Vraag maar aan de plaatselijke wapenverkoper

Israël verrechtst

Wapens en beveiliging zijn in deze moeilijke tijden «booming business» in Israël. Vergunningen worden sneller verstrekt en de wet kent zoveel mazen dat steeds meer mensen moeiteloos aan een wapen komen. En de weerstand slinkt. «Als iemand de kleuterschool van mijn kind wil beveiligen, dan kan ik niet zeggen dat ik tegen dat idee ben.»

JERUZALEM — Met een relatief solide economie achter zich veroverde Sharon het presidentschap op basis van een agressief «vrede met veiligheid»-program. Hij moet allebei nog waarmaken. Nu, met een slinkende economie, is een van de weinig overgebleven groeibranches in het land profiteren van een almaar toenemende belegeringsmentaliteit. Terwijl de regering in de richting van Likoed schuift, kan de wapen- en beveiligingsbranche zelfs nog zonniger tijden tegemoet zien.

Beveiligingstechnologiebedrijven melden recordwinsten, en in Tel Aviv zijn er wachtlijsten voor de aanschaf van verborgen came ra’s. Maar niemand heeft zulke goede zaken gedaan als de wapenverkopers. Sommige winkels in Jeruzalem hebben hun openingstijden uitgebreid om de stroom klanten te kunnen verwerken. Dat is geen recente ontwikkeling: de wapenkoorts begon met de start van de intifada. De Jerusalem Post berichtte enkele maanden geleden dat het aantal wapenbezitters met 350 procent is toegenomen. «We hebben het nog nooit zo druk gehad», meldt een bediende van Krav (Strijd) Wapenwinkel gevestigd in een winkelcentrum in West-Jeruzalem. «Meer mensen willen schietoefeningen en hun licentie vernieuwen. In de afgelopen paar maanden is het verdubbeld.» Terwijl een fysiek en economisch gevoel van onzekerheid zich meester maakt van de maatschappij, lijkt er een hamstermentaliteit te hebben postgevat. «Het gaat allemaal niet beter», zei een klant die zijn Glock liet nakijken, «dus wil ik klaar zijn.»

Het zijn niet alleen mensen van rechts en kolonisten die zich aan het bewapenen zijn. In de Magnum Gun Store in West-Jeruzalem wacht een koper die voor de eerste keer een wapen gaat aanschaffen in een rij die zich over de stoep langs het hele huizenblok uitstrekt. David, een veertigjarige advocaat, is een paar jaar geleden uit Chicago hierheen verhuisd. «Ik stem op Meretz, net als de meeste van mijn vrienden», zegt hij schouderophalend, verwijzend naar een van de meer naar links neigende partijen van het land. «Maar om eerlijk te zijn, volgens mij ben ik de laatste die ik ken die uiteindelijk toch een wapen koopt.» De kalende man achter hem in de rij wordt merkbaar geïrriteerd door ons gesprek. Hij draagt een T-shirt met de afbeelding van een F16-straal jager, en de boodschap: «Geen Zorgen, Amerika, Israël Zal Je Beschermen». Binnen in de winkel is de sfeer ondubbelzinnig Stars-and-Stripes: affiches van Harley Davidsons en Charlton Heston, advertenties die verkondigen: «Smith and Wesson: the American Choice». De stoffige gebruikte uzi die te koop ligt in de vitrine lijkt misplaatst.

Andere winkels zijn niet minder surrealis tisch. In Kirion, een van de mega-winkelcentra van Israël, in Kiyrat Bialik, zit de Arsenal Store ongemakkelijk ingeklemd tussen een kindercrèche aan de ene kant en de resten van een drieduizend jaar oude bijbelse stad met de naam Afeq aan de andere.

Israëliërs zijn altijd gewend geweest aan wapens. Militaire dienst is verplicht en het is verre van ongewoon om soldaten na diensttijd in burgerkleren te zien rondhangen op openbare plaatsen met een M16-geweer over hun schouder. Het beetje verzet dat vroeger bestond tegen wapens is tegenwoordig vrijwel verdwenen.

Voorheen waren de enige wapentegenstanders die van zich lieten horen feministische organisaties die bezorgd waren over vuurwapens in de handen van woedende echtgenoten. Veel van die organisaties zijn radicaal van standpunt veranderd. «Normaal waren we er altijd tegen, maar nu zitten we in een bijzondere situatie», zei Gali Etzion, een woordvoerder voor Na’amat, een vrouwenorganisatie die vroeger streed voor het aanscherpen van de restricties op wapenbezit. «Als iemand de kleuterschool van mijn kind wil beveiligen, dan kan ik niet zeggen dat ik tegen dat idee ben.»

Op de bovenste verdieping van de Shalom Towers in Tel Aviv is iedereen zich aan het haasten om stil te staan. Het ministerie van Binnenlandse Zaken verstrekt wapenvergunningen, maar het enige wat mensen in handen hebben is een stukje papier met hun volgnummer. «We mogen slechts vijftig aanvragen per dag aannemen, maar soms staan er om zeven uur ’s morgens al twee keer zo veel mensen voor de deur», zegt een medewerker met een uitgeputte zucht. «En we gaan pas om acht uur open.» Als de vergunning wordt toegekend, duurt het enkele weken voor ze is gemaakt. Hoewel exacte cijfers niet beschikbaar waren, onthulde een ambtenaar van het ministerie van Binnenlandse Zaken dat de meerderheid van de aanvragers groen licht krijgt.

Toch zijn er meer beperkingen aan het verkrijgen van een wapen dan in de Verenigde Staten. Op een totale bevolking van 6,3 miljoen zijn er 340.000 legale wapenbezitters in Israël, een aantal dat verbleekt bij de grofweg tachtig miljoen wapenbezitters op een totale bevolking van 270 miljoen in Amerika. Voorlopig kunnen Israëliërs alleen maar jaloers zijn op de typisch Amerikaanse vrijheid om een handvuurwapen te kopen, zonder wachttijd en zonder achtergrondcheck, of de unieke luxe om de voorraad 9mm-munitie aan te vullen bij de plaatselijke supermarkt.

Desondanks hebben Israëliërs hun eigen voordelen. Kopers met een vergunning hoeven niet eens hun huis te verlaten om een nieuw vuurwapen aan te schaffen, aangezien verkopers tegenwoordig aan de deur komen. Op zondag kun je het wel vergeten om Itzhak Mizrahi te pakken te krijgen, de eigenaar van de Magnum 88-winkel in Jeruzalem. Hoogstwaarschijnlijk is hij op pad in zijn omgebouwde achttienwieler met oplegger ergens op de Westoever of binnen de Groene Lijn. «Ik kom overal.» De laadbak van zijn truck biedt een indrukwekkende verscheidenheid aan wapens en munitie, tegen prijzen niet hoger dan in zijn winkel in Tel Aviv. Maar de grootste trekpleister van de Mobile Magnum is zijn volledig geoutilleerde overdekte schietbaan. «Mensen willen de koopwaar testen. Dat kun je ze toch niet kwalijk nemen?» Enkele van zijn meest trouwe klanten wonen op de verafgelegen nederzettingen, waar mensen geen zin hebben om helemaal naar de stad te rijden.

De toegenomen militarisering van de maatschappij heeft ook subtielere gezichten. «Het was zo ver gekomen dat er dertig of veertig mannen kwamen bidden met een wapen aan hun riem, en soms meer dan één wapen», verklaarde David Lau, rabbi van de Tze’irei Modi’in synagoge in Tel Aviv, in een interview met de Jerusalem Post. Lau, die ook de zoon is van Israëls hoogste asjkenazische rabbi, trok brede aandacht met zijn herinterpretatie van de religieuze wet waarin hij stelde dat, vanwege het huidige klimaat, joden nu zelfs op sabbat wapens konden blijven dragen. Historisch gezien was het binnen de orthodoxe doctrine strikt verboden te werken, met geld om te gaan of wapens te dragen op sabbat, maar Lau besliste dat, op basis van de religieuze regel van pikuah nefesh (het redden van joodse levens), de gelovigen er nu een konden dragen. «Het week af van onze traditie, maar niemand was het oneens met de interpretatie.» In minder orthodoxe kringen zijn wapens al enige tijd aanwezig en worden zelfs gestimuleerd in synagogen. In de Shitblach synagoge in West-Jeruzalem is een groot bericht op het mededelingenbord geprikt, met de tekst: «Gelovigen die vuur wapens bezitten, wordt verzocht ze mee te brengen naar de gebedsdienst.»

Behalve religieuze kwesties zijn er nog andere zorgen rond de alomtegenwoordigheid van wapens. B’tselem, een Israëlische mensenrechtenorganisatie, wijst op de ontelbare incidenten waarbij Israëlische burgers aanslagen plegen op ongewapende Palestijnen, of kolonisten hun wapens gebruiken om boeren van hun land te verdrijven. Maar de meeste Israë liërs maken zich meer zorgen over de mogelijke schade die ze elkaar kunnen aandoen. «Het maakt ons werk echt heel erg zwaar», zei een beveiligingsbeambte voor het Jeruzalem Hilton. «Je wilt niet de verkeerde persoon neerschieten.» Bewakers klagen dat het nooit makkelijk is de good guys van de bad guys te onderscheiden «maar nu iedereen een wapen heeft, is onmogelijk vast te stellen wie je precies in de gaten moet houden».

Dan is er nog de mogelijkheid van het bewapenen van de georganiseerde misdaad. Onlangs werd de zwarte markt het brandpunt van intense aandacht nadat vier kolonisten waren doodgeschoten door een Palestijnse schutter die was binnengeslopen in Adora, een nederzetting op een heuvel op de Westoever. Uit het onderzoek dat volgde, kwam naar voren dat de munitie die werd gebruikt bij de schietpartij afkomstig was uit een Israëlisch legerdepot. Meer dan zestigduizend kogels bleken te zijn gestolen en verkocht, voor een halve shekel per stuk, aan de Palestijnse militanten. En naar later bleek waren de verkopers enkele kolonisten uit Adora.

De zwarte markt is niet de enige plek met minimaal toezicht. Ondanks het feit dat wapens in Israël big business zijn, is er geen enkel toezicht noch enig equivalent van de NRA (National Rifle Association). «We hebben geen wapenlobby», verklaarde Adam Keller van Gush Shalom, een Israëlische vredesgroep. «Maar we hebben ook geen James Brady.» Het eindresultaat is dat de enige echte controle op de wapenstroom de vraag op de markt is, en met zoveel onzekerheid en woede overal en altijd in de samenleving droogt die vraag maar hoogst zelden op.

Voor een deel zijn de zaken in de beveiligings- en vuurwapenbranche blijven boomen door subtiele veranderingen in de wet. Na de moord in 1995 op premier Yitzhak Rabin, toen een godsdienstfanaticus een legaal verstrekt handvuurwapen trok, werd het vergunningenstelsel in Israël aanzienlijk aangescherpt. Maar eerder dit jaar werden die wetten grondig geliberaliseerd, waardoor zestigduizend nieuwe burgers de kans kregen een wapen aan te vragen. Nog meer veranderingen hebben bijgedragen aan de huidige toestand. Gemeentelijke verordeningen verplichten nu alle zalen — inclusief bioscopen, bibliotheken, hotels — met een oppervlakte groter dan tweehonderd vierkante meter om gewapende bewakers neer te zetten. Adi Eldar, de burgemeester van Karmiel, heeft alle gemeenteambtenaren verzocht een wapen te dragen naar het werk, en hij dringt er bij alle burgemeesters in het land op aan hetzelfde te doen.

Niet alleen worden vergunningenwetten losser, er zijn ook gapende mazen in de wet. Bulklicenties maken de circulatie van ongecontroleerde aantallen wapens mogelijk omdat gemeenten, scholen en ziekenhuizen horen tot de vele instellingen die een block-vergunning kunnen aanvragen om hun werknemers te bewapenen. Maar met voorsprong het talrijkst en minst gecontroleerd zijn die wapens die en masse worden vergund aan bedrijven in de snel groeiende beveiligings industrie van Israël.

Voor Robi Said van Otsma Security Ser vices, dat bewakers levert aan restaurants en cafés, zijn de zaken bijzonder voorspoedig gegaan. «We hebben in een paar maanden het aantal medewerkers moeten verdubbelen.» Beni Tal meldde hetzelfde. Tal, die levert aan high-end-klanten, runt het grootste veiligheidsbedrijf van het land, en levert bodyguards voor chique feestjes en overheidsofficials. Hij heeft een klein leger in dienst, met meer dan duizend fulltime werknemers en meer dan zeshonderd parttimers. «Als mensen tegenwoordig uitnodigingen sturen voor bruiloften en bar mits wa’s, vermelden ze precies hoeveel bewakers er zullen zijn en van welke firma. Als je dat niet specificeert, komt er niet één gast.»

Maar volgens Tal hebben de vette jaren voor de branche wel een prijs. Nu de vraag omhoog schiet en nieuwe bedrijven vrijwel dagelijks de branche binnenkomen, maakt Tal zich zorgen dat de kwaliteitscontrole steeds meer tekortschiet. Onder overkoepelende licenties kunnen beveiligingsbedrijven wapens uitdelen aan hun personeel, die op hun beurt de wapens mee naar huis kunnen nemen zonder ooit persoonlijk een vergunning te hebben aangevraagd. «In deze branche wil je niet de eerste de beste. Tegenwoordig hebben we een open markt, en ik denk niet dat dat snel zal veranderen.»

Vertaling: Rob van Erkelens