Inkijkoperatie in een tijdschrift

‘Hebben jullie misschien een blaadje papier voor me?’ Toch niet zo'n rare vraag op een redactie. Vanachter de computers wordt er gewezen. In de bak van een printer liggen nog precies drie velletjes. Ik aarzel en scan de bureaus af, zoek automatisch de doos voor oud papier, want die heeft iedere redactie. Behalve de redactie waar ik op bezoek ben. ‘Datum’ heeft niet zoveel met papier - het is een tijdschrift over theater voor op de computer. Uitdraaien heeft geen zin. Ten eerste heb je daar meer papier voor nodig dan drie velletjes, en ten tweede mis je dan de helft.

Je moet Datum niet lezen, je moet het tijdschrift ondergaan. De journalist die alle apparatuur thuis heeft staan maar daarmee nog niet thuis is op Internet, kan op de redactie een rondleiding krijgen. Er staat een stoel klaar voor een computer, en de journalist moet maar meteen plaatsnemen. De halve redactie schaart zich eromheen - de tandartsbehandeling noemen de redactieleden dit ritueel. Maar het is meer een inkijkoperatie.
Op het beeldscherm staat de inhoudspagina van het nieuwste nummer van Datum - ik ben meteen binnen. Maar door die snelle binnenkomst heb ik wel iets gemist. ‘We moeten terug naar de huid’, zegt een van de behandelende redacteuren beslist. Door daadkrachtig ingrijpen van computerdokter Franz Feigl staan we weer buiten, voor de cover van Datum. Die bestaat uit een beeldvullende foto: een regelmatig landschap van navels, gemonteerd in de zachtroze, welvende huid van een mannenbuik.
Het beeld van die huid vol navels is niet toevallig gekozen. Het menselijk lichaam speelt bij Datum een grote rol. Het theatertijdschrift zonder doos voor oud papier is fysieker dan collega’s met, zoals Toneel Theatraal en Notes. Achter die roerloze huid van Datum beweegt het, en het maakt geluid. In het laatste nummer van Datum staat een artikel van Klazien van Brummel en George Brugmans over de geschiedenis van de Nederlandse dans. Met illustraties in de vorm van filmpjes. Het zijn er veel te weinig, ze duren maar een paar seconden en ze zijn alleen maar scherp als je ze op een klein formaat bekijkt. Maar het is adembenemend om bijvoorbeeld het fragment te zien uit Live van Hans van Manen: de draaibeweging van ballerina Rachel Beaujean en de meebewegende uitvergroting van haar hand op het videoscherm van Carre. Dat korte filmpje vertelt meer over Van Manens choreografie dan je op drie velletjes papier kunt uitleggen. Je wordt meegenomen in de beweging zelf, en niet in de beschrijving ervan.
Intrigerend is ook de weerslag van een dansvoorstelling van choreograaf Martin Butler en dramaturg Paul Derksen. Fuzzy Logic is een associatieve reis door woorden en beelden die een impressie oproepen van de voorstelling. Er zit maar een enkel kort filmpje bij, en toch beweegt er van alles: er is ritme aangebracht in de manier waarop het beeld zich opbouwt, in het samenspel tussen tekst en foto’s, en de typografie danst als een postmodern gedicht van Paul van Ostaijen.
Na twee korte rondleidingen is het me nog niet helemaal duidelijk waar Datum zich inhoudelijk op richt en op welke grond de keuze voor bepaalde items, schrijvers of kunstenaars is gemaakt. Maar het was genoeg om me te overtuigen van de geweldige mogelijkheden van dit nieuwe blad, die ook de makers van Datum nog maar net beginnen te ontdekken. Al wordt er in Datum ouderwets breedsprakig getheoretiseerd, het tijdschrift biedt het theater ook de kans om te ontsnappen aan de terreur van het woord dat de directe ervaring soms akelig in de weg kan staan. Datum heeft de tijd en de ruimte, net als het theater.
'Het volgende nummer krijgt een ingebouwde radio’, zegt initiatiefnemer Edgar Jager voortvarend. 'Of een soundtrack die doorloopt onder de tekst.’ Thuisgekomen stortte ik me weer in de gebruiksaanwijzingen van mijn computer en ik weet nu hoe ik geluid moet krijgen. En wat mij te wachten staat als alles werkt. In m'n eigen huis de nieuwe Datum kunnen betreden.