Universitair Hoofddocent politieke filosofie, Universiteit Utrecht

Joel Anderson

Het gebrek aan democratische zelfbinding

Er zijn oplossingen genoeg. Sommige zijn beter dan andere, en er valt vaak wat te verbeteren aan de standaardoplossingen voor grote maatschappelijke problemen. Maar eigenlijk weten wij al redelijk goed wat gedaan moet worden om armoede te bestrijden, discriminatie aan banden te leggen, klimaatverandering aan te pakken, of de gevolgen van vergrijzing op te vangen. Vaak is het probleem niet dat we niet weten wat gedaan moet worden. Het probleem is eerder dat de meeste mensen het gewoon niet willen doen en dat ze het irritant vinden te horen dat ze het toch moeten doen – helemaal als ze dat moeten slikken van ambtenaren of wetenschappers.

Het meest fundamentele maatschappelijke probleem is dus wellicht een onvermogen, grenzen te aanvaarden. De meeste maatschappelijke problemen zijn alleen op te lossen als mensen beperkingen van hun keuzevrijheden aanvaarden. Ze moeten de auto laten staan. Ze moeten zich aan regels en voorschriften houden. Ze moeten rekening houden met de gevoelens van anderen. Ze moeten wetenschappelijke risicoberekeningen voorrang geven voor subjectieve inschattingen. En ze moeten belasting betalen. Niemand vindt dat leuk.

Uit onderzoek blijkt wat wij uit het dagelijks leven herkennen: mensen hebben vaak oprechte goede voornemens en morele overtuigingen, maar als puntje bij paaltje komt, laten ze zich er niet door leiden. Wat we dus nodig hebben zijn manieren om bruggen te slaan tussen mensen zoals meestal zijn en mensen zoals ze in hun betere momenten kunnen zijn. Binnen mijn onderzoeksgebied (op het kruispunt van sociale filosofie, wijsgerige antropologie en politieke theorie) heet dit het probleem van “rationele zelfbinding”: hoe kunnen mensen er in verlichte momenten voor zorgen dat ze de rest van de tijd handelen zoals ze vinden dat ze eigenlijk zouden moeten handelen.

Op individueel niveau is dit een herkenbaar verschijnsel. Als je vanavond iets belangrijks (maar vervelends) moet doen, maar je verwacht dat je in plaats daarvan de hele avond lekker op internet zult zitten te surfen en chatten, kan je juist nu, van tevoren, ingrijpen. Net als Odysseus, die zich liet vastbinden aan de mast om de verleiding van de Sirenen te kunnen weerstaan, kan je bijvoorbeeld ’s ochtends de internetkabel in een envelop stoppen en op de bus doen, zodat hij pas de volgende dag terug is. Zulke strategieën vallen onder wat ik ‘extended will’ noem, ofwel versterkte wilskracht.

Op collectief en politiek niveau is de uitdaging om parallelle oplossingen te vinden, d.w.z. vormen van zelfbinding waardoor mensen zich kunnen vastleggen op de nodige beperkingen. Tot voor kort werd deze functie in Europese sociaaldemocratieën vervuld door een vorm van “elite-democratie”. Min of meer verlichte experts, ambtenaren, planologen, publieke omroepen, enz. hadden bevoegdheden om zaken te regelen zonder dat alle beslissingen blootgesteld werden aan klachten van individuen die hun zin niet kregen. Terecht wordt elite democratie nu verworpen vanwege het gebrek aan transparantie, inspraak, herroepbaarheid en pluriformiteit. Toch heeft zijn het vaak mogelijk gemaakt noodzakelijke maar onpopulaire beslissingen te nemen. Hiervoor hebben wij nog geen gepaste opvolger gevonden.

Wat wij eigenlijk nodig hebben zijn nieuwe vormen van democratisch gecontroleerde zelfbinding: politieke mechanismen om onszelf indirect te beïnvloeden en vaste afspraken om onszelf voortaan bij de les houden. Internationale verdragen over klimaat of over de rechten van mensen met een handicap zijn vaak goede voorbeelden hiervan. In ieder geval is de ontwikkeling van effectieve en aanvaardbare vormen van democratische zelfbepaling wellicht het meest prangende probleem van vandaag de dag. Want zonder de nodige uitgebreide wilskracht worden maar weinig van de oplossingen bewerkstelligd.


Bezoek ook de pagina van Joel Anderson bij de Universiteit Utrecht