Islamisering

Dat ik van de aanstaande islamisering van de Nederlandse cultuur niet direct aan het bibberen sla, komt door mijn haardos en mijn seksuele geaardheid. Ik heb namelijk, godzijdank, nog een flinke bos op mijn hoofd en mijn libidineuze handelingen beperken zich tot het traditionele hetero-privé-domein. Ik weet dus niet hoe het voelt om de loden last van een onbegroeide schedel een heel leven te moeten torsen en ook nog door een Marokkaan in een ziekenhuis op hoofdhuid te worden gediscrimineerd. Evenmin heb ik het genoegen mogen smaken om door een ruwe islamiet van achteren te worden bemind. Wel kan ik mij daar iets bij voorstellen: twee grote behaarde handen die je intimiteit maltraiteren terwijl een naar harissa en lamskoteletten ruikende adem in je nek wordt geblazen. En dan weer die liefdeloze orgastische kreet in je trommelvliezen: ‘Fissa, fissa, kara!’ Wat in het Arabisch ‘Snel, snel, kale!’ betekent.

Ik wil best geloven dat je na zo'n zakelijke en ultrasnelle omhelzing waarin je binnen twee tellen als een A4'tje wordt geperforeerd en geniet, met gigantische frustratie achterblijft. Daarom kan ik wel enig begrip opbrengen voor de laatste bezigheidstherapie van Pim Fortuyn, die de vorm heeft aangenomen van zijn verleden week uitgegeven boek Tegen de islamisering van onze cultuur. In een interview in Het Parool legt Wilhelmus P.J.F. heel duidelijk uit wat voor hem de ‘directe aanleiding’ is geweest om zijn boekje te schrijven. Hij zat in een kamer van het Rotterdamse Claraziekenhuis zich groen en geel te ergeren aan het gedrag van rokende en etende allochtone bezoekers. Vervolgens besloot hij met zijn 'Nederlandse identiteit als fundament’ op de proppen te komen en ging hij logischerwijs bij de dichtstbijzijnde autoriteit klikken. De aangerukte hoofdzuster liet daarop een aantal allochtonen verwijderen. Toen zei een boze Turk tegen de klikspaan met de blotebillenkop: 'Kale, kijk jij maar uit, wij nemen het hier straks over.’ Geschrokken nam een gedecideerde Wilhelmus Pim Fortuyn twee kernbesluiten. Het eerste was dat hij onmiddellijk aan de redactie van Tegen de islamisering van onze cultuur zou beginnen en de tweede betrof de foto op de omslag van het boek: dit keer moest het plaatje niets laten zien dat hoger dan de wenkbrauwen zit.
Een ander punt dat ongetwijfeld sterk aan de conceptie van het boek heeft bijgedragen, betreft de teleurstellende wipjes van Wilhelmus met Achmed, Rachid en tal van andere oosterse binken. In Het Parool is hij hierover openhartig: 'Ik vrij niet meer met islamitische mannen. Omdat hun onderdrukte gevoelens een heel raar soort seks opleveren: heel neukgericht, zonder intimiteit, snel klaar, niet zoenen. Vreselijk.’
Hoe meer ik naar de schedel van Fortuyn kijk, hoe meer ik me het HSL-libido van die zwaar behaarde mannen kan indenken. U zou hier kunnen tegenwerpen dat dit allemaal nog geen reden hoeft te zijn om overal fundamentalistische komplotten tegen het rood-wit-blauwerfgoed te ontwaren. Maar Wilhelmus P.J.F. is een aanhanger van het adagio 'petites causes, grands effets’. Wanneer hij ’s ochtends in de drol trapt die de hond van zijn PvdA-buurman voor zijn deur heeft gedeponeerd, schrijft hij ’s avonds een pil over de bedreiging van de westerse normen en waarden door het herlevende communisme en het honderas.
Ik voel me dan ook niet echt geneigd om over de inhoud van Tegen de islamisering enz. te debatteren. Dit samenraapsel van schaapachtige gedachten in wolvekleren waaruit geen enkel moment valt op te maken dat Nederland daadwerkelijk door islamisering wordt bedreigd, heb ik in zesenvijftig seconden uitgelezen. Wel noteerde ik enkele curieuze kronkels zoals dat het Algerijnse 'FIZ’ een strijd op Franse bodem deels uitvecht die 'nu wat geluwd lijkt’. Zou Fortuyn niet af en toe uit zijn Feyenoordse vesting willen komen om zijn deskundigheid wat bij te scholen?
Ook kijk ik wel uit om Wilhelmus voor racist uit te maken of hem extreem-rechtse affiniteiten in zijn baboesjes te schuiven. Heeft hij niet een door Hans Janmaat aan hem aangeboden kamerzetel geweigerd omdat hij zich niet 'zo thuis in de Kamer voelt’?
Natuurlijk komt hij op voor die jongens van CP86 met hun mooie gespierde lijven die in het Rotterdamse stadhuis de 'voortdurende provocaties van GroenLinks en de PvdA’ moeten ondergaan. Want als je als 'intellectueel’ die arme knullen met Rudolf Hess T-shirts piepelt dan moet je niet verbaasd zijn dat 'je een grote kans loopt dat je een klap voor je smoel krijgt’.
Nee, Fortuyn is geen racist. Hij is gewoon een teleurgestelde minnaar die last heeft van haaruitval. Maar geen paniek, over een paar jaar schrijft hij een essay tegen het oprukkende bruine gedachtengoed in Nederland.
Dan zullen wij misschien horen dat ook neonazi’s heel neukgericht de liefde bedrijven.