Inbreken

Ik wil ook een speciaal zwart trainingspak uitgereikt krijgen om beter te kunnen inbreken. Als politieagenten zo'n pak krijgen, waarom ik dan niet? Als agenten met toestemming van een hoofdofficier van justitie in hun zwarte joggingpakken mogen gaan kijken of er ergens belastend materiaal aanwezig is, dan mag ik als burger die alleen tegen mijn eigen normvervaging moet strijden en die niet de orde onder het volk moet handhaven en dus het goede voorbeeld moet geven, dat toch zeker ook?

Als ik zelf maar beslis dat het goed is om bij mijnheer De Wit thuis te gaan snuffelen.
Eerst zal ik echter nog een technische cursus moeten doen. Ik moet leren om deuren, ramen en sloten te forceren. Ik moet leren met afluisterapparatuur om te gaan en die dingen verstopt te planten. In telefoons, in lampen, achter de plinten, in beddepoten. Ik moet oefenen om niets om te gooien in andermans woning. Ik moet leren mij geruisloos voort te bewegen als een schaduw in mijn speciale zwarte pak.
Het zal niet gemakkelijk voor me zijn. Ik loop een beetje waggelend sinds ik als kind een heupoperatie heb ondergaan, dus soms gooit mijn kont van tafel wat mijn handen erop hebben gezet, maar goed, ik wil inbreken, dus het moet lukken.
Ik heb altijd al willen inbreken. Je hebt van die kinderwensdromen zoals een tram besturen, een hotelkamer met bad, een racefiets en inbreker worden. Dat laatste is tot nog toe het moeilijkst te realiseren geweest, maar plotseling mag het dus.
Ik ga vandaag een infraroodkijker kopen, dat is handig. Belastend materiaal zal ik ter plekke lezen, maar als er een Van Goghje aan de muur hangt, zal ik het zeker meenemen. Als ik dan ooit betrapt word, ben ik zo weer vrij door het Van Goghje aan te bieden.
Een nieuw pad ligt voor me. Voor mij geen ochtendvergaderingen meer. Zwart nachtwerk, heerlijk!