Reiner Stach, Kafka

Kafka’s jaren des onderscheids

In zijn Kafka-biografie richt Reiner Stach zich geheel op een periode van vijf jaar, 1910 tot 1915. Dat lijkt beperkt, maar het was de tijd waarin de belangrijkste dingen plaatsvonden in het getourmenteerde leven van Franz Kafka.

Begin vorige eeuw moest Tsjechië nog geboren worden. Praag was een stad in Bohemen, een landstreek die behoorde tot het Habsburgse rijk, dat werd geregeerd door de keizer in Wenen, zij het niet lang meer, want het uiteenvallen van de veelvolkerenstaat was ophanden. Van de vierhonderdduizend inwoners die Praag toen telde, waren er dertigduizend Duitstalig. Deze kleine minderheid was echter belangrijk. Grote namen in de Duitse literatuur — Rainer Maria Rilke, Franz Werfel, Egon Erwin Kisch, Max Brod en niet te vergeten Franz Kafka — stammen uit de oude stad aan de Moldau.

In de microkosmos van de Duits-joodse minderheid in Praag ontstond bijna honderd jaar geleden wereldliteratuur, ofschoon dat toen nog niet werd waargenomen. Franz Werfel meende destijds dat buiten de grenzen van Bohemen wel niemand iets zou begrijpen van de raadsel achtige verhalen van de jonge, wat zonderlinge Franz Kafka.

Tot de kleine groep schrijvers met wie Kafka contact onderhield, behoorde allereerst Max Brod, zijn vriend en mentor, en verder Franz Blei, Felix Weltsch en Oskar Braun. Deze kring vormde Kafka’s klankbord, hier kon hij zijn verhalen voorlezen, vond hij aanmoediging en steun. Thuis heerste onbegrip, Franz voelde zich er vreemd. Bovendien werd hij door zijn eigenzinnige en dominante vader regelmatig gewezen op een onaangename plicht: toezicht houden op de asbestfabriek, een familiebedrijfje, waarvan Franz stille vennoot was, nota bene op eigen verzoek.

Daarbij had hij nog heel andere plichten. De jurist Kafka verdiende zijn brood bij de Arbeiter-Unfall-Versicherungs-Anstalt, een soort WAO. Kafka’s taak was te controleren in hoeverre met name de Boheemse houtindu strie voldeed aan de veiligheidsnormen. Het antwoord op die vraag bepaalde de hoogte van de verzekeringspremie, wat telkens leidde tot geschillen. Hij haatte zijn bureau op de vierde verdieping van het statige verzekeringsgebouw, omdat alle tijd die niet aan schrijven kon worden besteed verspilde tijd was.

En zo kon Kafka zich pas ’s avonds laat, als in het ouderlijk huis de lichten werden gedoofd en iedereen naar bed ging, overgeven aan zijn bijna alles verterende passie: het schrijven. Dan begon zijn worsteling met taal en gedachten en over het resultaat was hij zelden tevreden. Eigenlijk had Max Brod na zijn dood al het ongepubliceerde werk moeten vernietigen — 3400 pagina’s aan dagboeken en literaire fragmenten. Brod dacht er niet aan en ging Kafka’s onvoltooide romans publiceren. Hij gaf zo de aanzet tot Kafka’s roem.

Wij kennen nu de verhalen als Das Urteil, Die Verwandlung en In die Strafkolonie en de romans Der Verschollene, Der Prozess en Das Schloss. Het zijn vreemde verhalen: een handelsreiziger wordt op een ochtend wakker en ontdekt te zijn veranderd in een insect met menselijke omvang; de procuratiehouder van een bank wordt op een ochtend zonder aanleiding gearresteerd en raakt verstrikt in de molens van een geheimzinnige, anonieme rechtbank; een ontdekkingsreiziger wordt op een eiland geconfronteerd met een helse machine waarmee gevangenen op uiterst pijnlijke wijze worden geëxecuteerd. En over al deze nachtmerrieachtige gebeurtenissen vertelt Kafka op een nuchtere, zakelijke toon alsof er niets aan de hand is. Geen wonder dat hele reeksen boeken zijn verschenen met interpretaties van Kafka’s werk.

Maar juist in Duitsland ontbrak een grote Kafka-biografie, althans dat beweert de gerenommeerde uitgeverij Fischer die het omvangrijke Kafka: Die Jahre der Entscheidungen van de Duitse Kafka-kenner Reiner Stach heeft uitgebracht. Het is een wonderlijk mooi en ook boeiend boek geworden, waaraan twee bezwaren kleven. Het is geen echte biografie, want het behandelt slechts vijf jaren uit het leven van de schrijver die maar veertig jaar oud is geworden. En het vergt tijd en geduld, want die vijf jaren (1910 tot 1915) smeert Stach uit over ruim zeshonderd pagina’s, waarbij hij Kafka enerzijds plaatst in de context van deze voor Midden-Europa zo roerige, ingrijpende en ook smartelijke jaren en anderzijds tracht door te dringen tot de complexe ziel van de schrijver.

Maar deze bezwaren zijn niet onoverkomelijk. Stach kan zijn keuze om Kafka’s leven te reduceren tot de jaren tussen 1910 en 1915 goed verdedigen. Het waren de jaren waarin het schrijverschap werd gevormd en Kafka twee zeer productieve fasen kende, in 1912 en in 1914. Bovendien is over die jaren veel bekend. Zo zijn er Kafka’s dagboeken en de honderden brieven aan zijn verloofde Felice Bauer in Berlijn. En die brieven kent Stach als geen ander.

Bovendien wordt de lezer voor zijn doorzettingsvermogen rijk beloond. Hij leert Kafka, zijn stad en zijn tijd kennen en krijgt meer inzicht in zijn literaire werk. Maar ook Felice Bauer en haar wereld komen tot leven. Weliswaar is niet bekend wat Felice aan Kafka heeft geschreven, want de schrijver heeft haar vierhonderd brieven later verbrand. Maar Stach weet toch de levensomstandigheden van deze voor haar tijd moderne, zelfstandige vrouw te schetsen.

De kern van de biografie is het tragische verloop van deze liefdesrelatie. Deze relatie is belangrijk en verhelderend. Stach is ervan overtuigd dat Kafka’s korte ontmoeting met Felice in Praag op 13 augustus 1912 en vervolgens zijn besluit een intensieve briefwisseling met haar te beginnen, hebben gewerkt als een katalysator: het schrijfproces raakte in een stroomversnelling. Twee dagen na het versturen van zijn eerste brief begon Kafka ’s avonds om tien uur te schrijven en hield pas om zes uur ’s ochtends op. Toen was Das Urteil af en Kafka was gelukkig, want het verhaal was in zijn ogen perfect. De door hem nagestreefde Zweifellosigkeit was bereikt. Hij noteerde in zijn dagboek: «Alleen zo kan geschreven worden, alleen in deze samenhang, met deze volledige openheid van lichaam en ziel.»

De liefdesrelatie, door Stach met veel inlevingsvermogen beschreven, maakt verder de gespleten persoonlijkheid van de schrijver zichtbaar. Kafka wist dat hij Das Urteil te danken had aan Felice en hij schreef boven het verhaal dan ook Für F. Haar brieven werden voor hem onontbeerlijk, daaruit putte hij energie. Maar tegelijkertijd kon hij haar in zijn werkelijke leven geen plaats geven. Hij schreef: «Mijn levenswijze is geheel gericht op het schrijven en als deze veranderingen ondergaat dan gebeurt dat uitsluitend ten behoeve van het schrijfproces, want de tijd is kort, de kracht gering, het bureau is afschuwelijk en de woning rumoerig…»

Kafka werd gekweld door een pijnlijke paradox die hij zelf zo heeft omschreven: «Dit verlangen naar mensen dat ik heb en dat omslaat in angst zodra het wordt vervuld…» Hij voelde dat hij om te kunnen schrijven alleen moest zijn, maar tegelijkertijd vreesde hij de eenzaamheid. Zijn liefde bloeide op papier, leefde in zijn geest en fantasie, maar buiten de brieven wist hij ze geen vorm te geven.

Kafka werd geplaagd door waanvoorstellingen, had angst voor seksualiteit en vreesde waanzinnig te zullen worden. Zijn verdediging tegen deze psychische gevaren was het voeren van een ascetisch leven. En van de beelden die hem kwelden, maakte hij literatuur. Stach laat zien dat de eerste zin van Die Verwandlung niet voor niets luidt: «Toen Gregor Samsa op een ochtend ontwaakte uit onrustige dromen, lag hij in zijn bed en was veranderd in een enorm ongedierte.»

Kafka koos voor het schrijverschap; een andere keuze was er niet, want er was nu eenmaal «deze reusachtige wereld in mijn hoofd die bevrijd wil worden».

Hij schreef aan Felice: «Ik heb geen literaire belangstelling, maar besta uit literatuur, ik ben niets anders en kan niets anders zijn.»

Reiner Stach

Kafka: Die Jahre der Entscheidungen

zUitg. S. Fischer, 671 pagina’s, € 29,90