Thomas Winding

Jeugdliteratuur

Thomas Winding,
Mijn kleine hond Baasje
Uitg. Leopold, 62 blz., ƒ 27,50

De mij onbekende Deense auteur Thomas Winding schreef een luchtig boekje over de verhouding tussen mens en hond. Omslagtekening en titel zijn veelzeggend. Aan een gedekte tafel zit een opgewekte hond met het servet om de nek geknoopt tegenover een jongeman. Tussen hen in staat een schaal met ondefinieerbaar mensenvoedsel, met bovenop een vette kluif. Mijn kleine hond Baasje luidt de titel. Niet de vertellende ik-figuur neemt een hond; al snel wordt duidelijk dat de zaken 180 graden omgekeerd liggen. Van het tweetal kan er maar één Baasje heten en tegenover dit hondsbrutale, maar allerliefste beest heeft de mens geen schijn van kans. Op pagina 1 wordt de toon gezet. Een kleine hond dient zich aan bij de ik, die iets mompelt over geen tijd om op een hond te passen. «Geeft niks! Ik heb juist heel veel tijd en ik kan dus op jou passen, zei de hond. Afgesproken?» Stap voor stap breidt Baasje zijn heerschappij uit: hij weigert halsband, lijn en hondenmand, bedelt, ligt op de bank en slaapt op het bed. In de discussie wint zijn strikte hondenlogica het altijd en hij is een meester in het zuchten en zielig kijken. Deze viervoeter luistert kort samengevat naar niets of niemand, behalve naar verhalen. En die vertelt de baas, meestal om zijn hond goedgunstig te stemmen. Het zijn fabels dan wel vertellingen uit de orale traditie, waarover Baasje fijntjes opmerkt dat ze allemaal door mensen zijn opgeschreven en dus in wezen ook over mensen gaan. Vaak is het thema ‘wie niet sterk is, moet slim zijn’ en dat is de hondse hoofdpersoon op het lijf geschreven. Windings berichtgeving over het verschijnsel hond is vergelijkbaar met die van Guus Kuijer in zijn onvolprezen boek Olle. De blik is liefdevol, de toon droog-komisch. Dat de relatie mens en hond de dierenvertellingen als het ware omkadert, heeft iets geconstrueerds en onhandigs. Binnen de intimiteit Baasje-baas is het tegelijkertijd van een grote vanzelfsprekendheid dat er verhaaltjes geæist en verteld worden en boffen wij lezers dat we daarin mogen delen.