Popmuziek – Fratsen en Spinvis

Junkies van de taal

Ogenschijnlijk hebben ze weinig met elkaar gemeen, Spinvis en André Manuel, zeker op het podium. Spinvis is daar de tovenaar, Manuel de nar. Zo ingetogen als Spinvis zingt, zo zwierig zijn de uithalen van Manuel, de Tom Waits van Diepenheim, die bovendien veel meer dan Spinvis zijn fysiek inzet: Manuel heeft de mooiste rotkop van Nederland, dankzij die sardonische grijns en die bezeten ogen.

Spinvis bouwt rustig en beheerst aan zijn oeuvre: tussen zijn albums zitten jaren, en er is hoorbaar met veel zorg aan gewerkt. Hij is de meester van de inkleuring, al zijn albums zijn monumenten voor het arrangement. Manuel is juist de dadaïst, de impulskunstenaar met een enorme productiviteit, voor wie tijdgebrek geen belemmering is maar bijna een voorwaarde. Fratsen, Krang, met Roosbeef, solo, met het Beukorkest: er lijkt niet echt een lijn in te zitten, Manuel bestaat bij de gratie van het momentum.

Spinvis is bij uitstek de dromenbouwer, de man die voor je ogen de mooiste zeepbellen lijkt te blazen, waar Manuel het etterjoch is dat ze vervolgens keihard kapotblaast. Dat eerste blijkt bij nadere beluistering mee te vallen, net als dat tweede: er zit meer grimmigheid in Spinvis’ en meer liefde in Manuels teksten dan de eerste indruk doet vermoeden.

Er zijn twee grote overeenkomsten. De eerste is de onontkoombaarheid van hun universum. Vanaf de eerste seconden van Spookt, het nieuwe Fratsen-album, waarin Manuel zingt: ‘Ik vind de vrouwen zoveel mooier dan de mannen die ik ken/ En je weet dat ik een hele trouwe schuinsmarcheerder ben’, is helder: dat is Manuel, en het had niemand anders kunnen zijn. Dat geldt ook voor Spinvis. Hij opent Trein Vuur Dageraad nog voor de eerste single Hallo maandag met een kort intro dat Ergens toen heet, en waarin die trein, het vuur en de dageraad al langskomen. Het lijkt opgenomen met een oude recorder, zo ver weg klinkt Spinvis, begeleid door een akoestische gitaar. Demo-niveau geluid en nog geen vijftig seconden, maar meer dan voldoende om je meteen een wereld in te trekken die in Nederland alleen door Spinvis wordt gebouwd.

Dat komt ook door de tweede overeenkomst tussen beiden: de taal. ‘Ik ben een junkie van de taal en verslaafd aan het woord’, zong Manuel bijna twintig jaar geleden, en het gaat voor beiden op. Los van elkaar op eenzame hoogte in de Nederlandse popmuziek. Manuel in Dans: ‘Ik had vannacht weer eens een feestje/ In m’n dooie uppie/ Ik stond te dansen op de tafel van m’n eigen kluppie/ In m’n hoofd ben ik de DJ/ heb ik niemand nodig/ Alle pracht en praal/ het is overbodig’. Spinvis in Hij danst: ‘En als hij danst/ Danst op logaritmes/ Walst in parabolen met een eindeloos ondeelbaar priemgetal/ Door het raam van zijn heelal’.


Fratsen, Spookt (Excelsior Recordings); Spinvis, Trein Vuur Dageraad (Silvox Records).

Fratsen speelt 12 mei in Tivoli De helling in Utrecht en 2 juni in Vera, Groningen. Spinvis speelt 16 september in Carré, Amsterdam