Timothy Snyder over Belarus en Europa

‘Jullie lijden aan crisishonger’

De opstanden in Belarus tonen een geopolitiek wereldtoneel dat is gegijzeld door corona, zegt de Amerikaanse historicus Timothy Snyder. Wereldspelers kijken elkaar afwachtend aan, wie durft in actie te komen?

Timothy Snyder – ‘Europa mag niet wegduiken’

Café Landtmann is het soort Weense koffiehuis zoals ze ooit bedoeld waren: donker hout en leren banken, hoge spiegels en obers als knipmessen. Een Oostenrijkse elite van politici, journalisten en kunstenaars komt er al anderhalve eeuw samen en eens in de zoveel jaar, wanneer Yale-historicus Timothy Snyder een paar weken neerstrijkt in Wenen, voegt hij zich bij deze gasten. Al is hij dit jaar op zijn hoede. Zodra hij het terras op loopt schuift hij direct zijn stoel extra ver van de tafel af. Het moet zijn trauma van acht maanden geleden zijn, toen hij doodziek werd en wekenlang in het ziekenhuis lag. Nét op het moment dat de wereld langzaam in de greep kwam van een pandemie die de fragiele gezondheidszorg in Amerika blootlegde.

Zijn boek dat volgende week verschijnt gaat erover, Our Malady: Lessons in Liberty from a Hospital Diary. ‘Het is een zeer Amerikaans boek geworden over iets wat jullie hier allang begrijpen: dat gemeenschappelijke gezondheidszorg en individuele vrijheid geen tegenpolen zijn maar juist samengaan. Dat de afwezigheid van angst om ziek te worden, en geen behandeling te krijgen, een samenleving juist vrijer maken.’

Urgenter voor Europeanen zijn Snyders gedachten over Oost-Europa, de regio waar hij als historicus bestsellers over schreef en die door corona op een heel andere manier is opgeschud. Om te beginnen met Belarus, waar mensenmassa’s in de straten van Minsk al wekenlang het aftreden eisen van dictator Aleksandr Loekasjenko. Die reageert met marteling, georkestreerde tegenbetogingen en een wanhopige blik in de richting van Vladimir Poetin.

Vlak voor de verkiezingen voorspelde u al dat de oppositie in Belarus weleens zou kunnen winnen, waarom?
‘Om die vraag te beantwoorden moeten we het eerst over corona en autoritarisme hebben. Daar bestaan verschillende relaties tussen. Allereerst hebben we gezien dat als je een absoluut autoritaire staat hebt, zoals in China, je het virus redelijk goed aankunt. Dan kun je tot het uiterste gaan met digitale controle en repressieve maatregelen. De onvermijdelijke vraag is natuurlijk of je ooit zo’n uitruil zou willen maken. Aan de andere kant van het spectrum heb je gezonde democratieën met vrije pers en vrije verkiezingen, ook zij doen het behoorlijk goed. Maar de landen die echt in de problemen raken zijn plaatsen zoals de Verenigde Staten en Brazilië, getroebleerde democratieën met autoritaire leiders. Die doen het zeer slecht zelfs, vele duizenden mensen overlijden. Net als plaatsen zoals Belarus, Kazachstan en Rusland. Vooral in Rusland is de situatie volgens mij veel dramatischer dan de officiële cijfers suggereren.’

Binnen Europa hebben beschadigde democratieën als Hongarije en Polen het juist verrassend goed gedaan.
‘Het is niet zo dat als je goed met corona bent omgegaan je een gezonde democratie bent. Het is eerder zo dat als je valt in de categorie “beschadigde democratieën” je een grote mate van geluk toelaat, namelijk: wat vindt de leider ervan? Landen als Polen en Hongarije hebben het goed gedaan maar zijn ook landen waarbij je je kunt afvragen wat er was gebeurd als ze andere leiders hadden gehad. Als Oostenrijk corona had aangepakt zoals Trump dat deed, dan was de regering nu weg. Maar als Viktor Orbán in Hongarije had gekozen voor een Trump-aanpak, zat hij waarschijnlijk nu nog. Autoritaire staten creëren het risico dat ze volledig leunen op het karakter van die ene leider. Met mannen als Bolsonaro, Trump maar ook Poetin en Loekasjenko heb je een groot probleem, zeker als ze zelf denken het slim te spelen.’

Vooral in die tussencategorie is er volgens Snyder een bron van verzet ontstaan omdat mensen zo duidelijk de tekortkomingen van hun leiders zagen. In Amerika ontvlamde de al langer sluimerende Black Lives Matter-onvrede door het virus en in Belarus gebeurde er iets soortgelijks. ‘Ik kom nu eindelijk tot een antwoord op uw vraag over Belarus’, zegt Snyder. ‘Het is overduidelijk dat Loekasjenko het coronavirus verkeerd heeft aangepakt en het is nog duidelijker dat de Belarussische samenleving dit heeft gezien. Tot welke generatie je ook behoort en wat je politieke overtuiging ook is, als je mensen kent die ziek zijn en je ziet je regering het verkeerde doen, dan heb je een reden om boos te zijn. Daarom was ik niet verrast. Als ik er nu naar kijk geloof ik niet dat Loekasjenko het kan volhouden zonder Russische interventie. En ik geloof niet dat die er echt komt.’

Waarom niet?
‘Geopolitiek is er iets ontzettend interessants gebeurd, namelijk niets. In Poetins wereldbeeld zijn de Amerikanen zeer machtig en verantwoordelijk voor alles, maar wat betreft Minsk moet zelfs hij toegeven dat er geen Amerikaanse vingerafdrukken kleven aan deze opstand, dat wij er deze keer echt niets mee te maken hebben. Er wordt geen enkel excuus geboden om in te grijpen, dat is ongelooflijk ingewikkeld omdat er geen propaganda gemaakt kan worden. Voor Poetin is dit veel ingewikkelder dan het lijkt. Op dit moment zetelt er zelfs een pro-Kremlin president in het Witte Huis en is er eigenlijk geen sprake van een serieus Amerikaans buitenlandbeleid.’

Europa worstelt ook met een reactie, heeft iedereen nog last van een Oekraïne-kater?
‘In normale tijden waren Europeanen denk ik allang gearriveerd in Minsk, waarschijnlijk geldt hetzelfde voor Amerikanen onder een andere president: dan zouden we ons er tenminste retorisch al mee bemoeid hebben. Vergelijk het inderdaad maar met Oekraïne, zeven jaar geleden. Toen was er ook een verkiezing en werd er ook gefraudeerd. En kwam er uiteindelijk een nieuwe verkiezing nadat Europeanen, Amerikanen en Russen dat met de lokale bevolking hadden uitonderhandeld in achterkamers. Dat zien we nu allemaal niet gebeuren.’

Belarus toont een wereldtoneel gegijzeld door corona, waarvan de spelers elkaar afwachtend aankijken, wie gaat zich ermee bemoeien? En gaan leiders dat überhaupt doen?
‘Corona heeft een situatie gecreëerd waarin iedereen is afgeleid’, zegt Snyder. ‘Eerst was dat een zorg voor mij, ik was bang dat niemand aandacht zou schenken aan de protesten in Minsk. Nu zie ik dat het op een verfrissende manier ruimte heeft gecreëerd. We hebben heel veel dagen gehad waarin we konden zien wat mensen zelf wilden, voordat iedereen binnenkwam om die verhalen te omarmen. We keken gewoon eens toe en in zekere zin was dat best een keer gezond.’

Europa kan zich toch niet volledig afzijdig houden? Wat zou een goede reactie kunnen zijn?
‘Het probleem is, je kunt niet wegduiken en je niet uitspreken. Als je niets doet, doe je namelijk óók iets. Voor de EU is dit extra belangrijk omdat het ook gewoon binnenlandpolitiek is; als je je niet uitspreekt voor vrije verkiezingen in Minsk, wordt het lastiger om je uit te spreken voor vrije verkiezingen binnen de Unie. Europa ontkomt er daarom niet aan. Ze kunnen gewoon zeggen: “Wij willen vrije verkiezingen en we willen helpen om dat op een neutrale manier te ondersteunen.” Als die verkiezingen lukken, kunnen ze misschien visa-vrij reizen overwegen als stimulerende impuls. Wat goed uitkomt is dat de opstanden in Belarus zo apolitiek en zo ongelooflijk niet-geopolitiek zijn. Oppositieleider Svetlana Tichanovskaja heeft gewonnen, maar zonder programma. Haar enige verkiezingspunt is: als ik president word, organiseer ik vrije verkiezingen. Europeanen kunnen gewoon zeggen dat het ze niet uitmaakt wie er wint, als er maar eerlijke verkiezingen komen.’

Dat is hoe dan ook toch zeer geopolitiek? Voor Polen en de Litouwers gebeurt dit aan hun grens. Voor de Russen zou een pleidooi voor democratie precies de provocatie zijn die nu uitblijft.
‘Het bestaan van de Europese Unie is in de basis al geopolitiek. En het is een van de problemen van de EU dat het dat altijd probeert te ontkennen. Zij blijven hangen in zelfontkenning: “excuseer, pardon, wij zijn hier niet echt”. Terwijl het bestaan van de EU betekent dat iedere autoritaire leider in de regio een volk heeft dat altijd zicht heeft op een democratisch alternatief. Dus ja, voor Poetin is de EU geopolitiek, omdat het bewijst dat een alliantie van democratische staten bestaansrecht heeft.

‘Pessimisme is een soort luxe waar jullie Europeanen graag in verkeren’

Russen laten ons graag geloven dat democratie een van de vele ideologieën is waar uit te kiezen valt, maar dat is niet zo. Democratie is geen ideologie en niet exclusief Europees, het gaat er simpelweg over of je gerepresenteerd wordt of niet. Het is een politieke structuur waarvan Europeanen steeds vaker denken dat ze die hebben omdat ze Europees zijn en dat anderen het misschien wel niets vinden. Waardoor ze denken dat ze naar achteren mogen leunen en zich niet hoeven uit te spreken. Terwijl veel mensen verlangen naar democratie. Kijk maar naar de betogers in Belarus, het is overduidelijk dat ze op dit historische moment niets liever willen.’

In zijn befaamde vorige boek The Road to Unfreedom (2018) waarschuwde Snyder al voor de mate waarin autoritaire neigingen en Russisch geïnspireerd illiberalisme zich invreten in het Westen. In dat boek onderscheidt hij twee typen politici. Zij met een geloof in ‘eeuwigheid’ en zij met een geloof in ‘onvermijdelijkheid’. Een geloof in onvermijdelijkheid leidt tot stroperige technocraten die zich laten dicteren door economische wetten en het idee dat economische voorspoed vanzelf wel leidt tot liberalisme. Politici met een eeuwigheidsgeloof daarentegen werpen zich op als leiders van een onschuldig volk dat constant wordt bedreigd door anderen. Tijdens corona is dat onderscheid opnieuw relevant. ‘Trump is het perfecte voorbeeld’, zegt Snyder. ‘Zijn idee van het virus is dat wij allemaal slachtoffer zijn van iets wat ons is aangedaan door China. Daarom noemt Trump het ook consequent het Wuhan-virus of het China-virus. Hij ontkent daarmee persoonlijke verantwoordelijkheid: het is geen ramp waar je wat aan kunt doen, maar een aanval van buiten.’

‘Europa lijkt nog altijd het best uitgerust om de uitdagingen van de toekomst aan te gaan’

De manier waarop autoritaire leiders het virus bevechten toont opvallende gelijkenis met de manier waarop ze de angsten van hun kiezers voor de toekomst proberen te bezweren. De ingewikkelde vraag blijft, wat zet je daar tegenover?
‘Als je Orbán in Boedapest, Kaczynski in Warschau of Trump in Washington wil bevechten, heeft het geen zin om mee te gaan in hun mythes en angsten of een poging te doen die te bestrijden. Ze verzinnen gewoon een volgende mythe en zullen die wedstrijd altijd winnen.’

Maar een politiek van onvermijdelijkheid – kenmerkend voor liberalen – is ook desastreus. ‘Dan krijg je zinnetjes als: “de toekomst is misschien eng maar maak je geen zorgen, we hebben er een commissie voor opgericht”. Het enige wat je daar tegenover kunt zetten is een toekomstvisie. Kijk maar naar de VS. Trump won in 2016 omdat de Democraten het niet over de toekomst wilden hebben. Dat hebben ze nu aardig opgelost, ze zijn er nog steeds niet fantastisch in, maar het is al beter dan jaren geleden.’

Is daar ruimte voor in Europa? Debatten hier zijn het afgelopen decennium juist gedomineerd door somberheid, crises en liberale teruggang. Over dat laatste schreef u zelf.
‘Pessimisme is een soort luxe waar jullie Europeanen graag in verkeren. Ik vind dat zeer zorgwekkend voor een plek die het op tal van terreinen beter doet dan waar ook ter wereld. Toen ik een paar weken geleden aankwam in Wenen was ik nog altijd in shock door hoe het virus Amerika had geraakt. Maar hier waren de bakkers open, mensen liepen over straat en je kon gewoon naar de apotheek. Ik reisde naar Stuttgart voor een afspraak en zag daar hetzelfde. Tegelijkertijd hoorde ik iedere Duitser klagen over hoe verschrikkelijk het allemaal wel niet was. Op dat moment vroeg ik mij echt af of jullie niet voor een keer een vergelijking konden trekken met de rest van de wereld? Jullie lijden aan een constante crisishonger.’ Hij doelt op de manier waarop in Brussel de afgelopen tien jaar alles meteen tot crisis werd gelabeld, of het nou om Oekraïne, Brexit, Griekenland of migratie ging. ‘Zodra zoiets het hoofd is geboden wentelen jullie je weer in pessimisme, wachtend op de volgende crisis.’

Het is een typische eigenschap van onvermijdelijkheidsdenken, zegt Snyder. ‘Als je zo van crisis naar crisis stuitert, hoef je niet na te denken over waar je uiteindelijk naartoe wil. Daarom spreek ik over honger. Je bevredigt jezelf en dan ga je terug.’ Europa had een ever closer union moeten worden, maar hoefde daar nooit werkelijk mee aan de slag zolang het zich op uitbreiding kon storten. Tot 2009 was dit een unie van verdragen getekend in steden als Maastricht, Nice en Lissabon. ‘Dat die verdragen en daarmee de toekomstvisies verruild zijn voor een constante crisisstand legt bloot hoe het Europese verhaal alleen maar bestaat in relatie tot onheil. “We hebben dit omdat het beter is dan oorlog.” Terwijl de Europese Unie alleen kan floreren als het een toekomstvisie heeft. Die kun je alleen formuleren als je waarden durft te formuleren.’

Welke waarden zouden dat moeten zijn? Wat voor Europa krijg je dan?
‘In Europa is er een mate van consensus over het idee dat er gelijkheid moet zijn, dat er systemen mogen bestaan waardoor mensen kansen hebben. Daarnaast zie je dit ontstaan rond klimaat en digitale privacy. Op geen van deze terreinen doet Europa het spectaculair goed trouwens, maar in beide gevallen doet Europa het beter dan wie dan ook. Het Europa dat daarmee ontstaat is humanistisch in plaats van technocratisch. Waar de toekomst niet bepaald wordt door keuzes die we krijgen opgedrongen door algoritmes of economische logica, maar door ideeën.

Vanuit hetzelfde idee kun je klimaatverandering aanpakken. Als je niets doet, word je slachtoffer van determinisme, immers: hoe verder het klimaat verandert, des te minder keuze er over blijft. Europa zou de plek moeten zijn die humanisme waarborgt, die vrij is én groen. Waar mensen zelf vormgeven aan hun wereld volgens eigen ethische en esthetische lijnen. Dit continent lijkt nog altijd het best uitgerust om de uitdagingen van de toekomst aan te gaan. En het zijn juist jonge Europeanen die slagen in het beschrijven van de urgentie daarvan.’

Veel Europeanen lijken hun angst voor het verleden verruild te hebben voor een angst voor de toekomst.
‘Dat geloof ik niet. In 1945 was er niemand die dacht: er ligt een fantastische toekomst in het verschiet, we gaan decennia van vrede en democratie tegemoet. Dat was absoluut onduidelijk zelfs. Toen het Europese project begon, was Frankrijk verwoest en een groot deel van Duitsland ook. De helft van Europa werd communistisch, er was angst voor nieuw nazisme en de oude Europese grootmachten verloren hun koloniën. Ik denk dat de mensen in 1945 net zo bang voor de toekomst waren als de mensen in 1918, en dat zij net zo bang voor de toekomst waren als mensen vandaag. De mensen van toen konden net zo goed de toekomst in kijken en denken: we zijn gedoemd.

Maar dat dachten ze niet, ze vonden uitdagingen en bouwden aan een periode die je kunt zien als de gouden eeuw van het Europees democratisch denken.’ Dat kan nu nog steeds, gelooft Snyder. ‘De wereld waarin wij nu leven is er meer dan ooit een van discours en ideeën. Dat betekent dat complottheorieën en propaganda makkelijker reizen, maar goede ideeën ook. Dat is de enige hoop, denk ik, en die heeft in Belarus geïnspireerd tot iets moois. Daar gingen mensen de straat op. Ze deden het gewoon, ze veranderden hun wereld en hebben zichzelf daarmee verrast. Dat kunnen Europeanen ook doen, ze hoeven daarvoor niet te wachten op een oorlog.’


Dit verhaal is onderdeel van een internationaal journalistiek project over Europa in de zomer van 2020. Lees hier over de reis door Europa. Het project werd ondersteund door het journalistieke fonds Stars4Media