Generatie Alles: Going global

‘In Shanghai voel je de vibe van een metropool’

Met rugzak, mobieltje en diploma trekken hoogopgeleide twintigers steeds vaker naar het buitenland. ‘Een verademing na de collectieve depressiviteit die ik proefde in Nederland.’

De trappen van de universiteitsbibliotheek in Delft staan vol met studenten die tussen het studeren door even naar zuurstof happen. Het is tentamenweek. Drie vrienden genieten buiten van de zon. Over het tentamen van morgen hebben ze zo hun twijfels, maar de verdere toekomst zien ze vol optimisme tegemoet. De crisis? Daar hoef je je als TU-student geen zorgen om te maken. Kom je hier niet aan een baan, dan lukt dat zeker in het buitenland. Michiel de Groot (24) studeert civiele techniek en zegt: ‘Nederlandse civiele technici zijn in het buitenland erg gewild. Met dit diploma kan ik overal ter wereld aan de slag. Zelf wil ik wel naar het buitenland trekken na mijn studie. Ik hoef er niet permanent te wonen, maar zou graag voor een detacheerder werken en zo projecten doen in landen als China en India.’

Joris Obdam (23) kletst bij het koffie­apparaat met studiegenoten. Hij studeert watermanagement en deed tijdens zijn bachelor al ervaring op met een stage bij een baggeraar in Abu Dhabi en Dubai. ‘Het is zo interessant om met mensen uit andere culturen samen te werken en met al die verschillende inzichten tot een oplossing te komen voor technische problemen. Na deze studie wil ik een jaar of vijf in het buitenland werken. Dat is geen probleem, je komt er gemakkelijk aan een baan.’

Brazilië, Curaçao en Indonesië noemen ze. Als ze horen wie vorig jaar tijdens zijn stage in Vietnam een stuwdam heeft mogen ontwerpen, moeten ze hard lachen. ‘Echt? Hebben ze hém een stuwdam laten bouwen? Lekker veilig.’

De mannen lijken haast verbaasd over de vraag naar hun toekomstperspectieven. Ze weten dat Nederland niet op honderden bruggenbouwers zit te wachten, maar dat er in het buitenland genoeg bedrijven zijn die hen maar al te graag binnenhalen. Een vertrek naar het buitenland is simpelweg een van de opties die je als jonge Nederlander hebt. De jonge generatie leeft in een tijd waarin je voor een schijntje naar de andere kant van de wereld vliegt en als kind al beter Engels spreekt dan de gemiddelde volwassen Fransman. Het maakt de drempel om de eigen landsgrenzen te overschrijden een stuk lager.

Dit zegt ook Centraal Bureau voor de Statistiek-demograaf en hoogleraar Jan Latten. De groeiende mobiliteit van Nederlanders en de globalisering zijn volgens hem de verklaring voor de gestaag toenemende emigratie: ‘Het wordt de jonge generatie makkelijker gemaakt om voor een periode naar het buitenland te vertrekken voor een stage, uitwisseling of baan. Onze economische oriëntatie is internationaal en hoger onderwijs is steeds vaker Engelstalig.’ Dat blijkt ook uit de laatste emigratiecijfers van het cbs. Alleen al in de afgelopen drie jaar is de emigratie onder Nederlanders tussen de twintig en dertig jaar flink gestegen. Drie jaar geleden emigreerden 7422 jonge Nederlanders. Dat was 26 procent van de in totaal 28.247 emigranten. In 2012 maakten 8687 jonge Nederlanders al dertig procent uit van het totale aantal emigranten.

Latten verwacht dat deze trend de komende jaren niet zal afnemen: ‘Je ziet dat Nederlandse jongeren veel mobieler zijn geworden. Wil je in het Nederlandse bedrijfsleven tot de top behoren, dan moet je kosmopolitisch ingesteld zijn.’ In de prognose van het cbs is te zien dat de emigratie onder Nederlanders tussen twintig en dertig jaar tot 2016 zal toenemen, om te stabiliseren en vanaf 2020 af te nemen. Dit zijn dezelfde jaren waarin de crisis zal afnemen en de vergrijzing toeslaat.

Een kosmopolitische instelling zit er bij Dewi Spijkerman (24) en Marieke van der Heijden (30) ingebakken. ‘Waarom zou je niet emigreren?’ is hun redenatie. Daarbij hebben de globalisering en vooral de technologische ontwikkelingen hun vertrek een stuk gemakkelijker gemaakt. WhatsApp, Skype, camera’s op onze telefoons: het zijn deze uitvindingen die de wereld zo veel kleiner maken. Dewi vertelt dan ook via Skype vanuit een rumoerig internetcafé in Zuid-Afrika dat voor haar generatie de hele wereld een mogelijke woon- en werkplek is. ‘Je stapt gemakkelijker in een vliegtuig, want waar je ook bent, je kunt altijd contact houden met thuis. Als er iets is en ik loop op straat in Kaapstad, dan stuur ik gewoon even een WhatsAppje naar mijn vriendinnen in Nederland.’ Ze heeft in Kaapstad een bedrijfje opgezet dat voetbal­workshops geeft aan meisjes.

Marieke vertrok met haar vriend naar Singapore toen hij daar een baan aangeboden kreeg. ‘Ik geloof niet dat je in de toekomst nog aan één land bent gebonden’, zegt ze. ‘Wat houdt je tegen om in een ander land te gaan wonen? Grenzen zijn veel vager geworden. Laatst heeft een vriendin een baby gekregen en dan ga ik op kraam­bezoek via Skype.’ Marieke werkt als project­manager bij een innovatieleverancier.

Wil je als Nederlander de crisis ontvluchten, dan zijn het de opkomende economieën die een goede toekomst beloven. Dus waar moet je heen als je als jonge Hollandse avonturier besluit je geluk te beproeven in het buitenland? Het antwoord: Azië. Latten kan zich goed voorstellen dat jonge mensen de huidige economische situatie in Nederland ontvluchten en het in een veelbelovende economie gaan proberen: ‘Boven de dertig zijn mensen vaak al gesetteld, hebben ze een koophuis en een gezin. Die groep zal niet zo gemakkelijk meer naar China vertrekken. Jonge mensen wel. Die vertrekken soms alleen met hun rugzak, mobieltje en diploma en gaan het ergens anders proberen.’

Ook Philip Man (25) is zo’n avonturier. ‘Ik wilde iets anders en heb, dramatisch gezegd, mijn leven een reset gegeven. Vergeleken met Shanghai is Amsterdam langzaam en saai. Hier gebeurt het gewoon. Als je in Shanghai rondloopt, dan voel je de dynamiek van de stad, de vibe van een metropool. Het voelt alsof ik hier op globaal niveau meespeel.’ Philip had het in Nederland prima voor elkaar. De verhalen van zijn klasgenoten, met honderden solliciteren op één baan, daar had hij geen last van. Na zijn studie kon zijn bijbaan als projectmanager omgezet worden in een fulltime aanstelling. Zijn werkbezoek in China beviel zo goed dat hij er heel bewust voor koos om een leven op te bouwen in de opkomende economie, waar hij nu werkt als accountmanager voor een online marketing­bedrijf. ‘In Nederland hoor je de berichten over de groei van China, hier zie je het gebeuren. Crisis, die is hier niet, het gaat alleen maar omhoog. Je merkt dat iedereen hier hard werkt om het land op te bouwen. Een beetje zoals in de Verenigde Staten honderd jaar geleden. Het voelt voor mij als een privilege dat ik dat ik daar deel van uit mag maken.’

Net als Philip Man merkt ook Marieke van der Heijden dat Azië veel meer leeft. Ze had een goede baan en een fijn leven in Amsterdam, maar wilde avontuur, een nieuw deel van de wereld te ontdekken. ‘Als je wilt zijn waar het beweegt, waar innovaties plaatsvinden, dan is er geen betere plek dan Azië. Er wordt veel gebouwd en daardoor verandert er iedere dag wel iets. In Singapore is er nog steeds een flinke groei. Er is hier bijna geen werkloosheid en de mensen zijn nog positief.’

Niet alleen de slechte arbeidsmarkt doet jonge mensen besluiten hun spullen te pakken. Het is ook al het andere dat de crisis met zich meebrengt. Veel jongeren hebben genoeg van de hardnekkige pessimistische instelling die nu onder de Nederlandse bevolking heerst en gaan op zoek naar het gevoel dat in hun kinderjaren wel in het bloeiende Nederland leefde: dat de wereld aan je voeten ligt en de mogelijkheden oneindig zijn. Waarom zou je je neerleggen bij de stilstand en zwaarmoedige vooruitzichten van Nederland als over de grens de beste tijd nog moet komen? Dynamiek, positiviteit en avontuur vind je voor de prijs van een vlieg­ticket.

Ook voor Dewi Spijkerman was niet alleen het gebrek aan werk, maar ook de sleur in Nederland de reden om naar Zuid-Afrika te emigreren: ‘De mogelijkheden thuis bleven hetzelfde. Ik ben afgestudeerd in sociale geografie en in Nederland is daar bijna geen werk meer in te vinden. Veel van mijn vrienden verdienen nu hun geld bij een callcenter. Daar had ik geen zin in. Ik wilde nieuwe mensen ontmoeten, avontuur en ergens wonen waar het lekker weer is.’

Erik de Ruiter trok niet naar de andere kant van de wereld, maar zocht zijn heil net buiten de eurolanden, waar het ook goed toeven is. In Zwitserland merkt hij het verschil, zelfs op straat. ‘Mensen zijn blij en er is perspectief. Echt een verademing na de collectieve depressiviteit die ik proefde in Nederland. Zelfs het deuntje van het journaal is deprimerend.’ Erik werkt sinds enkele maanden in Zürich, als architect. ‘Ik kwam hier met een architectenreis en het viel me op hoe veel er hier nog gebouwd wordt vergeleken met Nederland. Tijdens mijn vakantie in Italië in 2012 ben ik op de trein naar Zürich gestapt en bij wat architectenbureaus binnengelopen. Bij een aantal vroegen ze meteen wanneer ik kon beginnen. Ik schrok me dood. Uiteindelijk ben ik nog een keer teruggegaan voor wat vervolggesprekken. Bij terugkomst in Nederland lagen er vier Zwitserse contracten op me te wachten.’

Via de camera op zijn telefoon geeft Erik een korte rondleiding door het appartement dat hij deelt met twee huisgenoten. Het woord ‘appartement’ doet de woning eigenlijk te kort. ‘Penthouse’ is meer op zijn plaats. De lift arriveert in het midden van de woning en er zijn vier slaapkamers, twee grote badkamers en een inloopkast waar veel vrouwen alleen maar van dromen. Daarnaast beschikt Erik over een dakterras van maar liefst negentig vierkante meter en een weergaloos uitzicht over de stad. ‘Ik heb niet voor de baan gekozen met het hoogste salaris, maar met de beste mogelijkheden voor mijn ontwikkeling. Toch ben ik er financieel op vooruit gegaan. De expats in Zwitserland zijn eigenlijk de Turken in het Nederland van de jaren tachtig. Wij pikken hun banen in en werken voor minder geld. Momenteel is er hier dan ook de discussie of de grenzen niet dichtgegooid moeten worden voor alle Europeanen.’

Uiteindelijk wil Erik wel weer terug naar Nederland: ‘Over een paar jaar, als de vergrijzing erin hakt en de economie weer aantrekt.’ Met een lach: ‘Hopelijk is iedereen dan weer blij en hebben ze ook dat depressieve deuntje van het journaal veranderd. Tegen die tijd heb ik mezelf met een aantal mooie projecten verder kunnen ontwikkelen en hopelijk een mooi bedrag gespaard. Dan kan ik mezelf inkopen bij een groot architectenbureau of voor mezelf beginnen.’

Volgens demograaf Latten past de ambitie van Erik binnen de huidige migratietrend. Nederland hoeft niet te vrezen dat het een generatie verliest aan het buitenland, want een vertrek is al lang niet meer definitief. ‘Je hebt in Nederland hoogopgeleide jongeren die na een internationaal georiënteerde studie naar een ander land gaan. Wat ze in feite doen is kenniskapitaal opbouwen. Om vervolgens die opgedane kennis en ervaring weer in te zetten voor eigen land.’