Toneel

‘Kalmeer de donkere deining van Uw bittere drift’

Toneel Oresteia (2 en 3)

Het ijspaleis is in het tweede deel van de Oresteia, geheten Dodenoffer, voor driekwart afgebroken: rechts op het speelvlak staat nog een muur, rechts is de grafheuvel voor Agamemnon, een monument van gele klei, waaruit de vermoorde vorst half oprijst. Nog niet gewroken maar half begraven. Pierre Bokma, gebogen hoofd, boeddhahouding, spreekt vanuit het graf zijn kinderen Orestes (Aus Greidanus jr.) en Elektra (Halina Reijn) toe. Dit tweede deel van de trilogie is een triomfantelijk huwelijk van beeld en tekst. De kinderen van de gedode vader roepen hun verwekker aan. Hoe moet die wraak? Help ons! Geef ons raad! Wat volgt is een van de wonderen van de voorstelling. De dode vorst herrijst. De kinderen bouwen uit zijn herrezen lijk een standbeeld. Ze roken een sigaret, denken hardop, beramen een plan. Bokma staat er een kwartier roerloos bij – het kan langer, ook korter zijn, grote toneelspelers spelen met tijd en schoppen ons, argeloze kijkers, door de tijd heen. Daarna doet Bokma nog iets adembenemends. Maar dat mág ik niet verklappen. Dat moet je echt zien.

Met kleibrokjes wordt vervolgens de executie voltrokken. Eerst die van de moederminnaar Aigisthos (Hans Kesting), één gericht schot, een vlek op zijn rug, hij kronkelt zich naar de dood. Dan de gevreesde moeder, Klytaimnestra (Marieke Heebink), die zich leep verdedigt, twee, drie simpele gebaren voldoen daarna. Het levende kind (Elektra) moedigt Orestes aan, het dode kind Ifigineia (Elsie de Brauw) schudt heftig nee, fraaie opmaat voor haar rol straks, in deel drie. Dit tweede deel van de Oresteia is theatraal het spannendst (dankzij Aischylos!). Regisseur Simons, zijn ontwerpers en zijn toneelspelers houden alles perfect in balans. Vanuit de gedachte: Grote Vertellingen vereisen Grote Middelen. Maar steeds beheerst. Gecontroleerd tot op de vierkante millimeter.

In deel drie, Ontzagbare godinnen, zijn het de wraakgodinnen die de oude cultuur van de bloed- en eerwraak vertegenwoordigen. Het toneelbeeld is een kale moddervlakte. De wraakgodinnen worden hier verbeeld door de actrices die Klytaimnestra en Ifigineia speelden, Marieke Heebink en Elsie de Brauw, vanaf moment één wentelend in de moddervlakte, mensgeworden gifslangen vol haat en woede, uit op maar één doel: wraak op de moedermoordenaar Orestes, die eenzaam en alleen op een klomp klei zit te wachten tot hij wordt berecht en naar de Hades wordt afgevoerd.

Deel drie van de Oresteia is een discours over recht, rechtvaardigheid en het (in Aischylos’ dagen vers ontdekte) principe van democratische rechtspraak. De kaalslag in het toneelbeeld werkt goed, want niets leidt meer af van de essentie. Die essentie is het gesprek tussen de oude goden (verbeeld door de wraakgodinnen) en de ‘nieuwe’ goden (de heftig discussiërende Athena en Apollo, Chris Nietveld en Han Kerckhoffs) over waar de keten van de eer- en bloedwraak kan eindigen en waar een nieuw soort rechtvaardigheid kan beginnen. Intrigerend in deze voorstelling is dat het oude regime van de wraakgodinnen zich ein-de-loos blijft verzetten tegen het nieuwe. Waar Apollo – die boter op zijn hoofd én vuile handen heeft, want hij was het die Orestes aanzette tot moedermoord – nog een paar versleten debateertrucs uit de oude doos van de retorica tevoorschijn tovert, doet Athena werkelijk haar best (‘Kalmeer de donkere deining van uw bittere drift’) om de krachten van de oude eerwraak tot rust te manen door de ‘ontzagbare godinnen’ (mooie vondst van vertaler Altena) een plaats in het nieuwe Athene te geven, waarin hun ontzag niet meer door (doods)angst maar door waardigheid wordt afgedwongen. Het maakt dit derde deel van de Oresteia tot een ontroerend voorbeeld van discours op het toneel, waar de lat hoog wordt gelegd, omdat er iets essentieels op het spel staat. Ik was tot tranen toe geraakt, omdat het lijkt te lukken, terwijl op alle gezichten de wanhoop schemert waaruit spreekt: maar gaat het ook echt wérken? Simons en zijn spelers bereiken hier de aanraakbaarheid van een 2500 jaar ‘jonge’ tragedietekst: troostende balsem voor de ziel. Hier is toneel ooit voor uitgevonden.

Oresteia door NTGent/TGA, regie: Johan Simons, t/m 16 december in Utrecht, daarna t/m 20 januari in Luxemburg en Gent, www.toneelgroepamsterdam.nl, www.ntgent.be