Italië krijgt super-schoolhoofden

Rome – Hij is er sinds vorige week eindelijk door, de hervorming van het Italiaanse onderwijssysteem waar de beroepsgroep bloedspugingen van krijgt. Weinig heeft tot zoveel emoties geleid als de buona scuola (de goede school) van premier Matteo Renzi (40).

De enorme woede onder de ongeveer één miljoen betrokkenen uit het Italiaanse onderwijs slaat op de superpreside (het super-schoolhoofd). Met de ironische term wordt bedoeld dat schoolhoofden en rectors vanaf 2016 de doorslaggevende stem krijgen in het aanstellingsbeleid van onderwijzers (lagere scholen) en leraren (middelbare scholen).

Wat is daar zo erg aan? In de rest van de moderne westerse wereld is dat al lang het geval. Nederlandse hoofden van basisscholen en rectors van middelbare scholen beschouwen het aanstellen van hun lerarenkorps als de belangrijkste onderscheidende factor voor het succes van hun scholen. Natuurlijk kies je de beste want op het succes van je school word je afgerekend.

In Italië wordt zelden de beste gekozen. Dat is een van de grootste problemen van een typische zuidelijke clan-maatschappij. In Italië krijgt het nichtje, de zoon van een vriend, de telg van een politicus, altijd voorrang. De weg naar een vaste aanstelling als onderwijzer of leraar was in Italië toch al een traumatische hordenloop. Niet voldoende was je lerarenopleiding of je studie. Daarbovenop moest je loodzware staatstentamens (de gevreesde concorsi) afleggen, moest je jaren wachten en punten zien te verzamelen als invalkracht op scholen die vaak honderden kilometers van je woonplaats lagen. Er zijn invalkrachten die al langer dan tien jaar wachten op een vaste aanstelling.

Maar één ding hoefde je niet: persoonlijk beoordeeld worden. Als de punten uiteindelijk binnen waren gesleept, wachtte de vaste aanstelling. Hoe je het deed als onderwijzer/leraar werd eigenlijk nooit beoordeeld. Want je was in vaste dienst, dus onaantastbaar in Italië. Als je toevallig in de wieg was gelegd voor het lerarenvak was dat een mooie meevaller.

Renzi gelooft in het veranderen van de mores met regels van bovenaf. Italië moet een ‘meritocratie’ worden, en wie zal het tegenspreken? Maar zoals de waard is vertrouwt hij zijn gasten, en dus gaan Italianen steigeren zodra persoonlijke voor- of afkeur gaat meetellen bij een aanstelling. Dat er zoiets als objectieve beoordeling zou kunnen bestaan geloven ze gewoon niet: dat hebben ze nog nooit meegemaakt. Helemaal ongelijk kun je ze daarin niet geven.