Kerstgift

Waarde lezer,
lezeres,

SOMS IS GELIJK KRIJGEN een dubieus genoegen. Zo betreurt de beroemde socioloog Richard Sennett het dat zijn boek The Fall of Public Man alleen maar aan actualiteit heeft gewonnen. In het boek uit 1974 hekelt Sennett onze obsessie met het privé-leven van publieke figuren en onze neiging onze meest intieme wederwaardigheden opdringerig te etaleren. De ‘tirannie van de intimiteit’ die hij in zijn boek constateerde, is tegenwoordig niet meer weg te denken. Niet in de sociale media, die het van de allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie moeten hebben, maar ook niet in de politiek, waarin het louter nog om personality lijkt te draaien.
‘De obsessie met het private’, zegt Richard Sennett in het kerstnummer van De Groene Amsterdammer, ‘zit niet louter in onze manier van politiek bedrijven. We leven in een cultuur die zich voornamelijk richt op wat eenvoudig te begrijpen is. Alles moet simpel en het liefst direct consumeerbaar zijn. We hebben daarom weinig geduld voor zaken die wat meer intellectuele moeite kosten.’
Sennett heeft het over de politiek, hij had zijn pijlen even goed op de media kunnen richten. De lawine van nieuws en nieuwtjes die over ons heen raast, laat weinig ruimte voor ingewikkelde verhalen. Ook de ‘tirannie van de intimiteit’ heeft in de media toegeslagen, getuige de stroom berichtgeving over, zeg, Jan Smit, Yolanthe en Paris Hilton. Of ruimer: al die human interest-interviews met mensen die beroemd zijn van radio en tv. De grens tussen journalistiek en lifestyle is ook in veel serieuze media lang niet altijd te trekken.
In zijn column in NRC Handelsblad haalt Bas Heijne de Duitse schrijvers Ilija Trojanow en Juli Zeh aan, die zich in hun pamflet Aanslag op de vrijheid verwonderen over de apathie van de burger, als het gaat om de toenemende inbreuk die de overheid op zijn privacy maakt. In hun ogen zijn het de media die een cultuur van gemeenzaamheid scheppen, waarin iedereen vrolijk meebabbelt over dezelfde (non-)incidenten. Zoals ze schrijven: ‘De moderne media-industrie is een harde business met veel concurrentie, waar met zo weinig mogelijk tijd, geld en personeel moet worden gevochten voor een schaars goed: de publieke aandacht. Een bijdrage die wil ingaan tegen de mainstream moet zijn afwijkende mening gedetailleerd motiveren, wat de inzet van veel middelen vereist: research, overleg en genoeg plaats in het blad, om de gebaande denkpatronen overtuigend te weerleggen. Het kost aanzienlijk minder inspanningen om de heersende mening te volgen. (…) En natuurlijk let elke redactie er met argusogen op dat de hype van de dag niet wordt gemist.’
Het is ronduit bemoedigend dat De Groene Amsterdammer het afgelopen jaar, net als het jaar daarvoor, aanzienlijk is gegroeid in oplage, terwijl we de tirannie van de intimiteit links laten liggen, we ons richten op ideeën en niet op lifestyle, en we precies doen wat Trojanow en Zeh in veel van de huidige media missen: ingewikkelde verhalen maken die tegen gebaande denkpatronen ingaan.
Bas Heijne eindigt zijn column met een dilemma: ‘Wil de journalistiek overleven, dan lijkt ze vooral te moeten volgen. Wil ze geloofwaardig blijven, dan zal ze vooral moeten leren doorgronden.’ Dat vereist, stelt hij, een journalistiek die niet alleen oppositie durft te voeren tegen de gevestigde macht, maar ook tegen de dominante mediacultuur. ‘Het vereist ook’, voegt hij daaraan toe, ‘een kritische nieuwsconsument, die tegen zichzelf in durft te denken, die zichzelf lastige vragen durft te stellen, die niet alleen bevestigd wenst te worden in wat hij toch al vindt.’
Die kritische nieuwsconsument bent u, lezer van De Groene Amsterdammer. Als wij ons weekblad maken met een lezer in ons achterhoofd, en natuurlijk doen we dat, dan is dat de lezer die uitgenodigd wil worden tegen zichzelf in te denken, die graag zijn denkbeelden binnenstebuiten keert. En wat het mooie is: u groeit in aantal.
Toch kunnen wij uw kerstgift nog bijzonder goed gebruiken. Wat wij verdienen, investeren we in ons blad - op sobere voet leven wij nog steeds. Onze ambities zijn bovendien groter dan onze krappe beurs. We willen vooral graag meer tijd en aandacht besteden aan onderzoeksjournalistiek, de meest kostbare vorm van journalistiek die er bestaat. In januari begint de eerste masterclass onderzoeksjournalistiek van Marcel Metze, waarvoor vijf jonge, getalenteerde journalisten zijn geselecteerd die zich vier maanden op één thema zullen toeleggen. Graag zouden we ook onze redacteuren willen vrijstellen om grote onderzoeksprojecten te doen. Daarvoor is geld nodig, dat wij niet hebben.

Omdat wij u buitengewoon dankbaar zijn voor uw gift geven wij de lezers die ons 25 euro of meer schenken graag een uniek boek cadeau. Met de hulp van Groene-biograaf Rob Hartmans stelden wij Houd op, gij daar met uw houweel! En andere verhalen uit De Groene Amsterdammer over veranderend Nederland samen. Van een kritisch commentaar bij de kroning van Wilhelmina tot een interview met Anton Mussert, van de problemen van de anti-autoritaire opvoeding tot een warm portret van de familie Den Uyl - het boek geeft een rijk beeld van Nederland in de twintigste eeuw. Net als de bundeling van vorig jaar, Lang leve de nestbevuilers!, zal het boek niet in de winkel komen te liggen. Tussen februari en eind maart kunt u uw geschenk in de brievenbus verwachten.

Lezers die 50 euro of meer doneren, krijgen eveneens het Groenecertificaat om een familielid of vriend drie maanden lang ons weekblad cadeau te doen. U kunt uw gift overmaken naar giro 4670444. (IBAN: NL07INGB0004670444, BIC: INGBNL2A)

U kunt uw gift overmaken naar giro 4670444.
Wij wensen u een goede Kerst en veel voorspoed in 2011.

XANDRA SCHUTTE, Hoofdredacteur
TEUN GAUTIER, Uitgever