TELEVISIE  Paul Rosenmöller in… China

JOURNALISTIEK DILEMMA

Zoals we naar het WK voetbal in Argentinië keken, zo zullen we naar de Olympische Spelen in China kijken. Sport laten we ons niet afnemen. Niet door een perfide staatsapparaat, niet door actievoerders die ons plezier dreigen te vergallen. Voor een latere verantwoording aan de Hoogste Rechter, in wiens bestaan we niet geloven maar die in een hoekje van ons brein zijn dependance heeft, willen we, paradoxaal genoeg, wel op de hoogte blijven van het onrecht dat zich op de plaats delict en in naam van de politieke sportorganisatoren afspeelt. Dus ‘hebben we het geweten’, getuige ook de automatische afschrijving aan Amnesty International.
Als dit niet over u gaat, dan wel over mij. In de drang om te weten worden we momenteel bediend door Paul Rosenmöller, die voor de Ikon door China reisde. ‘Ik wil dit land beter leren kennen.’ Dat ‘ik’ heeft iets merkwaardigs – alsof de serie ten dienste van hem en niet van ons ontwikkeld is. Doet in de verte denken aan de personalitytelevisie waarin de Derde Wereld gered wordt door Caroline Tensen. Dat is niet eerlijk tegenover Ikon en Rosenmöller, die over kennis, betrokkenheid en integriteit beschikken, maar toch…
‘Ik wil een beter inzicht krijgen in de maatschappelijke verhoudingen, de cultuur en de gewoontes van China.’ Ook dat heeft iets merkwaardigs: zes halve uren voor een zo gigantische ambitie. Maar het levert, gezien de eerste aflevering, wel wat op. Die eindigt met een telefoongesprek tussen Ikon en Paul, die op een politiebureau in de hoofdstad van Xinjiang in het uiterste westen van het land zit; hij was op zoek naar familie van de ‘moeder aller Oeigoeren’, die vanwege haar nationalisme in ballingschap in de Verenigde Staten leeft. Dus maakt Paul kennis met een Chinese gewoonte: mee voor verhoor. Kennelijk hebben ze hem weer laten gaan, maar het is de bekroning van reeksen pijnlijkheden.
Die Oeigoeren zijn de oorspronkelijke, Turkstalige bewoners van Xinjiang, maar zijn van figuurlijke etnische minderheid tot letterlijke aan het worden door massa-immigratie van Han-Chinezen die er werk en belastingvoordelen vinden. Bijna alle Oeigoeren, moslims, werken in de weinig lucratieve landbouw of raken werkloos. Bestuur, kader, politiek, politie, magistratuur is Chinees. De imam niet, maar die staat onder streng toezicht (net als in Turkije trouwens). Een deel van dat kader, opvallend modieus gekleed maar het Engels niet machtig, zwermt nerveus om het tv-ploegje heen. Begrijpelijk, want ze stellen hun vragen aan de verkeerde mensen, Oeigoeren namelijk, en ze stellen vragen die niet beantwoord mogen worden: hoe zit het met jullie positie en jullie verhouding tot de Chinezen? De meesten houden zich op de vlakte, een enkeling spreekt zich uit (waarna Rosenmöller zegt te hopen dat die daar geen problemen mee krijgt, wat me ethisch nogal mager lijkt) en de scholiere die voor drie dagen zou tolken moet plots naar huis vanwege een telefoontje van school dat ze moet leren voor een wiskundeproefwerk. Hoe goed het liegen haar ook afgaat, het is grotesk en geeft inzicht in de schaamteloosheid, dictaturen eigen.
Het meest maak ik me zorgen over een pottenbakker wiens ‘daar kan ik me als kleine man beter niet over uitlaten’ door een verse tolk blijkt vertaald als ‘56 volken bloeien als bloemen in harmonie’. Zoals de tolk denkt dat in Nederland toch niemand Oeigoers verstaat, zo lijkt Rosenmöller te denken dat de Chinese ambassade niet naar zijn programma kijkt. Al geef ik toe dat sprake is van een journalistiek dilemma.

Paul Rosenmöller in… China. Zes delen, vanaf 5 juli, zat. 21.15 uur, Ikon, Nederland 2. Herhalingen vanaf 16 juli, Nederland 2, 10.05 uur