In memoriam rob van gennep

De Volkskrant heeft leven en persoonlijkheid van Rob van Gennep zo warm en indringend beschreven, in een afscheidsinterview en een in memoriam, dat daaraan eigenlijk niets valt toe te voegen. Behalve wellicht een kanttekening bij zijn bittere woorden over collega-uitgevers-anno-1994: ‘Er wordt gelogen, bedrogen en gelasterd. De mores vervagen, er zijn niet veel nette uitgevers meer.’

Is dat waar? Zelf heb ik inmiddels menig boek bij menige uitgeverij ondergebracht zonder mij ooit belogen en bedrogen te hebben gevoeld. Hoogstens verbaas ik mij met enige regelmaat over de kille routine waarmee zo'n manuscript in ontvangst wordt genomen. Je krijgt drie dagen later een telefoontje van de redacteur over de juiste spelling van het woord ‘przewalskipaard’, even later volgen de drukproeven en uiteindelijk ploffen de auteursexemplaren op je bureau. Dat was het dan, de bloedeloze geboorte van een geesteskind.
Van Gennep was anders. Waarachtig, het was of hij in je schrijfmachine woonde. Op zijn verzoek schreef ik in 1981 De brieven van ir. H. A. Schuringa, een uit het perfide Albion geimporteerde schelmenstreek, met in de hoofdrol een querulanteske veelschrijver die 'bekende Nederlanders’ met zijn praatjes lastig viel.
Ingenieur Schuringa prees Jan Blokker om het feit dat hij inmiddels 'zoveel milder’ was geworden. Hij richtte de PVV-Courant op, hoofdorgaan van de Pieter van Vollenhoven-fanclub. Onder het pseudoniem Han A. Schuur schreef hij liefdeslyriek voor Martine Bijl ('de dauwbestoven winternachten/ zijn trage druppels in de tijd./ een grijsaard die zijn tijd verbeidt/ met wachten, met oneindig wachten.’). Hij bestelde for sentimental reasons bij het Concertgebouw die ene hoekstoel waarop hij in mei 1940 nog Mengelbergs Negende had gehoord. Hij wees mgr. J. M. Gijsen op het feit dat in het seksblad Chick een kleurenfoto stond 'van een rijpere vrouw die zich in een biechtstoel (ten overstaan van een priester) in half-ontklede staat zit te betasten’ en verzocht a propos om een foto-met-handtekening. De Amsterdamse ingenieur kreeg een persoonlijk antwoord, twee foto’s van de bisschop en drie foto’s van de paus.
Het was een klassieke practical joke, waar veel om gelachen is, in de eerste plaats door Rob van Gennep. Elke vrijdag liet ik hem het nieuwste stapeltje brieven lezen, waar hij zo aanstekelijk om zat te schateren dat ik allengs aan zijn bijval verslaafd raakte en mij op haast kinderlijke wijze op onze wekelijkse sessies begon te verheugen. Zo werkt de betere uitgever. Hij weent met zijn auteurs en hij lacht om zijn auteurs.
Uitgevers als Rob van Gennep.
Terzijde zij opgemerkt dat hij behalve een goede uitgever bovendien een buitengewoon aardige kerel was.