Israeli’s en palestijnen in hetzelfde schuitje

Arafats genante vertoning tijdens de ondertekening in Cairo was ongetwijfeld bedoeld voor het Palestijnse thuisfront. Een tenenkrommende pantomime, maar de Israeliers waren niet verbaasd. Diplomatie per interview, last minute-consessies die weer worden ingetrokken en dramatische wendingen om Mubarak en Christopher op hun nummer te zetten - het is het handelsmerk van Arafats theaterprodukties.

Geen van de Palestijnse leiders in de autonome gebieden was echter te bewegen naar Cairo te komen; dat illustreert wel hoe Arafats positie is uitgehold.
Staat Arafat wel te springen om naar Gaza te komen? Zijn geestdrift wordt getemperd door de angst te stranden in het moeras van het doodarme en onrustige Gaza. Want waarom zou Israel de Palestijnen bevoegdheid geven over meer gebied als zij niet eens in Gaza de orde kunnen bewaren? Veel Palestijnen menen dan ook dat het beter was geweest Gaza tot het laatst als een graat in Israels keel te laten zitten. Maar het probleem zit evenzeer in Arafats bestuursstijl. Een vooraanstaande Palestijnse delegatie, geleid door Haidar Abdul Shafi, kwam onlangs om meer democratie vragen - Arafat stuurde ze onparlementair terug.
De Israeli’s en de Palestijnen zitten in hetzelfde schuitje: met bondgenoten tegen wil en dank. Arafat moet kost wat kost de schijn vermijden dat hij met Israel onder een hoedje speelt, terwijl de bezetting op de Westoever gewoon voortduurt. Vandaar het gehamer op symbolen van soevereiniteit als de eenzame Palestijnse politieman op de Jordaanbrug en de eigen Palestijnse postzegel. Toch biedt uitvoering van het Cairo-akkoord tenminste de kans dat de pessimistische en gefrustreerde Palestijnen in de bezette gebieden iets zien veranderen. Tastbare verbetering daar is het enige wat Arafats positie weer kan oppeppen. Palestijnen huilen echter als ze moeten lachen en lachen als ze moeten huilen: dat ziet er ‘patriottischer’ uit. Ook Rabin zal met zichtbare resultaten thuis moeten komen voor zijn doemdenkende conservatieve oppositie. En dat betekent dat er iets ten goede moet veranderen in Israels veiligheidssituatie. Rabin moet zijn publiek een coopererende, niet een saboterende Arafat kunen voorhouden. Maar wat aan de ene kant cooperatie heet, noemt de andere zijde collaboratie.
Zal Arafats Palestijnse politie de veiligheid van Israeli’s kunnen waarborgen? De PLO meent terecht dat dat alleen kan in gebieden die zij metterdaad in handen krijgt: Gaza (zonder de nederzettingen) en Groot Jericho. De aanwezigheid van Israelische kolonisten tijdens de interimperiode is de achilleshiel van het Rabin-Arafatakkoord. De islamitisch fundamentalistische Hamas heeft al aangekondigd dat het zijn aanvallen op joodse nederzettingen zal voortzetten en ook de PLO niet zal ontzien wanneer deze dwars ligt. Maar ook binnen Hamas schijnt het besef te groeien dat het zichzelf uit het politieke krachtenveld manoeuvreert als het de voor de zomer geplande Palestijnse verkiezingen boycot. Vandaar de - door Israel met argusogen gevolgde - 'vredesbesprekingen’ tussen de fundamentalisten en de PLO. En vandaar dat, voor het eerst, in radiciaal islamitische kring geluiden zijn te horen over een 'tijdelijk staakt-het-vuren met de zionistische entiteit’. Hoopvolle kiemen tussen de zure druiven.