Ingezonden brieven

Ingezonden brieven

Journalistiek en de waan van de dag

Inderdaad, het is zorgelijk dat wij journalisten dikwijls de waan van de dag volgen (zie «De stilte na de hype» van Joeri Boom en Margreet Fogteloo in De Groene Amsterdammer van 31 juli). Nieuws is al snel oud nieuws, dus daarom moet nieuws zo snel als mogelijk worden gebracht. Met alle gevolgen van dien: er wordt onvoldoende nagedacht hóe het nieuws te brengen (de context) en tijd om het waarheidsgehalte van het nieuws te onderzoeken is er vaak niet. Achtergrondrubrieken op de televisie richten zich steeds meer op het nieuws van de dag, en durven zelden meer het nieuws van gisteren te brengen zelfs wanneer het een dag later juist kwalitatief beter kan worden gebracht. Er is zo langzamerhand meer lef en inzicht voor nodig het nieuws juist niet — of in elk geval niet snel — te brengen dan wél. Het is goed dat er meer discussie in «eigen kring» ontstaat over het effect van bericht geving en de mediahype in het bijzonder. Het gevaar is overigens wel dat de vele bericht geving over mediahypes op zichzelf ook weer een hype aan het worden is.

Met als gevolg dat de journalistiek stilaan wel erg negatief wordt afgeschilderd, als zouden wij journalisten elkaar alleen maar napraten, feiten versimpelen, de waarheid geweld aandoen en medeplichtig zijn aan elke ramp die ons overkomt.

In dit verband wijs ik u graag op een fout in uw bericht geving. Joeri Boom en Margreet Fogteloo schrijven in hun verhaal dat alles en iedereen dagenlang over de «affaire Lubbers» heeft bericht. Zo ook de actualiteitenrubriek Netwerk. Leuk om uw lezers te melden dat in het genoemde artikel sprake is van niet-gecontroleerde feiten, napraterij en versterking van de beeldvorming over de journalistiek en die van Netwerk in het bijzonder. Want Netwerk heeft slechts één keer over de affaire Lubbers bericht, namelijk op vrijdag 4 juni. Toen zonden wij een interview met Lubbers uit. En daar is het bij gebleven.

KEES BOONMAN

hoofdredacteur ‹Netwerk› (KRO)

Mongolen

In «De huiselijkste gemeente…» (in De Groene Amsterdammer van 31 juli) schrijven Teun van de Keuken en Wouter de Haan: «(…) en horeca is er nauwelijks. Ja, een paar eettentjes die pas aan het eind van de middag open gaan en natuurlijk Het Atelier, waar mongolen de broodjes serveren. Niet bepaald het horecaplein 2004.»

Mongolen had sowieso mensen met Down’s syn droom moeten zijn. In de hierboven geciteerde context is de formulering dubbel deni grerend.

MAGHIEL VAN CREVEL, Leiden