Hou van die hond

Jongens schrijven geen gedichten

Sharon Creech
Hou van die hond
Uit het Engels vertaald door Michèle Bernard. Illustraties: Rotraut Susanne Berner
Hoogland & Van Klaveren, 90 blz., €14,50 (10+)

‘Poëzie voor kinderen is net zo wezenlijk voor de groei als meiregen’, vindt Aad Nuis, oud-staatssecretaris van Cultuur en voorzitter van de Griffeljury van dit jaar. Daarom kent de stichting cpnb in oktober voor het eerst – heel goed – een Zilveren ‘Poëzie-Griffel’ toe: Aan Hou van die hond, een van de oorspronkelijkste kinderverhalen in dichtvorm, van de gelauwerde Amerikaanse schrijfster Sharon Creech.

Wat zal ‘juf Stretchberry’ blij zijn met Nuis: Creech’s onopvallende, op de achtergrond sturende onderwijzeres, die erin slaagt een weerbarstige jongen – Jack – van poëzie te laten houden.

Stretchberry is zo’n onderwijzeres die je in Nederland niet meer tegenkomt. Zo’n onderwijzeres die het onmogelijke mogelijk maakt: kinderen overtuigen van de kracht van woorden. En de schoonheid van hun klank. Van het ritme van zinnen. En hun verrassende mogelijkheden tot rijm. Van de vorm van het geheel. En het uiteindelijke vreugdevolle en troostrijke effect. Niet door ze speciaal voor hen geschreven gedichten voor te schotelen. Van die gedichten die meestal te simpel of gekunsteld zijn. Maar door ze gewoon – jawel juffen en meesters, dat kan – mee te voeren in de raadselachtige betoverende werelden van grote dichters als William Carlos Williams, Robert Frost en William Blake.

Natuurlijk verzet Jack zich aanvankelijk tegen juf Stretchberry’s poëzielessen, zoals veel jongens. ‘Ik wil het niet/ want jongens/ schrijven geen gedichten/ meisjes wel’, schrijft Jack op 13 september in zijn schooldagboek. Bovendien bekent hij na lezing van De rode kruiwagen van William Carlos Williams en Robert Frosts Het weiland dat hij niets van poëzie begrijpt en ‘dat meneer Robert Frost/ een beetje/ te/ veel/ tijd/ over heeft’.

Maar wanneer juffrouw Stretchberry Hou van die knul van Walter Dean Myers behandelt, slaat de vonk over. ‘Dat was het BESTE/ gedicht/ dat u gisteren voorlas (…) Omdat mijn vader/ mij ’s ochtends/ ook zo [hé daar, jong] roept/ (…) En ook omdat/ ik veel hield van mijn/ gele hond/ toen ik hem nog had’.

Geïnspireerd door juf Stretchberry en Walter Dean Myers overwint Jack zichzelf en schrijft moedig een ontroerend en treffend gedicht over zijn liefde voor zijn overleden hond Sprint.

Hou van die hond is een knap boek over vriendschap, verlies en troost: een uniek dagboek en inspirerende handleiding voor leerkrachten ineen. Een gedicht dat leest als een verhaal. En een verhaal dat leest als een gedicht. Een boek dat op ontwapenende maar humorvolle wijze toont wat poëzie vermag: het onmogelijke mogelijk maken. En kinderzielen door ‘meiregen’ laten groeien.