‘in mijn show mag dat’

Na deze uitzending houd ik er definitief mee op. Zoiets moet Catherine Keijl hebben gedacht nadat Jerry Springer te gast was in het praatprogramma dat haar voornaam draagt. De Amerikaanse talkshow-presentator veegde de vloer aan met zijn Nederlandse collega, terwijl Catherine had gehoopt het omgekeerde te doen. Wat keek ze beteuterd door haar brilletje. En wat was ze opgelucht toen ze de zoveelste reclame-onderbreking kon aankondigen. En wat ging ze dapper door op de weg die ze nou eenmaal was ingeslagen.

Of de ontrouwe kijkers die de afgelopen week die spectaculaire uitzending gemist hebben, ooit nog de kans krijgen om die beteuterde blik te aanschouwen, is nog de vraag. Want als ik Catherine Keijl was, zou ik de originele band van deze aflevering per ongeluk laten wissen, om een herhaling van deze publieke afgang te voorkomen.
Het grote probleem was dat Keijl van te voren een plan van aanpak had bedacht. Meestal ontbreekt het daar juist aan bij haar programma. Er is wel een onderwerp, met een handvol bijbehorende gasten die in een bepaalde volgorde zijn gezet. Maar wat Keijl nou precies met zo'n onderwerp wil zeggen? Een aflevering van Catherine schiet van de ene kant naar de andere kant, en Keijl verbaast zich, begrijpt eens wat, kwaakt nu eens met die mee en dan eens met die, en lijmt de vrolijke chaos aan elkaar met onovertroffen vrijblijvende bruggetjes: ‘Hoe het óók kan, zien we na de reclame…’ Voor enige diepgang in het besproken onderwerp moet je niet bij haar zijn. Wel voor de bijna naïeve nieuwsgierigheid en de bewonderenswaardige open blik waarmee Keijl de mensheid tegemoet treedt.
On-Hollands, zou ik die open blik willen noemen. Typisch Hollands, vindt Catherine Keijl, en in een aanval van typisch Hollandse betweterigheid en zendelingendrang besloot Keijl om haar Amerikaanse collega te onthalen op een college over die voorbeeldige eigenschap die zij genereus aan ons hele volk toeschrijft. Ze nam haar eigen show als willekeurig voorbeeld voor de Nederlandse openheid, en de show van Jerry Springer als willekeurig voorbeeld van 'hoe het vooral niet moet’.
Keurig had de redactie van Catherine fragmenten uit beide praatprogramma’s geselecteerd. Een fragment van Springers show over dik-zijn, waarin een vrouw met een onvoorstelbare omvang werd geconfronteerd met de afkeurende mening die onverwacht opduikende vrienden en ex-mannen er over haar op na hielden. Daarna volgde een fragment uit Catherine over hetzelfde onderwerp. Een hele rij dikke vrouwen stond vrij en blij te swingen, aangevoerd door de nog dikkere zangeres Sugar Lee Hooper. 'O, wat ben je mooi’, zong iedereen in de studio vrij en blij. 'Zo doen wij dat’, zei Catherine Keijl triomfantelijk, om na de reclame door te gaan met het volgende onderdeel van het vergelijkend warenonderzoek: seks met minderjarigen. We zagen hoe Springer een middelbare man met een vriendinnetje van veertien verbaal te lijf ging: 'You’re having sex with a child!’ Daarna zagen we hoe bij Catherine een oudere man een meisje van zestien ten huwelijk vroeg, waarna de gastvrouw het meisje ontroerd omhelsde.
'Zo doen wij dat’, zei Catherine Keijl andermaal, maar ze was tegen die tijd al heel wat minder triomfantelijk. Springer had na één fragment in de gaten wat de bedoeling was. Vlijmscherp diende hij Keijl van repliek. Hij wees haar op fouten in haar redenering, op de onvergelijkbare uitgangspunten van hun programma’s, op de domme veronderstelling van Keijl dat in Amerika een kind van zestien net zo minderjarig is als een veertienjarige. 'In mijn show mag dat’, was Springers antwoord op Keijls kritiek. Daarbij beriep hij zich op een typisch Amerikaanse kwaliteit: de vrijheid van meningsuiting. En toonde aan dat die zogenaamde Hollandse openheid moeiteloos kan overgaan in benepenheid en intolerantie.