In Zuid-Afrika schaamt bijna niemand zich

Kaapstad – In zijn laatste speech als anc-voorzitter haalde Jacob Zuma uit naar corruptie in de privé-sector. Hij noemde die ‘net zo verderfelijk als die bij de overheid’. Zuma sprak die woorden aan de vooravond van de verkiezing van zijn opvolger. Zijn eigen tijdperk stond in het teken van een onuitputtelijke reeks verhalen over corruptie, waarbij volgens onderzoekers voor miljarden euro’s in verkeerde zakken is verdwenen. Zuma’s jij-bak naar de privé-sector was ingegeven door de gigantische fraude bij de in Zuid-Afrika gevestigde multinational Steinhoff, die voorzitter Christo Wiese tot aftreden noopte.

Het was een interessant moment. Onder het oog van de een (Zuma) heeft de Zuid-Afrikaanse kredietwaardigheid de junkstatus bereikt, terwijl de ander (Wiese) erop heeft toegezien hoe een bedrijf met 91.000 werknemers door ongebreidelde hebzucht kapot werd gemaakt. Bij beiden geen spoor van schaamte.

Schaamte is iets waar Zuid-Afrikanen sowieso niks mee hebben. Het land met zijn geschiedenis van kolonialisme, slavernij, tribale oorlogen, uitroeiing van de oorspronkelijke bewoners, apartheid, uitbuiting, xenofobie, fraude en corruptie, heeft zoveel om zich voor te schamen dat niemand weet waar je moet beginnen. Het is alsof de ene wandaad de andere opheft. Iedereen is schuldig, dus niemand hoeft zich ergens voor te schamen, van de Hollanders tot de Zoeloes, van de ambtenaren tot de gangsters, van de boeren tot de politici. Ga naar een braai, sta rond het vuur met de manne en vraag ze of ze zich niet schamen voor het verleden van wit racisme, en ze halen hun schouders op. Zwart vindt op zijn beurt dat zij zich nergens voor hoeven te schamen omdat zij het slachtoffer zijn van eeuwen van witte wandaden. Zo houdt alles elkaar in evenwicht.

De enige die ooit zonder gêne zijn schaamte toonde was Adriaan Vlok, ooit de gevreesde minister van Politie. In 2006 vroeg Vlok om vergiffenis voor zijn rol in de apartheid. Als uiting van berouw waste hij de voeten van pastoor Frank Chikane, die hij vroeger op zijn dodenlijstje had staan. Mooi gebaar, maar Vlok wist van geen ophouden. Na Chikane waste hij de voeten van tien weduwen van antiapartheidsactivisten. En daarna die van dertien voormalige soldaten en politiemannen die hij op ‘het verkeerde pad’ zou hebben gebracht. Dat was 2009. Daarna bleef het beschamend stil.