Televisie: Robo sapiens

Kamer 3420

Medium robo sapiens 03    jaap veldhoen
‘Robo sapiens’. Jelle Brandt Corstius over de invloed van kunstmatige intelligentie op de mens © Jaap Veldhoen

Bij Robo sapiens, de nieuwe reisserie van Jelle Brandt Corstius met het thema robots, dacht ik meteen: Tegenlicht. En verdomd: de komende Tegenlicht-aflevering houdt zich ook bezig met artificial intelligence (AI). Het onderwerp is dan ook van immens belang. Biotechnologische en AI-ontwikkelingen gaan razendsnel en zullen de wereld op korte termijn diepgaand veranderen. In mate en vorm waarvan weinigen weet hebben. De Israëlische historicus Yuval Noah Harari vertelt dat zijn dorp halverwege Jeruzalem (traditie) en Tel Aviv (moderniteit) ligt, wat hij ziet als metafoor voor zijn positie in het denken over de toekomst. In de bubbel van Silicon Valley (zeg maar Tel Aviv) zou hij weinig oog hebben voor de ontzaglijke kracht van religie en mythologie (Jeruzalem). Juist nu de mens ‘het mysterie van het leven gekraakt heeft’ en op het punt staan zelf god te worden (‘en dat bedoel ik juist letterlijk’, zegt Harari) is beslissend wat wij met die technologie gaan doen: niet ingenieurs maken dat uit, maar priesters, ideologen en politici.

De vraag is hoe hoopvol of pessimistisch (Elon Musk: dringend wetgeving nodig om ons te beschermen; Stephen Hawking: we zullen worden uitgeroeid) we daarover kunnen, moeten zijn. Deze Tegenlicht, met de optimistische technologie-analist Kevin Kelly en filosoof Koert van Mensvoort, is, zoals veel afleveringen in vijftien jaar Tegenlicht, een must-see. Hier beperk ik me tot Jelle en zijn familie. Want dochtertje (2) doet mee, net als wijlen zijn vader, een van de eerste programmeurs. Maar ook het robotje dat jbc door een druk op de knop tot leven wekt, dat sekseneutraal Robin wordt gedoopt maar meisjeskleren aan krijgt, het antropomorfisch instinct steeds meer aanwakkert en een beetje gezinslid wordt (‘heeft een robot een ziel?’ vraagt jbc zich af).

Hij pakt het breed aan, in ruimte en tijd. Stelt de grote vragen en illustreert met kleine, fijne voorbeelden. We bezoeken de garage in Palo Alto waar Steve Jobs de eerste Apple in elkaar zette, ontmoeten een programmeur op bedevaart, die net ook al een dankgebed heeft gedaan in kamer 3420 van Boelter Hall, ucla, waar in 1969 de eerste router (twee meter hoog) is gebouwd. En we belanden in Ethiopië, waar niet alleen ‘de eerste mens’ leefde (is er in Marokko niet recent een nog ouder skelet gevonden?), maar waar studenten in Addis Abeba wonderen op programmeergebied verrichten. Nu nog onder leiding van de Amerikaan Ben Goertzel (zo uit een stripboek gestapt). Een angstaanjagend levensecht gezichtsmasker op een robot maakt de conversatie met het apparaat nog griezeliger. ‘Ik heb geen gevoelens, want ik ben een robot’, antwoordt het, ‘maar ik heb wel op elke vraag een antwoord.’

Jelle neemt Robin mee naar het beeld van Alan Turing in Londen, die de codekraker bouwde die de oorlog volgens schatting met een jaar bekortte. En die gruwelijk beloond werd met castratie vanwege homoseksualiteit. In Nederland bekent Jelle aan een computer dat hij bang is voor robots. ‘Hoe lang ben je al gek?’ ‘Sinds ik mijn vader ken.’ Helemaal Jelle: het persoonlijke, politieke en filosofische ineen. Verrukkelijk, maar tegelijk angstaanjagende materie.


Jelle Brandt Corstius,_ Robo sapiens, VPRO, zes delen, zondags vanaf 29 oktober, NPO 2, 20.15 uur. Rob van Hattum, Mensen, goden en technologie, VPRO Tegenlicht, zondag 29 oktober, NPO 2, 21.05 uur