Ray Shell, Iced: Dagboek van een crackverslaafde. Luitingh-Sijthoff. Voor Ÿ 8,95 bij De Slegte. ..LE In het nieuwe boek van Martin Bril komt een verhaal voor waarin men naar Joy Division zit te luisteren. Dat de autistische doem van Ian Curtis cum suis het heeft uitgehouden tot 1998, Martin Bril, duidt er weer eens op dat de jaren tachtig zich op een of andere manier diep en stevig hebben vastgebeten in het bewustzijn van mensen die nu een jaar of vijfendertig zijn.

Joy Divison was de pijn van de jaren tachtig, de ego-pijn. De zware zompige, bloedstollend mooie muziek van die band begeleidde een cultuur die gefascineerd was door verval en afbraak. Het was na de punk, en het collectieve was voorbij. Ieder ging alleen ten onder.
Een cultuur van doodsdrift en Weltschmerz. Literatuur vol Werthers en andere gekwelde jongelingen. Literatuur vol nihilisme, vol Grand Guignol. Boeken vol drugs, als hÇt middel ter ontsnapping aan de realiteit.
Even later, ergens midden in dat decennium, begon de Amerikaanse bratpack er op los te snuiven: drugs en literatuur, dat was cocaãne. Verder niets. Het snoof en het snoof en het snoof. En het zoop erbij. En dat vond men vreselijk extreem.
Cocaãnesnuivers zijn geen echte druggebruikers. Het zijn recreatieve roeszoekers, weekend-feestgangers. Zij leven een veilig leven, aan de goede kant van de streep: de snuiver raakt zelden veel kwijt.
Van een geheel andere orde, en veel en veel harder, is Iced, de eerste roman van Ray Shell. Dat is echt. Dat doet pijn. Het is het dagboek van een crackverslaafde. De 44 jaar oude Cornelius Washington Jr. wordt vanwege een zware verslaving aan crack - de vuile variant van base-cocaãne - opgenomen in een psychiatrische inrichting. Daar schrijft hij zijn dagboek. En iedereen die iets over drugs wil weten, moet dit lezen. Het is hard. Het is de onderste onderkant. Het is zoals het echt is, aan de andere kant van de streep.
‘De hele nacht hoorde ik mensen jammeren, schreeuwen, huilen en vloeken.
Dit was het thuis van die kinderen.
Thuis betekent geborgenheid.
Onschuldigen die onschuldige dingen doen.
Bestaan. Spelen. Leven. Lachen. Ravotten.
Neergemaaid.
Kapotgeschoten.
Hun levens overvallen, verraden door een kwaad dat zij niet wilden kennen of begrijpen.
Schofterig.
Echt schofterig.
Obsceen.’
Au.