TONEEL: MEDEA

Karakter is het noodlot

Zelfdoders en kindermoordenaars werden vroeger geweerd uit kranten en van christelijke kerkhoven. Tegenwoordig verdringen ze zich op voorpagina’s. En niet alleen die van de krant van wakker Nederland.

Het verleent de klassieke vertelling van Medea volgens deze en gene een eigentijdse en emotionele meerwaarde. Thibaud Delpeut, een van de intelligente jonge regietalenten die we in Nederland hebben rondlopen, heeft nu een _Medea-_voorstelling gemaakt waarin die quasi-actualiteit wordt ontmaskerd en verruild voor de sectie op een klassiek lijk. Dat klinkt cru, zo nuchter is het wel.

Medea (Wendell Jaspers) heeft een lange opkomst langs de vestingmuur van het Zeeuwse dorp Veere. Ze wandelt met de rug naar ons toe. De verschrikking ligt achter haar. Wij kijken naar een reconstructie. Er is een onderzoeker (Bram Gerrits), hij spreekt in proces-verbaal-formulieren-taal. ‘Tezamen met een ander persoon of meer andere personen, opzettelijk en met voorbedachten rade’, citeert hij. Waarop de vroedvrouw, de ‘placebo-moeder’ (prachtrol van Marlies Heuer) zegt: ‘We waren alleen.’ Zo begint het. En met aftellen. Van tien tot niks.

Medea doodt, zoals bekend, haar kinderen om haar man Jason te straffen. Voor zijn ontrouw. Om zijn verraad. Om hoe hij het bouwwerk van hun passionele liefde zucht voor zucht sloopt. Maar Medea is ook bang. Ze is een rechteloze asielzoeker-in-scheiding die het land uit moet en vreest dat de achterblijvers zich aan haar kinderen zullen vergrijpen. Regisseur Delpeut en zijn bewerker Alex Mallems hebben de _Medea-_vertelling ontleed en daarbij geput uit meer bronnen dan die ene beroemde van Euripides. Ook de versie van de Romeinse stoïcijn Seneca werd geraadpleegd, bij wie Jason minder boosaardig is, een beetje hulpeloos ook. Het levert een mooie scène op, waarin de heks Medea haar grote liefde Jason (Thomas Ryckewaert) heel eventjes omvér tovert, waarna deze in een flits zijn fysieke overmacht toont. Daarna: een idylle van korte duur. Een liefdesscène badend in warm zijlicht vanaf de muren.

Voor ons liggen de vestingwallen van Veere, hoog bovenop is het speelterrein van de machteloos toekijkende asiel verlenende vorst Kreon (Johan Van Assche), kerkklokken spelen zachtjes mee, in de verte zien we de vaag belichte Campveerse Toren aan het voormalig Veersche Gat, waarvan het water achter ons kabbelt. Voor de wallen ligt een speelvloer op bergen zand. Waarop Thibaud Delpeut een bijna geometrische mise-en-scène heeft gemaakt voor deze compacte, uiterlijk zakelijke, maar van onderhuidse spanningen rillende, hoogst muzikale enscenering van Medea. Wat Wendell Jaspers in deze vrouw legt is niet de gekte van een kindermoordenares, maar het inzicht dat zij lijdt aan iets wat ánderen altijd ‘noodlot’ noemen. De zinderende liefde voor Jason plantte ook de dood in haar, althans een kracht die boven haar uit groeide. Medea: ‘Er is niets groter dan wij/ Er is geen noodlot/ Karakter is het noodlot, Jason’.

Eén deur verder en je bent bij de tekst: ‘Depressie is woede, niets kan mijn woede blussen en niets kan mijn geloof herstellen – dit is geen wereld waarin ik wens te leven.’ Die is van Sarah Kane (1971-1999) uit 4.48 Psychosis. Een tekst die Wendell Jaspers binnenkort weer een maand lang speelt, op toernee in kleine zalen. Regie: Thibaud Delpeut. Hij is in een consequent oeuvre iets op het spoor. Volgend station: Nora van Ibsen, dit najaar nog. Ik zou zeggen: op de voet volgen, die man!

Medea naar Euripides/Seneca, Zeeland Nazomer Festival, Vest van Veere, nog t/m 1 september. www.nazomerfestival.nl

TONEEL