Kerkasiel

Na het kinderpardon in 2013 is er geen politiek draagvlak voor opnieuw zo’n collectief pardon. En na Lili en Howick kan het ook niet meer over individuele gevallen gaan. Hoe nu verder?

Op de ochtend dat ik in de Haagse Bethelkapel ga kijken wat kerkasiel inhoudt, is een jonge dominee aan het preken voor twee bezoekers. Het Armeense gezin dat de kapel, net als eeuwen geleden in kerken ook al gebruikelijk was, aangeboden heeft gekregen als vrijplaats om zich voor uitzetting uit Nederland te behoeden, is niet in de gebedsruimte aanwezig. Dat helpt om het vraagstuk van kinderen die in Nederland zijn geworteld maar uitgezet zouden moeten worden in een breder perspectief te zien. Arjen Lubach moet dan nog de term talkshowpardon munten.

Wat ik in de kapel proef is oprechte betrokkenheid, van mensen die zich proberen voor te stellen wat uitzetten inhoudt. Noem het emotie. Een paar uur later, als ik weer in de Tweede Kamer ben, staat daar de ingewikkelde politieke praktijk tegenover. Waarin bij menig Kamerlid de emotie wel degelijk meespeelt, maar het niet alleen voor het zeggen heeft en volgens Kamerleden ook niet mag hebben. Dat komt mede voort uit de breed gevoelde ergernis over de gang van zaken rondom het kat-en-muisspel bij de dreigende uitzetting van de Armeense tieners Lili en Howick. Dat niet weer.

De meest gehoorde uitdrukking deze dagen in de Tweede Kamer is dat elke grens grensgevallen zal kennen. Na het kinderpardon in 2013, dat toen in één keer gold voor een groep kinderen die toen al geruime tijd in Nederland was, is er ondanks de nieuwe regels toch weer een dergelijke groep kinderen ontstaan. De politieke werkelijkheid van dit moment is dat er geen Kamermeerderheid is die voorstander is van opnieuw een collectief kinderpardon voor die groep in zijn geheel, in één keer.

vvd-staatssecretaris Mark Harbers, belast met vreemdelingen- en vluchtelingenzaken, wist zich dan ook politiek gedekt toen hij vorige week in interviews zei niet voor een collectief kinderpardon te zijn. Hij vreest voor het afkalven van het draagvlak in de samenleving voor vluchtelingen die echt zijn gevlucht voor oorlog en geweld. Daar horen deze kinderen formeel niet toe. Harbers wil wel gebruik kunnen blijven maken, in individuele gevallen, van zijn discretionaire bevoegdheid. Maar dan weer niet onder druk van media, bekende Nederlanders en mediagenieke asielkinderen. Ook dat streven wordt breed gedragen in de Tweede Kamer. Stille diplomatie als middel, daar hoor je van links tot rechts wel veel over in het parlement.

Het kerkasiel in de Bethelkapel wordt door de initiatiefnemers, een groep protestantse kerken, graag als stille diplomatie gezien. Maar met de camera’s die inmiddels toch op het Armeense gezin zijn gekomen, is die terminologie niet meer vol te houden. Wat het voor politici moeilijk maakt. Zeker voor cda en ChristenUnie die deel uitmaken van de coalitie en waarvan de achterban bij dit kerkasiel is betrokken. Maar evengoed voor oppositiepartij pvda, waarvoor dat laatste ook geldt.

Opschorten van uitzetting wekt hoop, maar wat als die hoop ten onrechte blijkt?

Niemand wil naar een praktijk waar in de Tweede Kamer, onder mediadruk, telkens weer over individuele gevallen wordt gesproken. Dit kerkasiel kan, zeker na de affaire rond Lili en Howick, daardoor misschien wel averechts gaan werken. En wat is de exit-strategie van de initiatiefnemers als Harbers zijn discretionaire bevoegdheid juist om de publicitaire druk te weerstaan in dit geval niet gaat gebruiken? Opschorten van uitzetting zoals gevraagd wordt door de initiatiefnemers wekt hoop, maar wat als die hoop uiteindelijk ten onrechte blijkt te zijn?

pvda en GroenLinks willen dat rechters die beslissen over blijven of uitzetten de Europese rechten van het kind mogen meewegen. Volgens staatssecretaris Harbers zijn de rechten van kinderen al voldoende meegenomen in de Nederlandse wetgeving. pvda en GroenLinks vinden echter dat een rechter zich apart moet kunnen beroepen op de internationale rechten van het kind, niet als bovengeschikt aan de Nederlandse wetgeving overigens, maar nevengeschikt.

Na Lili en Howick heeft Harbers een commissie ingesteld die moet onderzoeken of de asielprocedures sneller kunnen en de stapeling van procedures anders kan. In het parlement hoor je dat dit nog niet makkelijk zal zijn. Vergeleken met het buitenland zijn de procedures in Nederland – op papier – al snel. Een verkorting zou het afschaffen van de laatste stap kunnen zijn, een procedure bij de Raad van State, omdat dit geen inhoudelijke weging van blijven of uitzetten meer is, maar het controleren van de rechtmatigheid van de gang van zaken.

De pvda dringt met GroenLinks, opnieuw, aan op het onder de loep nemen van het meewerkcriterium in de Regeling langdurig verblijvende kinderen. Dat criterium zou te streng zijn. Als ouders geheel volgens de regels in voorgaande jaren beroep hebben aangetekend tegen een besluit tot uitzetting wordt dit gezien als tegenwerken. Dat willen de partijen veranderen, maar om daar een meerderheid voor te krijgen hebben ze coalitiepartijen nodig. Dat ligt echter gevoelig. In het verleden waren de huidige regeringspartijen d66 en ChristenUnie hier bovendien niet voor, toen nog hopend op een algeheel pardon.

Ondertussen wil de lokale vvd-fractie in Den Haag dat snel een eind wordt gemaakt aan het kerkasiel in de Bethelkapel. De vvd vindt dat een kerk of andere religieuze instelling nooit een besluit van een democratisch gelegitimeerde overheid mag frustreren. Het is alsof de liberalen vrij citeren naar Romeinen 13. Terwijl het juist de gelovigen in de kapel zijn die de boodschap van deze tekst naast zich neerleggen. Omdat in hun ogen er omstandigheden zijn waarin je juist wel tegen het gezag in het geweer moet komen.