Indonesische kinderen mogen niet buiten fietsen

Jakarta - De cartoonheld op Abangs mosterdgele shirt staat strak gespannen om zijn buik en wanneer hij lacht, ontbloot hij zijn zwarte tandjes. Hij is al vier, maar krijgt nog iedere nacht twee keer een fles poedermelk, lacht zijn moeder. ‘Anders gaat hij huilen.’

Steeds meer kinderen in Indonesië hebben overgewicht: veertien procent van de peuters en kleuters onder de vijf is te zwaar, in de hoofdstad Jakarta is dat zelfs twintig procent. Ze worden door hun kindermeisjes letterlijk op handen gedragen en door hun chauffeurs van shoppingmall naar shoppingmall gereden.
In de overdekte speeltuinen van deze malls lopen nanny’s achter ‘hun’ kinderen aan, vaak met een bord eten waarmee de kleintjes worden vetgemest. Bezwete bolle wangen worden liefdevol met doekjes afgedept, terwijl moeders en kindermeisjes onderling opscheppen over het gewicht van hun kind. Met afschuw wordt gekeken en soms zelfs gewezen naar dunne leeftijdgenootjes.
Indonesië heeft een van de snelst groeiende economieën ter wereld, waarin vooral de middenklasse enorm in omvang toeneemt. Deze geeft haar geld graag uit bij relatief dure fastfoodketens als McDonald’s, KFC en Pizza Hut. ‘Het eten is een stuk goedkoper en misschien zelfs wel gezonder bij de warong om de hoek’, lacht Madarina Julia. ‘Maar mensen gaan liever naar dit soort luxueuze restaurants.’ Madarina Julia onderzoekt obesitas onder Indonesische kinderen. ‘Kinderen hier lopen en fietsen niet meer buiten. Hun ouders vinden dat te gevaarlijk.’
Ondanks de geweldige economische spurt leven bijna honderd miljoen mensen in de archipel van minder dan anderhalve euro per dag en nog steeds is bijna achttien procent van de kinderen ondervoed. ‘Een mollige baby en dito peuter en kleuter staan dus nog steeds voor economische welvaart’, meent Madarina Julia.
Het is dan ook niet alleen de opkomende nouveau riche die graag in de wangen van een bolle baby knijpt. Ook de van oudsher welgestelde klasse doet dit graag. Het risico op overgewicht voor een kind geboren in een rijke familie is vijf keer zo groot als voor een kind uit een minder goed milieu.
In Indonesië zijn het vaak jongetjes die te dik worden. Tot op het bot verwend hoeven ze thuis niets te doen. Daarnaast mogen Indonesische kinderen niet rennen, bang als ouders en kindermeisjes zijn voor beschadigde knieën. Hyperactieve kinderen lopen dan ook vaak met kniebeschermers rond, en worden constant gemaand vooral niet te rennen. Terug in de speeltuin krijgt Abang een Magnum-ijsje. Het is vijf uur ‘s middags, de kinderen uit de kampong vlakbij rennen door de straat achter vliegers aan. Abang kijkt verlangend op van zijn draagbare computerspel. Zijn kindermeisjes kijkt hem aan met een lieve glimlach en schudt haar hoofd: 'Niet rennen, Abang, blijf hier maar lief zitten.’