(5 mei 1942 – 25 oktober 2009)

Jeffry Picower

Eerst leek hij het grootste slachtoffer van superoplichter Bernard Madoff. Maar al snel bleek Jeffry Picower medeplichtig te zijn aan diens fraude. Ook hij was een man met twee gezichten: een charmante weldoener en een onbevreesd fraudeur.

HET MINISTERIE VAN HANDEL in de VS maakte deze week bekend dat de recessie in Amerika voorbij is. Voor het eerst sinds vier kwartalen is er weer een economische groei van 3,5 procent. De crisis heet dan formeel voorbij, maar het echec van de financiële wereld zal nog vele jaren na-echoën. De kredietcrisis heeft meer dan in enig ander land een ravage aangericht. En het houdt voorlopig niet op. Bedrijven gaan nog steeds failliet. Werknemers worden bij wijze van kostenbesparingen met duizenden tegelijk uit hun baan gezet. In Amerika belanden mensen op straat of in trailers omdat zij de hypotheek van hun huis niet meer kunnen ophoesten. Ontgoochelde speculanten en bankjongens gooien het roer professioneel en privé dramatisch om. En er vallen ook doden.
Een daarvan is de 67-jarige Amerikaanse advocaat en investeerder Jeffry Picower, vriend en zakenpartner van een van de grootste oplichters uit de geschiedenis, Bernard Madoff. Terwijl ‘Bernie’ met slechts wat elementaire benodigdheden voor 150 jaar in de cel zit vanwege zijn oplichterij (door middel van ‘Ponzi-fraude’, een piramidespel-achtige vorm van bedrog) met een schadepost van 65 miljard dollar aan ontvreemd vermogen van particuliere speculanten, lag zijn collega op de bodem van zijn zwembad in Palm Beach. Picower wilde op de ochtend van 25 oktober wat baantjes trekken, zijn vrouw Barbara hoorde geen gespetter meer en ging maar eens kijken. Ze trof haar man in zijn zwembroek levenloos aan.
Zijn vele vijanden zullen er geen traan om hebben gelaten. Picower bleek, nadat de Madoff-zwendel eind vorig jaar aan het licht was gekomen, zelf ook jarenlang het prototype van de valsspeler te zijn geweest. Zijn carrière illustreert hoe moreel verloederd het wereldje van mega-investeerders in elkaar stak.
Enerzijds was Picower de spil van allerlei investeringsfondsen waarmee hij zichzelf door het heen en weer schuiven en herinvesteren van pofkapitaal wist te verrijken tot hij een van de vierhonderd rijkste Amerikanen was. Anderzijds manifesteerde hij zich geheel volgens de mores van de gefortuneerde elite als een genereuze filantroop: hij schonk jaarlijks vele miljoenen aan joodse liefdadigheidsinstellingen. Zijn grootste wapenfeit was zijn geldelijke steun aan de medische wetenschap. In 1991 richtte hij het Picower Institute for Medical Research op, een onderzoeksinstituut dat was verbonden aan een groot ziekenhuis in New York. Daar werd baanbrekend onderzoek gedaan naar onder meer reumatische artritis, de ziekte van Crohn en multiple sclerose. Maar zelfs in deze edele rol ging het hem niet om het kopen van prestige alléén. Aan het instituut kleefde een aantal private farmaceutische bedrijven die forse winsten maakten, met als grootste aandeelhouder daarvan Picower himself. De constructie bracht hem uiteindelijk in conflict wegens belangenverstrengeling. Ook bleek er te zijn gehandeld met valse aandelen. In 2000 moest hij ruim 21 miljoen dollar teruggeven aan de aandeelhouders. Het bracht hem persoonlijk niet aan het wankelen. Daarvoor zat hij financieel te goed in zijn vet. Wel moest hij verhuizen naar een kleinere villa met een bescheiden zwembad.
In eenzelfde rol als weldoener was Picower zakelijk verbonden met Bernard Madoff. Ze kenden elkaar al sinds de jaren tachtig uit de joodse kringen van de New Yorkse jetset van de superrich. Hun beider echtgenotes, Ruth en Barbara, waren bovendien dikke vriendinnen. Zij joegen de zaakjes van hun mannen flink op en zelf claimden ze diverse sleutelposities. In de in 1989 opgerichte Jeffry M. and Barbara Picower Foundation zat het Picower-echtpaar samen met de Madoffjes in de raad van bestuur. Het was een prachtig fonds met ruim 270 miljoen dollar in kas, dat zich inzette voor sociale doelen, zoals mensenrechten van vluchtelingen (via de stichting Human Rights First), hersenonderzoek (geregeld in het Picower Institute for Learning and Memory) en het bevorderen van kennis voor iedereen via hun steun aan de New York Public Library. Door het verdampen van het door Madoff geïnvesteerde kapitaal werd de stichting dit jaar gesloten. De boeken bleken bovendien niet te kloppen. De vele betaalde krachten en vrijwilligers kijken nu om in verbijstering. Sommigen zeiden in interviews: ‘Het waren zulke bijzondere mensen, zo anders dan al die rijken die het alleen voor zichzelf doen.’
Dat iedereen zich zo kon vergissen, is tekenend. Picower is inderdaad een keurige man, opgeleid als advocaat en accountant aan onder meer Columbia University. Hij was altijd onberispelijk gekleed en lid van vele prestigieuze herenclubs. In joodse kringen bewoog hij zich als een superster, maar altijd bescheiden. Aanvankelijk geloofde iedereen hem toen hij meejammerde met het leger Madoff-gedupeerden. Voor de tv-camera’s vertelden Barbara en Jeffry gearmd dat ze in totale shock verkeerden over wat hun vriend allemaal had aangericht. En nee, ze wisten echt helemaal van niks. Picower gold zelfs met zijn verlies van twee miljard dollar als het allergrootste slachtoffer. Maar al snel bleek dat hij de enige man was die meer verdiende aan het piramidespel dan Madoff zelf: Picower cashte in de afgelopen jaren met de non-existente beleggingen zeven miljard dollar.
De ware rol van Picower in het Ponzi-systeem is een mysterie. Hij beweerde stellig dat hij slechts een cliënt was die het schip in ging. En Barbara kon dat allemaal volmondig bevestigen. Zij liet op 25 oktober het ontzielde lichaam van haar man overbrengen naar het Good Samaritan Hospital. Niet justitie maar een patholoog-anatoom mocht onderzoek doen naar Picower. Er kon niet worden geconcludeerd dat hij was vermoord of dat hij zelfmoord had gepleegd. Waarschijnlijk is hij overleden aan een acute hartstilstand. Hij leed al enige tijd aan ernstige hartproblemen.
In Amerika is de menselijke depressie nog lang niet voorbij.