Max Pam

Kennis & Macht

Lezend in Voltaires Filosofisch woordenboek — onlangs vertaald door J.M. Vermeer-Pardoen — kom ik bij de B van Besnijdenis. Voltaire probeert na te gaan welk volk begonnen is met het besnijden van jongetjes en hij komt tot de conclusie dat de joden beslist niet de eersten waren. De joden besneden aanvankelijk niet, zij namen het over van hun Egyptische gastheren, die het misschien weer hadden van de Ethiopiërs. Volgens sommigen daarentegen hadden de Ethiopiërs het juist weer van de Egyptenaren.

Ik heb de indruk dat Voltaire het besnijden maar een barbaars bedrijf vindt, en daar heeft hij natuurlijk gelijk in. De besnijdenis is een ritueel. De filosoof Frits Staal heeft eens opgemerkt dat het ritueel geen orthodoxie is maar een orthopraxis. Dat betekent dat het niet gaat om de inhoud van wat je denkt, maar om de uitvoering van wat je doet. Het ritueel is op zichzelf inhoudelijk leeg. Niet van belang is of je rechts- of linksom om een totempaal loopt, maar dat je er überhaupt omheen loopt. Niet van belang is dat er rundvlees dan wel varkensvlees wordt verboden, maar dat er iets wordt verboden. De joden eten geen varkensvlees, maar wie wel varkensvlees eet, gaat niet dood. Dat hebben die miljard varkensvlees etende Chinezen wel bewezen. Dat je van het eten van varkensvlees puistjes krijgt, is trouwens ook een mythe.

Zo is het ook met de besnijdenis. Op zichzelf heeft de besnijdenis geen functie. Er is weleens beweerd dat je door de besnijdenis geen woestijnzand tussen eikel en opperhuid krijgt. Het scheen namelijk nogal te waaien in dat oude Palestina en dan gaat dat zand maar overal in zitten. Deze verklaring is lang aangevoerd, maar tegenwoordig wordt zij niet meer erg serieus genomen. Degenen die de besnijdenis willen verdedigen, zeggen ook dat besnijden infecties voorkomt. Men schermt dan met allerlei rapporten. Niettemin zijn de meeste onderzoekers het er tegenwoordig over eens dat het besnijden niet ongevaarlijk is. De kans op infecties neemt juist toe en baby’s die besneden zijn, huilen over het algemeen meer dan baby’s die de ingreep niet hebben ondergaan.

Fysiek gezien is besnijden nergens goed voor. Dat lijkt ook logisch, want wat God geschapen heeft, zal de mens niet verwijderen. Bij de besnijdenis is slechts van belang dat het gebeurt. Het is een gebaar, maar vraag niet naar het functionele waarom. Besnijden kun je misschien nog het best vergelijken met piercing. Wat heeft het voor zin om een veiligheidsspeld door de voorhuid van je eikel te slaan? Waarom doen vrouwen een ring door hun tong of door hun schaamlippen? Ik zag laatst iemand met een vulpen door zijn neus. Het doet allemaal pijn om dat soort dingen aan te brengen en belemmert bovendien de drager in allerlei mogelijkheden. Het infectiegevaar is groot. Maar het zijn allemaal volwassen mensen die dat ondergaan en dat kunnen die besneden baby’s niet zeggen.