Jouw mijn of mijn mijn

Canberra - Ook Australië houdt dit jaar verkiezingen. Wanneer precies weet in het op Westminsteriaanse leest geschoeide stelsel niemand totdat premier Kevin Rudd ze uitschrijft. Maar te midden van de internationale financiële paniek is één verkiezingsthema inmiddels al wel duidelijk: wat toch te doen met de mijnbouwmiljarden?
Rudds Labor-regering presenteerde in mei een langverwachte belastinghervorming met als stralend middelpunt afroming van de inkomsten van mijnbouwbedrijven. Australië’s grondstoffenvoorraad heeft het land flink geholpen tijdens de mondiale financiële crisis. Maar het enthousiasme van veel Australiërs over de mining boom in Western Australia en Queensland was matig. Er was scepsis over de beloofde banen die de boom zou opleveren en wrevel over de hoge inkomsten van de veelal buitenlandse mijnbouwbedrijven.
Het is niet verwonderlijk dat Rudd de mijnbelasting prominent presenteerde: de maatregel is erg populair. De reacties van de Liberale oppositie, de mijnbouwbedrijven en de mijnstaten waren al even voorspelbaar. Kranten peilden deze week een groot verlies voor Labor in mijnbouwstaten. Maar een groter probleem, volgens de Sydney Morning Herald, is dat Rudd de mijnbouwmiljarden in een keer in de Australische economie wil terugpompen. Dan kan die oververhit raken, met inflatie als gevolg. Bovendien duurt de mining boom niet eeuwig. Wat rest er als de voorraden zijn afgegraven en de miljarden uitgegeven?
Het verhaal dat daarin zeker minder aandacht zal krijgen gaat over de plekken waar de mijnbouwmiljarden worden verdiend, de mijndorpen in de meest afgelegen regio’s van Australië. De levensstandaard ligt er veel lager dan in de stedelijke gebieden, maar niet toevallig bevinden zich daar ook de meest levensvatbare Aboriginal-gemeenschappen. Een vorig jaar uitgekomen studie over de invloed van mijnbouw op lokale gemeenschappen schetst een gemengd beeld.
Omdat sommige Aboriginal-gemeenschappen inmiddels zeggenschap hebben gekregen over hun voorouderlijke grond brengt verkoop of pacht aan mijnbouwers bij een enkeling veel geld binnen. Maar op veel plekken in Western Australia is de desillusie voelbaar. Moderne winkelcentra verrijzen in dorpen waar de bewoners, wit en zwart, er financieel weinig toegang toe hebben. De werkgelegenheid gaat naar fly-in-fly-out-arbeiders die astronomische bedragen betaald krijgen om zich tijdelijk in de mijndorpen te vestigen. Sociale ontwrichting is het gevolg, nog afgezien van de verwoestende invloed van de mijnbouw op de leefomgeving.
Western Australia is behalve Australië’s grootste staat ook de meest dunbevolkte en ook in Queensland zijn het de ver van de mijnvelden gelegen steden die het voor het zeggen hebben.
De mijnbouwbedrijven en de Rudd-regering vechten inmiddels met gelikte commercials om de publieke gunst. Maar pleiten voor een afremming van de mining boom is ook voor Labor electoraal niet interessant. Toch zou juist dat mogelijke effect van de mijnbouwbelasting helemaal niet eens zo veel kwaad kunnen.