Film: Japón

Japón

Het verhaal laat zich makkelijk samenvatten. Een depressieve schilder begeeft zich vanuit Mexico Stad op weg naar het platteland om zich boven een diep ravijn met een pistool van het leven te beroven. In een onooglijk dorp vindt hij logies bij een oude, zachtaardige en zeer gelovige vrouw, die hem langzaamaan weer de zin in leven bijbrengt. Na 132 minuten, waarin virtuoos gefilmde landschappen en intense menselijke ontwikkelingen, is het einde ten slotte toch dramatisch, maar anders dan je zou verwachten.

De Mexicaanse cinema trekt de laatste jaren internationaal de aandacht. Na Amores perros uit 2000 van Alejandro González Iñarritu en het eveneens zeer succesvolle Y tu mamá también uit 2001 van Alfonso Cuarón, is er nu het met prijzen overladen speelfilmdebuut van Carlos Reygadas, Japón, uit 2002 en in een langere versie vorig jaar al op het festival van Rotterdam vertoond. En het moet gezegd, het is opnieuw een indrukwekkende film.

Carlos Reygadas (1971) schreef en produceerde de film zelf nadat hij eerder als jurist werkzaam was bij de Verenigde Naties. Vijf jaar geleden besloot hij het roer radicaal om te gooien: hij schreef zich in bij een filmopleiding in Brussel en na enkele korte films te hebben gemaakt, begon hij in het najaar van 1999 met wat vrienden aan het project voor Japón.

De man in de film, gespeeld door Alejandro Ferretis, maakt soortgelijke radicale keuzes in het leven. Toch kom je er als toeschouwer niet achter waarom hij zelfmoord wil plegen, noch waarom hij dat ver weg in een verlaten berglandschap wil doen. Ook is niet duidelijk hoe, na al dat gereis over nachtelijke snelwegen, de oude vrouw hem van zijn voornemen afhoudt.

De film doet qua sfeer, vormgeving en thematiek denken aan het late werk van de Russische regisseur Andrei Tarkovski, met name aan diens late film Het offer, uit 1986, door de majesteitelijk gefilmde, mensvijandige en desolate landschappen waaruit alle kleur verdwenen lijkt te zijn, maar die worden gevuld met mensen die wanhopig op zoek zijn naar zingeving en God. Figuren die hun verlossing ten slotte slechts vinden in de liefde. Dit alles omlijst door zeer prominent aanwezige muziek van een gewijd karakter; bij Reygadas van Arvo Pärt, Sjostakovitsj en Bach.

Hiermee moet hij oppassen, want als je iets te ver gaat, wordt het theatraal, larmoyant en pretentieus. Zo was er op het laatste festival van Rotterdam een debuterend regisseur, Rodolphe Marconi, die om het lijden van zijn hoofdpersoon in z’n Défense d’aimer te benadrukken maar liefst het hele slotkoor van de Matthäus Passion uit de kast haalde. Zo’n actie schiet zijn doel ver voorbij.

Het «offer» in Japón wordt gebracht door de oude vrouw, gespeeld door een 78-jarige Indiaanse, afkomstig uit een naburig dorp en zonder enige acteurservaring. Na een scène waarin we de man ’s middags masturberend op bed aantreffen, doet hij zijn verzorgster het voorstel met hem naar bed te gaan. Na enig nadenken stelt ze de wedervraag: «U wilt dus ontucht met mij bedrijven?» Ze stemt ermee in, mits hij bereid is te wachten tot de volgende dag. De tussentijd benut ze om te bidden aan de voeten van de lijdende Christus aan het kruis.

Carlos Reygadas

Japón

Vanaf 28 mei in vijf bioscopen