Hoogleraar organisatiepsychologie, culturele diversiteit en integratie Rijksuniversiteit Groningen

Karen van Oudenhoven-van der Zee

De belangrijkste maatschappelijke ontwikkeling vind ik de afname van het wederzijds vertrouwen in de samenleving en de opkomst van het populisme. Negen jaar na 9/11 lijken we nog steeds angstig voor het vreemde. Nieuwkomers voelen zich hier minder welkom en autochtonen verzuchten dat onze identiteit onder druk staat. De politiek versterkt gevoelens van wantrouwen in plaats van verbindend op te treden. Het populistische geluid overheerst. We zien dat terug in beleid gericht op harde aanpak van criminaliteit, afkeer van de elite en beperking van migratie. We proberen vooral het verleden vast te houden.

Dit heeft vermoedelijk te maken met de snelheid van veranderingen in ons land, maar ook met een hoog niveau van welvaart. Uit onderzoek weten we dat met een toename van welvaart het welbevinden van burgers en het democratisch karakter van samenlevingen toenemen. Bij een zeer hoge welvaart nemen beide uitkomsten echter weer af. De angst ontstaat datgene wat verworven is weer kwijt te raken. De economische crisis versterkt dat. De effecten daarvan zijn duidelijk zichtbaar in ons maatschappelijke klimaat.

Wat we onderschatten is hoezeer deze ontwikkelingen onze internationale positie kunnen aantasten. Al in de Gouden Eeuw waren buitenlanders welkom in ons land en werd vrijheid van meningsuiting als groot goed gezien. Grote geesten als Descartes en Spinoza kwamen van elders naar ons land, omdat zij hier vrij konden denken. De ideeënrijkdom die dat bracht, heeft ons een vooraanstaande positie opgeleverd op economisch gebied, in de kunst, in de wetenschap. Tegelijkertijd heeft onze voortdurende strijd tegen het water ons altijd gedwongen met elkaar samen te werken. De kracht om ruimte te geven aan unieke benaderingswijzen, en tegelijkertijd saamhorigheid te creëren zit in onze genen. Door steeds meer naar binnen gekeerd te raken, zetten we dat op het spel. Hoe kunnen we in zo'n klimaat handel drijven of concurreren op een internationale arbeidsmarkt?

Wat we ook onderschatten is hoe onze afnemende tolerantie de principes van onze rechtstaat onder druk zet. Privacywetgeving wordt versoepeld om daders gemakkelijker op te sporen. De overheid adviseert burgers om inbrekers in hun huis maar een klap te verkopen. Migranten die iets verkeerd doen, moeten meteen het land uit. Nederland is altijd een open democratische samenleving geweest. Wanneer emoties ons beleid gaan leiden in plaats van rechtstatelijke principes, tasten we de essentie van onze eigen natie aan. Dan raken we verder af van onze identiteit dan Maxima bedoelde.

Wat we overschatten zijn de problemen rond integratie. We zijn selectief in onze statistieken. Ook moslims brengen’s ochtends hun kinderen naar school, staan net als wij in de file. Hun religiebeleving lijkt sterk op de onze: velen vieren het Suikerfeest, maar gaan niet altijd naar de Moskee. De werkloosheid onder culturele minderheden is relatief laag, hun opleidingsniveau stijgt snel. Het etnisch ondernemerschap levert een belangrijke bijdrage aan onze economie. We kunnen dat veel beter in kaart brengen. Wanneer we onterecht blijven herhalen dat Marokkaanse jongeren “kutmarokkanen” zijn, of dat Turkse-Duitsers dommer zijn dan autochtone Duitsers, worden ze dat vanzelf wel. Die kant moeten we niet op.


Bekijk ook de pagina van Karen van Oudenoven-Van der Zee bij de Rijksuniversiteit Groningen