Iraniërs willen betere benzine

Teheran – Opnieuw waren de scholen in Teheran de afgelopen maand een paar dagen gesloten wegens luchtvervuiling, en regelmatig geldt er een beperkt verkeersverbod. Op zaterdag, maandag en woensdag mogen auto’s met even nummerborden de straat op en op de overige dagen die met oneven nummerborden.

Deze maatregel geldt al sinds jaren permanent in het centrum van de stad, maar wordt bij heel ernstige luchtvervuiling in de gehele stad ingevoerd. Toch blijven de torenflats zich dan nog steeds in een donkergrijze walm hullen en is het Alborz-gebergte, dat de stad omringt, vaak totaal onzichtbaar door de smog.

Van de tien meest vervuilde steden ter wereld zijn er vier Iraans, en dan staat Teheran nog niet eens in die top-tien. Ahwaz in het zuiden van Iran staat op nummer één. Het afgelopen jaar stierven ruim vijfduizend mensen door de luchtvervuiling. Het aantal kankergevallen neemt toe, ook onder kinderen. Dit jaar werden honderdduizend nieuwe kankerpatiënten geregistreerd. Vijf jaar geleden was dit nog zeventigduizend.

Volgens deskundigen is de Iraanse benzine de grootste boosdoener. Iran heeft door de sancties moeite om goede kwaliteit benzine te importeren en produceert daarom eigen benzine. Die is volgens deskundigen bijzonder kankerverwekkend. De kleine vervuilende deeltjes gaan in de longen zitten, waar ze kanker veroorzaken, en komen vervolgens in de bloedbaan terecht, wat tot hartziekten en astma kan leiden.

De nieuwe regering van president Rohani heeft nu aangekondigd dat Iran toch goede kwaliteit benzine zal importeren en ondertussen zal werken aan de eigen productie van benzine die aan Europese normen voldoet. Binnen twee jaar zou dit moeten zijn gelukt. Ondertussen hebben Iraanse prominenten uit de wereld van film, theater en journalistiek het volk opgeroepen om hun bescheiden maandelijkse uitkering – zo’n twaalf euro per persoon – te doneren aan een nieuw op te richten fonds dat oplossingen zal zoeken voor de luchtvervuiling en andere milieuproblemen. De uitkering werd een paar jaar geleden ingesteld als compensatie voor de stopzetting van de staatssubsidies op water, energie en voedsel.

Veel economen juichen dit idee toe, maar burgers lijken minder enthousiast. Zoals Arash, eigenaar van een kruidenierswinkeltje. ‘Die uitkering is niet veel, maar ik heb hem hard nodig. De regering is verantwoordelijk voor het oplossen van het luchtvervuilingsprobleem, niet ik.’