Israël maakt soennitische vrienden

Jeruzalem – Officieel is het tussen Israël en de Arabische wereld nog altijd water en vuur. Maar in de praktijk is er in het Midden-Oosten een onwaarschijnlijk bondgenootschap aan het groeien, vooral omdat de vijand van mijn vijand mijn vriend is. De vijand in kwestie heet Iran.

Egypte en Jordanië zijn de enige Arabische landen waarmee Israël formele diplomatieke betrekkingen heeft. Met al-Sisi is het zelfs dik aan, want Egypte en Israël hebben dezelfde vijanden: Hamas en de IS-tak die de Sinaï teistert. Achter de schermen is al geruime tijd een toenadering aan de gang tussen Israël en de andere ‘gematigde’ Arabische staten. Sinds kort gebeurt dat ook voor de schermen. Onofficiële diplomatieke relaties zijn er inmiddels met Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten en andere Golfstaten.

Saoedische zakenlieden en academici hebben onlangs Israël bezocht. Hun delegatieleider was een oud-generaal die intiem is met koning Salman. Volgens Dore Gold, als directeur-generaal van het ministerie van Buitenlandse Zaken de feitelijke leider van de Israëlische buitenlandse politiek (de ministerszetel is nog altijd vacant), is er een ‘strategische convergentie’ tussen Israël en de soennitische landen. Met ‘vrijwel iedere Arabische staat’ heeft Israël, zei hij, enigerlei vorm van contact. Ook met moslimlanden in Afrika heeft Gold informele relaties opgebouwd.

De motor achter dat ontluikende bondgenootschap met landen die officieel nog altijd Israëls bestaansrecht ontkennen is de soennitische angst voor de regionale ambities van het sjiitische Iran. Ze zijn het vaak grondig eens met Israëls afgrijzen van Obama’s lof voor de nucleaire deal met Iran vorig jaar. In de soennitische landen wordt Iran tegenwoordig meer gehaat dan Israël.

Maar de aloude Arabische solidariteit met de Palestijnen dan? Die solidariteit is nooit verder gekomen dan woorden en hooguit het tolereren van Palestijnse vluchtelingenkampen. Natuurlijk zouden de Arabische landen hun toenadering tot de ‘zionistische entiteit’ makkelijker kunnen verkopen als Israël vrede sloot met de Palestijnen. Netanyahu heeft daartoe lippendienst bewezen aan het, alleszins redelijke, Arabische vredesinitiatief van 2002 dat sinds kort weer op tafel ligt. In ruil voor een Israëlisch-Palestijnse vrede zou de hele Arabische wereld Israël erkennen. Wat wil Netanyahu nog meer?

Netanyahu wil helemaal geen vrede met de Palestijnen. Daarom heeft hij de zaak omgekeerd: vrede met de Arabische wereld zal vrede met de Palestijnen vergemakkelijken. Van hun Arabische broeders hoeven de Palestijnen geen weerwerk tegen die list te verwachten.