Economie

Kiezen voor kapitaal

Een extra structurele toename van de zorgsalarissen, vanwege de extra inspanningen en de nijpende tekorten aan personeel, komt er definitief niet, bleek afgelopen maand. Vanuit het kabinet zijn hiervoor sinds juni verschillende argumenten gegeven.

De voormalige minister Bruno Bruins gaf deze zomer een heel grappige reden: hogere salarissen helpen niet. Geestig, voor een overheid die al twintig jaar hamert op financiële prikkels als dé oplossing voor alles. De knelpunten in de zorg zijn waardering en minder administratie, niet zozeer geld, aldus de ex-minister. Het tegendeel bleek uit een peiling van beroepsvereniging V&VN onder ruim 2100 leden.

Een ander argument, dat Rutte op 25 juni in de Kamer gaf, is ronduit vreemd. ‘Wat bereik je daarmee?’ zei hij toen. ‘Dan is het toch onvermijdelijk dat dat ook in andere sectoren als onderwijs en defensie zou moeten.’ Hij heeft gelijk, daar gaat het niet om. Over de hele linie lopen de lonen al jaren achter op de winsten en op de economische groei, niet alleen in de zorg. Rutte zelf heeft de werkgevers (waarvan de overheid de grootste is) vorig jaar opgeroepen de lonen te verhogen – en weigert het nu zelf. Wil de premier nu meer of minder loongroei?

Een veelgehoord argument is ook dat dit uitgaven zijn, geen investeringen in kapitaal. Investeringen mogen (zie het Wopke-Wiebes investeringsfonds), maar er is ‘geen ruimte voor per saldo extra uitgaven’, zoals de Studiegroep Begrotingsruimte, een groep invloedrijke ambtenaren, onlangs stelde.

Als reden wordt genoemd dat investeringen éénmalig zijn, terwijl hogere uitgaven jaarlijks terugkeren. Neem de investering in de Noord/Zuidlijn: die hoefde maar één keer betaald te worden. De extra zorgcapaciteit die je misschien wint met hogere uitgaven aan zorgsalarissen in 2020 ben je in 2021 weer kwijt – tenzij je ook in 2021 hogere zorgsalarissen betaalt. Dat zal sowieso wel moeten, want salarisverlagingen zijn praktisch onmogelijk (zie KLM). De overheid zit eraan vast: financieel dus niet aantrekkelijk, is het argument.

Waarom toch die halsstarrige weigering van hoger zorgloon?

Maar het verschil tussen éénmalig en permanent is niet zo hard als het lijkt. Jaarlijkse kosten en inkomsten kun je omrekenen naar de netto contante waarde, naar één bedrag nu. En er zijn wel degelijk blijvende effecten van lagere of hogere uitgaven. ‘De bezuinigingen op de uitgaven in de zorg hebben een desastreus effect gehad op de sector en het imago’, concludeerde hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen in maart 2019. We plukken daar nu nóg de wrange vruchten van.

Daarbij: als hogere zorgsalarissen leiden tot betere zorg, en dus beter onderhoud van het ‘menselijk kapitaal’ van Nederland, dan beginnen ze wel heel erg op investeringen te lijken. Op iets wat, zoals minister Wiebes het noemde bij de presentatie van het investeringsfonds, ‘het verdienvermogen van Nederland vergroot’. Dat is natuurlijk precies wat betere zorg doet.

Waarom dan toch die halsstarrige weigering? In 2019 gaf Wilthagen als reden: ‘We moesten per se het braafste jongetje van de klas zijn en aan de begrotingsnorm van Europa voldoen.’ Hier komen we bij de kern. Het draait eigenlijk om wat ik in mijn boek Een land van kleine buffers benoem als de tegenstelling tussen financieel vermogen en reëel kapitaal.

Al tien jaar prioriteren de kabinetten-Rutte financiële indicatoren (zoals begrotingsnormen) boven signalen zoals stikstof- en CO2-waardes, gebrek aan mensen en middelen bij Nederlandse gemeentes, tekorten aan politiemensen en docenten. Het zijn stuk voor stuk aanwijzingen dat we te weinig investeren in ons echte kapitaal – misschien wel omdat we te veel de ophoping van financieel vermogen najagen. Dat echte kapitaal is alles waarmee we samenleving en economie gezond houden – zoals natuur, onderwijs en ordehandhaving.

Nog wonderlijker wordt het als er tegelijk wel geld is voor verlaging van de dividendbelasting (als het aan de premier lag) en voor ruim vierduizend ‘belastingafspraken’ die ontwijking faciliteren. Niet alleen zijn dit jaarlijks terugkerende uitgaven (gemiste belastinginkomsten), die in de zorg nu juist taboe zijn. Het is bovendien niet duidelijk hoe ze het kapitaal van Nederland versterken: dit gaat slechts om de opbouw van vermogen, voor een minderheid.

De beslissing van het kabinet is daarmee niet een kwestie van prudent begroten, maar van verkeerde prioriteiten.