeldenswaard. Het stemmen is eerlijk verlopen, daar is nauw op toegezien. De stemmen zijn eerlijk geteld en men geeft ook eerlijk toe dat de opkomst maar 37 procent was. In het verleden zou men zo’n cijfer hebben opgepoetst, om de regering legitimiteit te verschaffen. Nu, voor het eerst, is men daar open over, hoe pijnlijk die 37 procent ook is. Dat vooral is een stap vooruit.