De deurwaarderij is failliet

In naam van de Koning

Na jaren van steeds verder gaande marktwerking en fnuikende aanbestedingen staat het water de deurwaarders aan de lippen. Verantwoord schulden innen gaat niet meer, waarschuwt de beroepsvereniging.

Ze voelen zich uitgewrongen, opgejaagd en onder druk gezet. Nee, dat geldt niet alleen voor de Nederlandse schuldenaren, maar ook voor de gevreesde man die ieder moment op de deur kan kloppen: de deurwaarder zelf. Het is al lang geen geheim meer: in de deurwaarderij valt geen droog brood meer te verdienen. Het verdienmodel is stuk en de toezichthouder zit de gerechtsdeurwaarders op de nek.

Afgelopen vrijdag was het weer raak. In een met grauwe betonplaten beklede zittingszaal in de Amsterdamse rechtbank moest het grote, wijdvertakte bedrijf das zich voor de tuchtrechter verantwoorden. das bezit zowel deurwaarderskantoren als incassobureaus. Volgens toezichthouder Bureau Financieel Toezicht (bft) heeft das die twee veel te dicht tegen elkaar aan geplakt. De deurwaarders van das, die nog altijd onafhankelijke ambtenaren heten te zijn, staan onder te zware druk van hun aandeelhouders, zo betoogt de toezichthouder tegenover de rechter. De deurwaarders zijn volgens bft niet langer onafhankelijk en zijn meer gaan luisteren naar hun opdrachtgevers dan dat zij opkomen voor de schuldenaar. Dat is een doodzonde.

Nog voordat de toezichthouder een eis aan de rechter kan melden, worden alle aanwezigen verrast door de advocaat van de das-deurwaarders. Die meldt tot ieders stomme verbazing dat das de banden tussen incassobedrijf en deurwaarders volledig heeft doorgesneden. ‘Daartoe is das gedwongen door de toezichthouder, in een markt die er ongelooflijk slecht aan toe is’, klaagt de advocaat. ‘Dat heeft de beursgenoteerde aandeelhouders van das veel schade opgeleverd. Zij overwegen juridische stappen.’

De Nederlandse deurwaarderij is failliet. Al in 2015 berichtte ing dat de winst van deurwaarders sterk onder druk staat. En in de jaren daarna ging het allerminst beter. Verschillende kantoren vielen om. ggn, de grootste deurwaarder van het land, moest eerder dit jaar een kwart van het personeel ontslaan. Concurrent gln moest zijn stoelen in de skybox van FC Twente opzeggen om het hoofd boven water te houden. In totaal daalde de omzet van gerechtsdeurwaarders in Nederland van 421 miljoen euro in 2013 naar 330 miljoen in 2017.

Het Bureau Financieel Toezicht, dat waakt over de kwaliteit van de deurwaarders, zette in 2017 vier deurwaarders uit hun ambt. Eind dat jaar meldde het Bureau dat bijna twintig procent van de 170 deurwaarderskantoren ‘hoog risico’ is, waarvan een flink deel vanwege financiële problemen. Er is een grote kans dat zij de wet overtreden. ‘Het gaat hartstikke slecht in de deurwaarderij’, vertelt toezichthouder Klaas Faber voor de rechtszitting. ‘Het is echt schipperen.’

Eigenlijk is het vreemd. Al jaren horen we dat steeds meer Nederlanders kampen met problematische schulden. Deurwaarders zouden hun handen toch vol moeten hebben? Hoe kan het dat uitgerekend de schuldinningsambtenaren, die hun geld verdienen met wanbetalers, in zulk zwaar weer verkeren? Dat komt doordat deurwaarders nauwelijks nog ambtenaren zijn. Tegen wil en dank zijn zij ondernemers geworden. Ze moeten concurreren en vechten elkaar de markt uit.

In de nadagen van het tweede kabinet-Kok was het niemand minder dan Job Cohen die als staatssecretaris van Justitie besloot marktwerking te introduceren in de tarieven die deurwaarders mogen rekenen. Voorheen moest de deurwaarder aan zijn opdrachtgever een vast bedrag rekenen voor een zogenoemde ‘ambtshandeling’. Iedere dagvaarding, beslaglegging en administratieve handeling was even duur. Dat kon wel wat dynamischer. Net als treinmaatschappijen en posterijen kon ook de deurwaarder best wat gezonde concurrentie gebruiken, was het idee. Cohen zag ‘goede perspectieven voor jonge ondernemers’.

De overheid maakt het alleen maar erger; ze is de grootste schuldeiser van Nederland

Maar dat liep anders. Als gevolg van de liberalisering kiezen schuldeisers nu de goedkoopste kantoren die het effectiefst schulden innen. De liberalisering bleek het startschot voor een race naar de bodem met verstrekkende gevolgen. Eén uitweg uit de financiële misère bestond uit het samenklonteren van onafhankelijke deurwaarders tot grote concerns, die hopen met schaalvoordeel, gedeelde voorzieningen en investeringen in automatische processen nog iets van winst te halen. Dat werd mogelijk doordat deurwaarders sinds de liberalisering door het hele land mogen werken; voorheen mochten ze dat enkel in de eigen regio.

Een andere uitweg uit de concurrentiestrijd is het feitelijk opheffen van de onafhankelijke positie van deurwaarders ten opzichte van schuldeisers. ‘No cure no pay’-deals en prestatieafspraken tussen incassobureaus en deurwaarders deden hun intrede. Deurwaarders werken nu regelmatig onder de kostprijs om maar geen opdrachtgevers kwijt te raken. Sommige deurwaarders gingen naar hartelust voor commercieel incassobureau spelen. Echte incassobureaus kochten daarop deurwaarderskantoren op. Alle belangen begonnen door elkaar te lopen. En dat terwijl de scheiding tussen incassobureau en deurwaarder essentieel is om de belangen van schuldenaren te beschermen. Als een deurwaarder te dicht op een incassobureau of schuldeiser kruipt, is hij sneller geneigd om met harde hand geld te innen en dreigt hij de belangen van de schuldenaar uit het oog te verliezen.

Een derde uitweg uit de financiële malaise zoeken deurwaarders in het steeds agressiever innen van schulden. In de harde concurrentiestrijd zijn deurwaarders sneller geneigd om iemands volledige bankrekening leeg te trekken of zijn huis leeg te halen. Maar dat wordt hun onder maatschappelijke druk inmiddels moeilijker gemaakt. Er ligt een wetsvoorstel dat deurwaarders niet langer toestaat om iemands volledige bankrekening te legen, zij moeten daar een som geld achterlaten waarmee de schuldenaar kan overleven. Ook televisies, computers en koelkasten moeten deurwaarders sinds kort laten staan. Vroeger moesten ze alleen de inhoud van de koelkast achterlaten.

Vorige maand kon een deurwaarder nog wel beslag leggen op Nero, een hond van een Limburgse vuilnisman die zijn rekeningen niet had betaald. Na een hoop media-aandacht voor de zaak besloot een anonieme weldoener een deel van de schulden te betalen. De hond kon terug. Maar ook dat gaat veranderen. In de Tweede Kamer ligt momenteel een wetsvoorstel dat het veilen van huisdieren gaat verbieden. Pony’s mogen nog wel onder de hamer.

Je zou verwachten dat een overheid zou ingrijpen in zo’n belangrijke sector die zodanig in de knel zit, maar feitelijk maakt het rijk het alleen maar erger. Want de overheid is toevallig ook de grootste schuldeiser van Nederland. Jaarlijks innen ambtelijke organisaties, van Belastingdienst tot verkeersagenten, miljarden euro’s aan belastingen en boetes. Niet iedere Nederlander betaalt die netjes. Dat maakt de overheid grootverbruiker van deurwaardersdiensten, die ze door middel van grote aanbestedingen inkoopt. Een paar kantoren kunnen zo reusachtige klussen in de wacht slepen, maar wel voor een onwaarschijnlijk laag bedrag per individueel dossier – want bij de aanbesteding concurreer je op prijs. Honderdduizenden verkeersboetes, OV-abonnementen en onbetaalde zorgpremies worden jaarlijks voor bedragen zo laag als 87 cent per stuk aan de laagste bieder aangeboden.

Voor toezicht op de deurwaarders trekt de overheid nauwelijks geld uit. Het Bureau Financieel Toezicht heeft een schreeuwend capaciteitstekort: voor het controleren van de kwaliteit van 170 deurwaarderskantoren heeft het Bureau ‘nog geen anderhalf fte’, zo staat in het jaarverslag.

De toezichthouders proberen al jaren vergeefs meer geld los te peuteren bij het ministerie. ‘We vervullen nu een soort brandweerfunctie, we blussen de ergste branden. Daar bereiken we best wat mee, maar preventief toezicht, daar komen we bijna niet aan toe’, zegt Klaas Faber van bft. ‘Zoiets als controleren of deurwaarders geen onnodige kosten in rekening brengen, daar zijn eigenlijk geen mensen voor.’

Alleen een deurwaarder die serieus betaald krijgt kan fatsoenlijk schulden innen

De gevolgen zijn er inmiddels naar. Deurwaarderskantoren halen de vreemdste strapatsen uit om te overleven. Veel daarvan zijn simpelweg illegaal. In 2011 gebruikte de directie van kantoor bhk in Groningen een half miljoen van het geld van zijn klanten om de huur en salarissen te kunnen betalen. In 2015 schorste de rechter twee deurwaarders in Haarlem en Purmerend omdat ook zij hun eigen tekorten van 190.000 en 400.000 euro hadden aangevuld met geld dat niet van hen was. En vorig jaar werd deurwaarderskantoor bsr failliet verklaard nadat het de eigen tekorten van een krappe half miljoen euro had aangevuld met het geld van klanten. Na het faillissement werd duidelijk dat bsr bovendien verschillende kosten dubbel in rekening bracht bij schuldenaren.

Oplichting dus en ordinaire grepen uit de kas. Maar daar houdt het niet op; veel misstanden in de gerechtsdeurwaarderij kunnen geschaard worden onder het kopje ‘innovatie’. In 2015 onthulde Het Financieele Dagblad een slimme, maar illegale constructie waarmee deurwaarders geld van klanten in eigen zak staken. Voor het opvragen van informatie over schuldenaren bij een nieuw centraal IT-systeem rekenden deurwaarders namelijk een veel hoger bedrag aan zowel de schuldenaar als de opdrachtgever dan het hen feitelijk kostte. Dat mag niet, omdat deurwaarders hierop geen winst mogen maken.

De vreemdste innovatie vormde echter robotrechtbank e-Court, een privaat arbitragebedrijf dat zich aan schuldenaren voordeed als rechtbank en door middel van een algoritme wanbetalers veroordeelde. Deurwaarderskantoren lavg, onderdeel van de das-groep die zich vorige week voor de tuchtrechter moest verantwoorden, en ggn, een van de grootste kantoren in Nederland, werden huisdeurwaarders voor e-Court.

Toen platform voor onderzoeksjournalistiek Investico, Nieuwsuur en De Groene Amsterdammer afgelopen januari onthulden dat e-Court handelde in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en het EU-consumentenrecht kwam de robotrechtbank stil te liggen.

De deurwaarders kregen een uitbrander van minister van Rechtsbescherming Sander Dekker. Volgens hem hadden de deurwaarders ten onrechte kosten voor hun ‘ambtshandelingen’ in rekening gebracht bij schuldenaren. e-Court was geen echte rechter, redeneerde de minister, en dus waren de handelingen niet ‘ambts’. Het is een potentiële strop van ongeveer twee miljoen euro voor de deurwaarders.

ggn had juist mede dankzij e-Court na jaren verlies weer winst weten te maken. Nu ziet het bedrijf geen andere uitweg dan een kwart van het personeel te ontslaan. In een brief aan alle medewerkers schreef Martin van Loon, ceo van ggn, dat ontslagen, het sluiten van vijf kantoren en versnelde digitalisering onvermijdelijk zijn om de toekomst van het bedrijf veilig te stellen. Zelfs het jaarlijkse personeelsfeest ging niet door, verontschuldigde Van Loon zich in zijn brief.

Het schipperen, schrapen en hosselen in de deurwaarderij is buitengewoon gevaarlijk. De moderne deurwaarder is ooit in het leven geroepen om op een beschaafde manier harde druk uit te oefenen op de schuldenaar. Nog altijd krijgen deurwaarders een alleenrecht om je huis binnen te vallen, je spullen af te pakken, je bankrekening te plunderen en je loon in beslag te nemen. Dat doen ze om de rechten van schuldeisers veilig te stellen, maar wel ‘in naam van de Koning’, zoals op elk deurwaardersbevel geschreven staat. Deurwaarders zijn nadrukkelijk onderdeel van het geweldsmonopolie van de staat.

Zij krijgen dat alleenrecht op incassogeweld enkel omdat zij beloven de rechten van schuldenaren goed te beschermen. Zij mogen niet onterecht beslag leggen, geen onnodige druk uitoefenen, en moeten controleren of de schuldeis wel terecht is. Schuldenaren moeten ervan uit kunnen gaan dat – hoe pijnlijk ook – de deurwaarder redelijk te werk gaat.

En dat is precies waar het de laatste jaren aan schort. Marktwerking dwingt deurwaarders om als echte commerciële ondernemers uitsluitend te handelen vanuit de belangen van hun opdrachtgevers. Wie het vaakst beslag legt, en het meeste geld weet weg te halen bij een schuldenaar, is nu een succesvolle ondernemer.

Onlangs riep een commissie van de Koninklijke Beroepsvereniging van Gerechtsdeurwaarders op tot het terugdraaien van de marktwerking. De beroepsvereniging waarschuwt de regering onomwonden dat verantwoord incasseren niet gaat voor een paar dubbeltjes. Alleen een deurwaarder die serieus betaald krijgt, naar de ernst van zijn werk, kan fatsoenlijk schulden innen. Dat is niet enkel goed voor de deurwaarder, maar bovenal voor de schuldenaren die hem zo vrezen.