Laaghangende oordelen

Jezus bij de sigarenboer

Iemand met principes en een winkel moet altijd schipperen. Laatst was ik bij boekhandel Riemer in Amersfoort, een van oorsprong Algemene boekhandel met sinds kort een christelijke eigenaar. In de krant had iets gestaan over de expansiedrift van de christelijke boekhandelsfamilie Riemer met winkels in Groningen en Meppel en nu ook in Amersfoort. Onaangenaam was dat geweest. Iedere niet-christen uit Amersfoort die dat had gelezen, dacht: nu heb ik in deze winkel niks meer te zoeken. Onterecht volgens de winkelier, want het assortiment is er nu minstens zo ruim als voorheen met als toevoeging inderdaad nu ook een hoek met theologie, christelijke romans en boeken over geloofsopbouw. Een hoek waar je ook gewoon aan voorbij kunt lopen.

Small supermarkt1

Ligt alles er? vroeg ik de boekhandelaar. Ja. Natuurlijk geen porno of zo, en geen echt schokkende dingen. De wijk bestaat voor zeventien procent uit christenen, over het algemeen veellezers, maar je hebt ook de niet-christenen nodig om als winkel te kunnen overleven. Maar conservatieve christenen kunnen vreselijk principiële kopers zijn. Als ze het niet eens zijn met bepaalde keuzes die je maakt, blijven ze weg. Maar dat ik, een afvallige, er een lezing mocht komen houden, betekende toch dat ze ruimdenkend waren?

Verwacht van een christelijke winkelier niet al te veel experiment. Maar dat betekent niet dat het er niet is op het vlak van uitgeven. Uitgevers zijn vrijer. Zij hebben niet direct met de klant te maken en worden niet snel geboycot. En ik kan me niet onttrekken aan het idee dat het christelijke experiment het laatste decennium eruitziet als glossy.

Hoofdredacteur Katie Vlaardingerbroek formuleert het zelfs letterlijk zo. Zij wil met de nieuwste glossy Beeldenstorm ‘een platform creëren waarop we samen kunnen nadenken over het grote experiment van onze tijd, namelijk seculier christen zijn. (…) Wij moeten uitvogelen wat het betekent om christen te zijn midden in een seculiere wereld die wij ook geïnternaliseerd hebben.’

Veel BN’ers hebben wel een haakje met het christelijke geloof

In navolging van Linda, Wendy en Youp verschenen in de afgelopen tien jaar de (eenmalige) reli-personality glossy’s Maria, Andries, Tijs, Calvijn, Arminius, Antoine, Thomas, Jezus, Mattheus, Bonhoeffer, Peerke en Luther, waarbij de Jezus natuurlijk het gewaagdst was. De Heere Jezus een navolger van Linda de Mol? Vanuit christelijke hoek waren er zowel complimenten als kritische geluiden. Het blad, gemaakt door onder meer het seculiere KesselsKramer en Arthur Japin, en gewoon te koop bij de supermarkt, werd een groot succes. Initiatiefnemer Peter van Dijk, eigenaar van christelijke uitgeverij Vuurbaak: ‘Het begon als persoonlijke grap. Laten we iets maken over Jezus waar lezers tien euro voor over hebben.’

Makers van andere titels – naast de personality-varianten verschenen nog: Hemel, Wij geloven, Apocalyps, MEER, Do (over vrijwilligerswerk), Het vermoeden, Dordt!, Stil, Bijbel, Faith (over het huwelijk), Dood, Holy, Mix (over multireligiositeit), Klooster (met veel aandacht voor bier), Jeruzalem, Nieuw Heilig, Beeldenstorm, De droom van God – formuleren heiliger doelen. Zo wilde initiatiefnemer van MEER (2012) ‘vier miljoen spirituele zoekers’ bereiken. Het project, dat begon met een droom, moest ervoor zorgen dat ‘Nederland het massaal zou hebben over de vraag: Is er meer?’

Ik heb het destijds gemist. Zoals ik ook de Hemel (2008) heb gemist, een blad waarvan er zoveel exemplaren waren gedrukt dat ze bij de Voedselbank in de mandjes werden gestopt en gratis werden uitgedeeld aan Icesave-gedupeerden in het Brabantse dorpje Asten.

Bijna alle bladen hebben interviews met (seculiere) BN’ers, die iets hebben meegemaakt wat je, als je de definitie flink oprekt, ‘spiritueel’ kunt noemen. Zo kun je doen alsof seculieren en gelovigen in alles op elkaar lijken, zelfs op het vlak van religie. Ja hoor, geloof is in beginsel bij iedereen te vinden. Het komt dicht in de buurt van de zogenaamde ‘ingeschapen godskennis’ die volgens Calvijn ieder mens zou bezitten.

En uiteraard wordt daarmee de doelgroep vergroot. Dat is in evangelisch opzicht interessant, maar ook commercieel. Katja Schuurman op de cover (op de glossy Dood) verkoopt. In Faith geven Tooske en Bastiaan Ragas een inkijkje in hun huwelijk. Hoezo moet je christen zijn om dat te willen lezen? En als je goed zoekt, hebben heel veel BN’ers wel een haakje met het christelijke geloof. Een hervormde of katholieke oma, een weggestopte wens om nog eens theologie te gaan studeren en anders is er nog een aan te boren fascinatie met de bijbel (Abdelkader Benali).

Natuurlijk is het ironisch dat men diepgang wil bieden in een medium dat het symbool bij uitstek is van oppervlakkigheid. Maar dat wil niet zeggen dat een glossy als mogelijkheid tot experiment niet belangrijk is. Je kunt zeggen dat de religlossy de plek is waar christenen en niet-christenen elkaars verhaal kunnen lezen. En dat kijken buiten eigen parochie gebeurt het meest in de variant die niet alleen in de christelijke boekhandel ligt maar ook in de supermarkt.