Vrije migratie

It’s neoliberalism, stupid

Vrije migratie is geen ramp, ons huidige migratiebeleid is dat wel. Noch links noch rechts treedt buiten een neoliberaal paradigma – de oorzaak van wereldwijde onzekerheid en ongelijkheid.

Medium hh 6176279
Een Ethiopische man wacht zijn zoon op die aankomt op Schiphol. Het heeft zeven jaar geduurd voordat ze elkaar weer kunnen zien © Klaas Fopma / HH

Met zijn inreisverboden voor moslims voert Trump het Amerikaanse migratiebeleid, dat al decennia harder en harder wordt, nog weer een paar slagen verder op. Europese leiders voelen zich gedwongen om daar hun afkeuring over uit te spreken, maar voelen evenzeer nattigheid. De EU-Turkije-deal bijvoorbeeld heeft toch evengoed als doel om de grenzen hermetisch af te sluiten, of het nu om oorlogsvluchtelingen gaat of niet?

Ondanks de steeds hardere toon is het migratiebeleid in Europa en Noord-Amerika geen groot succes. Het goede nieuws is dat het aantal mensen dat legaal en wel de grens overschrijdt enorm stijgt. Eurostat leert dat het aantal passagiers dat op Schiphol van buiten de EU arriveerde steeg van 96.000 in 1993 tot bijna 25 miljoen in 2015. Sommige buitenlanders kwamen om zich te vestigen, anderen waren terugkerende Nederlanders. De meesten kwamen voor korte tijd voor vakantie of zakenreis. Maar tot welke categorie deze mensen ook behoren, ze zijn van harte welkom want ze laten de schoorsteen roken. De migratie (voor een paar weken of voor jaren, dat maakt niet uit) van mensen uit rijke landen is met succes geliberaliseerd door visa af te schaffen en vestigingsvoorwaarden te vergemakkelijken. Maar liefst 260 keer zo veel mensen van buiten de EU in 22 jaar: we boeren prima.

Tegelijkertijd lukt het niet erg om asielstromen en gezinsmigratie (de minder gewenste vormen van migratie) onder controle te krijgen. Ook als we dramatische jaren als 1993 of 2015 even buiten beschouwing laten: nationaal beleid heeft weinig grip op deze vormen van migratie. De aantallen gaan omhoog en omlaag zonder dat beleid een aanwijsbaar effect heeft. En er zijn heel wat tot illegalen gebombardeerde migranten die jarenlang, en zelfs decennia, feitelijk in westerse landen wonen. Daarbij maken uiteenlopende beleidsvarianten kennelijk niet zo veel uit. Het probleem speelt namelijk in de hele westerse wereld, terwijl verschillende landen echt heel verschillend beleid uitproberen. Australië is misschien een ander verhaal. Een enkele blik op de kaart leert evenwel dat dat inderdaad een geval apart is – sterker nog: het is een heel continent apart.

Het huidige migratiebeleid is een ramp. Bedoelde effecten worden nauwelijks bereikt, onbedoelde effecten tieren welig. Het is gewelddadig, dodelijk, sluit mensen uit op suspecte gronden als nationaliteit, terwijl niet duidelijk is waar het goed voor is. Maar links zit klem in de gedachte dat er maar twee opties zijn. De meest gangbare versie is die van de pvda. Men herinnert zich misschien nog wel Diederik Samsom, van de EU-Turkije-deal. De pvda wil net als rechtse partijen migratie beperken, zonder al te nare dingen te zeggen over de mensen die er onverhoopt in slagen Europa wel te bereiken. Links wil het bestaande, falende beleid grosso modo voortzetten.

***

Het is daarom niet gek dat de afgelopen tijd van een aantal kanten is voorgesteld om internationale migratie dan maar te liberaliseren – althans om migratie meer vrij te laten dan nu het geval is. Het idee is dat als migratie minder streng wordt gereguleerd de perverse effecten (illegaliteit, uitbuiting, mensen die verdrinken) verdwijnen of beperkt worden. De verwachting is dat er niet meer migratie zal komen dan de arbeidsmarkt van rijke landen aan kan: als er geen werk is, komen mensen niet. Henk van Houtum en Leo Lucassen bepleiten in hun boek Voorbij Fort Europa meer legale migratie naar Europa, zowel via asiel vragen op ambassades als via veel ruimere arbeidsmigratie. Ze staan daarin niet alleen.

De bewoners van de Griekse eilanden hebben gelijk als ze zeggen dat hun sociale structuren overbelast worden

Eveneens vanaf de linkerzijde bepleit Reece Jones in zijn boek Violent Borders vrij personenverkeer, terwijl de vrije-marktdenker Branko Milanovic dat doet in zijn Global Inequality. De Europese Commissie (die ook nogal van de vrije markt is) bestempelt in beleidsnotities steevast legale migratie als een van de manieren om illegale migratie te bestrijden. Voorshands komt er van de concrete uitwerking bitter weinig terecht, maar de Commissie deelt de analyse van Milanovic.

Een vast onderdeel van deze pleidooien is om legale migranten niet meer vanzelf toegang te geven tot de verzorgingsstaat, maar hen zich geleidelijk te laten inkopen via een getrapte opbouw van rechten op basis van arbeid. Dus: voor je een bijstandsuitkering krijgt, moet je eerst een paar jaar gewerkt hebben. Op die manier kan overbelasting van de sociale zekerheid (‘bijstandstoerisme’) worden voorkomen. Ook een vast onderdeel van deze voorstellen is dat vrij personenverkeer onderdeel moet zijn van een breder programma. Aan de linkerzijde (Van Houtum en Lucassen, Jones) wordt gehamerd op het bestrijden van wereldwijde ongelijkheid. Milanovic vindt dat migratie slechts één van de dingen is die moeten worden onderworpen aan de zegeningen van de vrije markt.

Een klassiek links argument tegen vrijere migratie is dat immigratie leidt tot verdringing op de arbeidsmarkt en neerwaartse druk op arbeidsvoorwaarden. De voorstanders van een ruimer migratiebeleid bestrijden dat daarvan sprake is. Dat doen ze met macro-economische argumenten. Van Houtum en Lucassen gebruiken waar ze dat doen unverfroren neoliberale terminologie. Hun betoog is in deze passages ineens doorspekt met termen als ‘economisch profijt’, ‘gezonde concurrentie’ en ‘creativiteit’, terwijl ze met afschuw reppen van overheidsinterventies die inefficiënt of (jakkes!) onrendabel zijn. Milanovic doet dat ook, maar gezien zijn voorkeur voor de vrije markt verbaast dat minder.

Helaas is het gewoon onjuist dat migratie niet tot verdringing leidt. Vergelijk het met de komst van vluchtelingen in 2015. Die was voor Europa als geheel prima te doen – het ging om niet meer dan 0,3 procent van de Europese bevolking. In Turkije hebben ze tien keer zo veel vluchtelingen per inwoner, in Libanon zelfs honderd keer zo veel. Dus Europa als geheel moet gewoon niet zeuren. Maar op sommige plekken leidde dit relatief beperkte aantal wel degelijk tot echte problemen. De bewoners van de Griekse eilanden, of de ten onrechte gehoonde inwoners van het dorp Oranje, hebben natuurlijk groot gelijk als ze zeggen dat hun sociale structuren zwaar overbelast worden.

Dat geldt ook op de arbeidsmarkt. Als je alleen macro kijkt, kan die migratie prima hebben. Maar er zijn wel degelijk plekken waar het dringen wordt. Mensen die vroeger vrachtwagenchauffeur waren met een vast contract en een behoorlijke cao zijn nu zzp’er, zonder zekerheid en met veel slechtere arbeidsvoorwaarden. Via de Europese markt zijn zij nu in ‘gezonde concurrentie’ verwikkeld met Europeanen uit landen met lagere lonen en slechtere arbeidsomstandigheden. Oost-Europese chauffeurs rijden nu hun ritten, tegen Oost-Europese arbeidsvoorwaarden. Dat gebeurt via detacheringsconstructies en andere juridische trucs waarmee werk dat in Nederland verzet wordt onder het recht van lagelonenlanden wordt gebracht. Hierdoor worden de arbeidsvoorwaarden, lonen, belastingen en sociale zekerheid uit Oost-Europese landen geïmporteerd op de Nederlandse arbeidsmarkt. Voor werkgevers is dit aantrekkelijk, omdat ze zo meer winst maken. Maar Nederlandse werknemers worden verdrongen, of moeten als pseudo-zzp’er werken onder voorwaarden die hen concurrerend maken met hun Oost-Europese collega’s. Dit soort verdringing treedt in beperkte mate op in de laagste segmenten van de arbeidsmarkt, in krimpende sectoren als de bouw, de tuinbouw, de voedingsindustrie en het transport.

Hebben Wilders, Trump en Le Pen wel gelijk? Is migratie een ramp? Pikken ze onze banen in?

Zoals de pleitbezorgers van vrije migratie niet aflaten te benadrukken: dit gebeurt maar in beperkte mate, en op macro-niveau wordt deze verdringing gecompenseerd door positieve effecten van migratie, die in groeisectoren economische expansie juist mogelijk maken. Er is dus in zekere zin inderdaad ‘economisch profijt’. Maar dat is er niet voor iedereen. De werkgever die ‘creatief’ met het recht omgaat maakt meer winst, en sommige sectoren groeien harder dan zonder migratie het geval zou zijn. Maar het profijt wordt niet eerlijk verdeeld. De tot zzp’er gedegradeerde vrachtwagenchauffeur heeft er simpelweg geen boodschap aan dat iemand anders over zijn rug rijk wordt. Het ‘economisch profijt’ is er niet voor hem, de ‘gezonde concurrentie’ betekent voor hem een achteruitgang, en er wordt meer van zijn ‘creativiteit’ gevergd dan hij in huis heeft. Zulke echte ervaringen kun je niet uitvlakken met macro-economische gegevens. Dat het bbp als geheel gelijk blijft of zelfs iets stijgt, betekent niet dat er geen slachtoffers zijn.

***

Wat is er aan de hand? Hebben Wilders, Trump en Le Pen wel gelijk? Is migratie een ramp? Pikken ze onze banen in? Nee, dat is allemaal niet het geval. Maar de pleidooien voor vrije migratie zwemmen wel degelijk in een fuik die deze populisten opzetten. Sinds 1980 is overheidsbeleid in westerse landen erop gericht geweest om de zekerheden die de verzorgingsstaat beoogde te bieden, en tot op zekere hoogte ook metterdaad bood, te ondermijnen. Sociale woningbouw is geprivatiseerd (corporatiewoningen zijn ordinair verpatst) of op winststreven gestoeld. De arbeidsmarkt is geflexibiliseerd. De gezondheidszorg is vermarkt. Onderwijs werd van iets wat je kreeg als je goed je best deed tot een investering in je eigen verdiencapaciteit. Dit zijn allemaal gebieden die de kern van het bestaan van mensen raken. Overal zijn zekerheden bewust afgebroken om mensen prikkels te geven, te ‘incentivizen’, niet meer te pamperen. Mensen moeten meer initiatief ontplooien, en daarom moeten ze zich minder veilig voelen. Er is al decennia sprake van een grootscheeps politiek programma van ver-ont-zekering (‘precarisering’, maar dat woord is nóg lelijker).

Binnen de universiteit heb ik dit proces zelf meegemaakt. Toen ik 25 jaar geleden vanuit de sociale advocatuur aan een rechtenfaculteit kwam werken, kreeg ik een salaris en een takenpakket. Een kwart eeuw later heb ik een businessmodel, waarin ik via studiepunten, beurzen, contractonderwijs en private financiering mijn targets bij elkaar moet scharrelen. De ver-ont-zekering is dus niet alleen uitgezaaid in de kernsectoren van het alledaagse leven, maar heeft ook een stabiele ivoren toren als de universiteit versjteerd. We worden allemaal systematisch gestresst. Fijn voor wie ermee kan omgaan, maar wie niet meekomt wordt afgedankt, ook al ben je nog zo goed in je vak. Dit programma, dat al decennia met volle kracht wordt uitgevoerd, is in de steigers gezet door Reagan en Thatcher, uitgevoerd onder Clinton, Blair, Schröder en hier door Lubbers en Kok. Intieme onderdelen van ons leven zijn omgevormd tot permanente economische keuzes, tot rechtstreekse concurrentie met collega’s en buren.

Deze ‘gezonde concurrentie’ levert beslist ‘economisch profijt’, maar er zijn veel mensen die er niet in mee kunnen komen, aan wie het vreet. Tegenover die mensen zijn macro-economische hoeraverhalen over gezonde concurrentie niet overtuigend, en ook gewoon niet eerlijk. De neoliberale waarheid dat a rising tide lifts all boats is aantoonbaar onjuist, en de befaamde trickle down-effecten van de vermarkting van zo ongeveer alles zijn ongelijk verdeeld.

Een onderwerp dat bij aanhangers van vrije migratie opmerkelijk ontbreekt zijn de uiteenlopende effecten van ‘gezonde concurrentie’ voor mannen en vrouwen. Vrouwen hebben door hun (langzaam teruglopende, maar nog immer bestaande) sociaal-economische achterstand een slechtere startpositie op de markt. Het zijn nog altijd vrouwen die het leeuwendeel van de zorg voor kinderen en ouderen op zich nemen. Met zulke blokken aan het been is het een stuk minder concurreren, hoeveel we misschien ook van die blokken houden. Een systeem van getrapte opbouw van sociale zekerheid op basis van arbeidsmarktparticipatie heeft dus als evident effect de achterstelling van vrouwen, omdat zorgarbeid door het sociale-zekerheidssysteem niet wordt waargenomen. Voor migranten betekent dit dat het voor vrouwelijke migranten moeilijker zal zijn om zich via de arbeidsmarkt in te kopen in de sociale zekerheid dan voor mannen.

De oplossing is niet om mee te gaan brallen met Trump c.s. om toch maar vooral het gehoor van de gewone man te krijgen

Anders dan Trump c.s. beweren, is migratie niet de oorzaak van deze grootscheepse ver-ont-zekering. Maar migratie is wel een onderdeel van dit grotere en wereldwijde proces. Het probleem met voorstellen om migratie verder te liberaliseren is dat ze het neoliberale paradigma, dat ondanks 2008 nog steeds volstrekt dominant is, overnemen. Zij denken dat een rationele toepassing van neoliberale ideeën op migratie onderdeel van de oplossing is.

Maar vrije (of vrijere) migratie betekent dat de staat zich minder gaat bemoeien met migratie. Het gevolg daarvan is niet dat mensen meer vrijheid krijgen om te beslissen over waar ze willen gaan wonen. Maar het betekent dat sommige mensen daar meer over te zeggen krijgen. Minder ingrijpen door de staat betekent meer vrijheid voor die andere twee instituties die (ook nu al) grote invloed hebben op migratie: de markt en de familie. Om preciezer te zijn: de sterksten op de arbeidsmarkt en in de familie krijgen meer macht dan ze nu al hebben. Maar wat mij betreft kunnen we van 150 jaar arbeiders- en vrouwenbeweging leren dat we niet meer vrijheid willen voor ondernemers en patriarchen, maar dat we hun vrijheid juist willen inperken via mechanismen die tot op heden alleen op het niveau van de nationale staat een beetje op gang zijn gekomen. De oplossing is niet nóg meer getrapte opbouw van sociale zekerheid op basis van arbeidsverleden dan we nu al hebben. Niet meer onzekerheid, maar juist meer echte zekerheid en echt sociale zekerheid.

***

Kortom: de dominantie van het neoliberalisme is het probleem. Dan is het geen oplossing om de neoliberale rationaliteit nog meer toe te passen op migratiebeleid dan nu, in Nederland en andere westerse landen, al het geval is. En dat is wel waar het voorstel van de aanhangers van vrijere migratie op neer komt. De linkse pleitbezorgers van vrije migratie hebben massa’s verstandige, weloverwogen beschouwingen en voorstellen. Op een aantal punten gaan ze ook tegen het neoliberalisme in. Maar op een cruciaal punt denken ze het neoliberalisme even voor hun karretje te kunnen spannen. Dat is een vergissing.

Hoe dan wel? Een verstandiger, realistischer en humaner migratiebeleid is alleen mogelijk als onderdeel van een bredere visie waarin de ver-ont-zekering wordt gekeerd. Een fundamenteel probleem daarbij is dat het tot nu toe alleen op nationaal niveau gelukt is om de verzorgingsstaat een beetje van de grond te krijgen. Wie nog meer getrapte opbouw van sociale zekerheid, huisvesting en gezondheidszorg voorstelt, stelt voor om daar nog weer een stukje extra af te slaan. En: als je voor migranten de getrapte opbouw versterkt, ligt het ontzettend voor de hand om dat voor jongeren ook te doen. Vrijere migratie fungeert zo als koevoet om de welvaartsstaat weer wat verder af te breken. Daar is geen draagvlak voor bij de mensen die reden hebben om zich daardoor bedreigd te voelen. En die mensen hebben daar volledig gelijk in.

Het is bovendien volkomen onduidelijk waar verdere afbraak van de sociale zekerheid voor nodig zou zijn. Nederland en Europa zijn rijker dan ooit tevoren, op het obese af. Het probleem is niet dat de sociale zekerheid onbetaalbaar is geworden, maar dat de ongekende welvaart steeds ongelijker wordt verdeeld. Mijn startende collega’s kunnen geen huis huren of kopen, terwijl ze best een redelijk inkomen hebben.

Pleidooien voor vrijere migratie zijn goed omdat ze provocerend zijn. Ze leggen bloot waar links tekortschiet – niet alleen in Nederland. Er is geen breder verhaal dat als alternatief voor de ver-ont-zekering kan gelden. Denk maar aan de Nederlandse politieke verhoudingen. De SP is nationalistisch en ontbreekt het aan een internationaal en Europees georiënteerde visie op ongelijkheid. GroenLinks heeft zich nog niet losgemaakt van de liberale wind die onder Halsema waaide, en waarin het bon ton was om te ‘erkennen’ dat de verzorgingsstaat knellend was, en zzp’ers voor een verhevener mensensoort doorgingen. De pvda en d66 zijn onder Paars de voorlopers van de ver-ont-zekering geweest, en onder leiding van Jeroen Dijsselbloem worden Griekenland de zegeningen daarvan tot op vandaag door de strot geduwd. Al die partijen hebben wel elementen in hun beleid die deel zouden kunnen zijn van een breder verhaal, maar ze hebben meer dingen op het programma staan die er haaks op staan.

Het debat zoals het nu gevoerd wordt gaat er vanuit dat er gekozen moet worden uit twee alternatieven. Ofwel het huidige beleid wordt grosso modo voortgezet – met een beschaafde bijsluiter à la de pvda, of met een zo grof mogelijk verhaal à la Trump, Le Pen en Wilders. Ofwel na de gezondheidszorg, de sociale woningbouw en het openbaar vervoer wordt ook het migratiebeleid op neoliberale grondslag gevestigd. Dat moet dan doorgaan voor een vergroting van de vrijheid, maar het vergroot in feite de vrijheid van de sterkste partijen op de markt en in de familie. Denken over een alternatief moet voorbij deze framing, of zo men wil: voorbij deze discursieve fuik zien te komen. Migratie en migratiebeleid zijn onontwarbaar verweven met het bredere proces van ver-ont-zekering en toenemende ongelijkheid binnen en tussen landen. Een analyse die zich beperkt tot migratiebeleid is daarom bij voorbaat gedoemd te blijven steken in de keuze tussen het huidige restrictieve beleid of ‘liberalisering’.

Theoretici als Zygmunt Bauman en hier te lande Willem Schinkel, en empirische wetenschappers als Hein de Haas, ontwikkelen wel degelijk zulke bredere analyses, en ook Van Houtum en Lucassen en Reece Jones doen dat. Maar als het aankomt op concrete voorstellen lukt het ons niet los te komen van de twee vastgeroeste opties. Toch is de oplossing niet om, zoals de pvda een beetje en cda en vvd een beetje veel doen, mee te gaan brallen met Trump c.s. om toch maar vooral het gehoor van de gewone man te krijgen; of om juist mee te gaan met de vrije-marktdenkers. Een links alternatief moet veel breder zijn, niet alleen over migratie gaan maar over ver-ont-zekering en ongelijkheid. Ongelijkheid niet alleen in economische zin, maar ook waar het gaat om veiligheid en gezondheid. Niet alleen in Nederland of Europa, maar ook in de wereld. Een van de redenen waarom migranten zo gek zijn om in die wrakke bootjes te stappen, is dat hun kansen om in Congo of Somalië de 65 te halen ook niet erg groot zijn. Het wordt tijd dat links zijn begrijpelijke en ooit eerbare gêne voor het grote verhaal van zich afschudt en weer gaat proberen zich een echt andere wereld voor te stellen.


Thomas Spijkerboer is hoogleraar migratierecht aan de Vrije Universiteit