Wouter Bos redt de PvdA

Kiezen tussen twee geliefden

Wouter Bos trad terug om privé-redenen, maar er speelde meer. Hij twijfelde of hij de meest geschikte nummer één van zijn partij was.

Minutenlang duurde het snikken. Hij zat met z'n hoofd in zijn handen. Het lukte maar niet die ene zin uit te spreken. Verbaasd keken oud-ministers, -staatssecretarissen, fractieleden en medewerkers naar hun politiek leider. Een enkeling in de vergaderzaal van de PvdA-Tweede- Kamerfractie wist wat er kwam, de meesten wisten van niets. Zien huilen doet huilen, en dat gebeurde dan ook. Het was een ‘zeer emotionele’ coming-out, zo werd na afloop verteld. De persconferentie even later in Perscentrum Nieuwspoort verliep iets beheerster. Maar de schok dat Wouter Bos niet langer meer de lijsttrekker is, was er niet minder om.
Oud-pvda-bewindslieden zaten eerder vorige week nog tegenover Bos om te praten over hun politieke toekomst. Er werd gesproken over wel of niet op de lijst staan. Maar ze spraken met een baas die in z'n hoofd al geen baas meer was. 'Een knap staaltje theater’, zo noemt een van de betrokkenen de gesprekken.

De primeur om te berichten over het privé-leven van een politicus lag tot voor kort bij de roddelbladen. Wouter Bos heeft daar een eind aan gemaakt. Dat zijn huwelijk op de klippen dreigde te lopen als hij zou kiezen voor het premierschap blijkt nu van grote politieke betekenis te zijn. In Den Haag werd wel eens gegrinnikt als je hoorde dat de chauffeur van Wouter rondjes om z'n huis reed omdat er nog getelefoneerd moest worden over het werk en mevrouw Bos dat 'gebel’ binnen niet wilde. Het gerucht is nu gewoon door Eberhard van der Laan, oud-minister van Wonen, Werken en Integratie (De Telegraaf, 13 maart) in alle openheid bevestigd.
Juist afgelopen zondag stond in het magazine van de Britse zondagskrant The Observer een uitgebreid verhaal onder de kop 'Out of the Shadows, the Rise of the Politician’s Wife’. Het verhaal gaat over de rol van de vrouw achter de kandidaten bij de komende Britse verkiezingen. Gebleken is dat de rol van de partner ook bij ons betekenisvol is, alleen in omgekeerde richting. In het zicht van het premierschap staat de partner op haar strepen en dient de kandidaat zich terug te trekken en voor thuis te kiezen.
De privé-relatie van Wouter Bos, die zoals iemand uit de pvda-partijtop zegt 'gecompliceerd ligt’, mag dan een belangrijke rol hebben gespeeld, er speelde meer mee. Wouter Bos twijfelde sowieso of hij de druk wel aankon en de meest geschikte nummer één van de Partij van de Arbeid zou zijn. Er was al eerder intern kritiek op hem. En toen enkele weken voor de val van het kabinet de discussie over Uruzgan dreigde te ontsporen, kreeg hij van binnenuit het signaal dat hij moest laten zien dat hij een politiek leider was. Kritiek op zijn leiderschap raakte hem. Hij was zeer ontstemd over een artikel van pvda-senator Frans Leijnse in de Volkskrant (27 februari). Leijnse schreef dat het kabinet was gevallen over 'een futiliteit’ en had het over 'persoonlijk falen’ van Balkenende én Bos. Leijnse: 'Dat een kabinet (…) struikelt over persoonlijke animositeit en gebrek aan politieke stuurmanskunst is het zoveelste bewijs van de krampachtige Kleingeisterei die grote partijen sinds Fortuyn beheerst.’
Leijnse baseerde zijn oordeel zeker niet alleen op de val van dit kabinet. In 2003 zag hij als informateur - samen met Donner - de informatie van een cda/pvda-kabinet mislukken mede ook door het persoonlijk wantrouwen tussen Maxime Verhagen en Wouter Bos.
Maar waar Bos echt hels van kan worden, is als hij wordt beticht van draaien. Dat leerde het cda tijdens de verkiezingscampagne in 2007. Het bleek een vondst die Bos uiteindelijk, zo zegt een direct betrokkene, 'kapot’ heeft gemaakt. Eberhard van der Laan zei in Tros Kamerbreed (13 maart) dat 'Wouter een gevoeligheid heeft ontwikkeld voor dat verwijt van draaien’. Van der Laan deed er in die uitzending nog een onthullend schepje bovenop: 'Die hele crisis van Uruzgan was er niet geweest als niet drie jaar geleden op hem dat stempel was geplakt van: je draait, je bent oneerlijk.’ Dat premier Balkenende en minister Verhagen van Buitenlandse Zaken de laatste weken steeds probeerden aan te tonen dat Bos over Afghanistan de ene keer 'dit’ en de andere keer 'dat’ zei, leidde bij Bos tot politieke oververhitting. Overigens is het 'draaien’ het cda als campagnewapen uit handen geslagen. Want Job Cohen afschilderen als draaikont werkt niet.
Daarmee is niet gezegd dat de premier wél tegen kritiek zou kunnen. Want wie Balkenende’s 'missie’ verstoort, komt op de zwarte lijst. Maar dat is meer voor het andere afscheidsverhaal dat nog geschreven moet worden.

Hoe dan ook is er de laatste weken een ernstige vorm van politieke schizofrenie zichtbaar geworden. Want wat moet er in het hoofd van Wouter Bos zijn omgegaan toen enkele dagen na de val van het kabinet het pvda-partijbestuur hem vroeg om lijsttrekker te worden? Volgens een van de aanwezigen reageerde Bos timide. Maar dat waarnemingsoordeel is gemaakt 'met de kennis van nu’. En hoe gespleten moet Bos zich hebben gevoeld toen hij op de uitslagenavond van de gemeenteraadsverkiezingen zei: 'De pvda is weer terug’, en dat hij vervolgens liet weten dat hij de nummer één van de pvda zou zijn.
Dat hij vlak na de val van het kabinet liet weten niet terug te willen naar de Tweede Kamer en het land te willen intrekken, deed bij een enkeling in de partijtop al vermoeden dat er iets aan de hand was. Maar zoals pvda-fractievoorzitter Mariëtte Hamer zegt: 'Wouter kon de twee liefdes niet meer tegelijk bedienen.’ Op dit moment schrijft Bos samen met anderen aan het verkiezingsprogramma. Ook bemoeit hij zich nog met de kandidatenlijst. Gespleten of niet, het moet hem zwaar vallen.
In de geschiedenisboeken zal over enige tijd staan dat Wouter Bos de Partij van de Arbeid uiteindelijk heeft gered, namelijk door te vertrekken en plaats te maken voor Job Cohen.

Kees Boonman is politiek journalist