Kunst: ‘Children’s Games’ van Francis Alÿs

Knikkeren in Jordanië

Kunstenaar Francis Alÿs ‘verzamelt’ al twintig jaar overal ter wereld kinderspelletjes. Kinderen zijn vrolijk en vindingrijk, laat zijn expositie in Eye zien, maar ook wreed en ondankbaar.

‘Children’s Games’ van Francis Alÿs © Studio Hans Wildschut / Eye Filmmuseum

Een lange sliert film kronkelt door de oude binnenstad van Kabul, Afghanistan, steeds langer en ook steeds sneller, want de film komt uit een filmspoel en die tolt rond in volle vaart. De spoel rammelt door de straten en de film vliegt erachteraan, schuurt met zijn celluloid-buik over het zand als een slang in de aanval. Een spoor van film trekt door de stad. Langs dichtgetimmerde huizen, over trappen die tussen kapotgeschoten straten nergens meer naartoe leiden. Dwars door het chaotische verkeer dat toeterend remt en gas geeft, remt en weer gas geeft, en steeds even opgaat in een stofwolk. De film passeert een kudde schapen, glijdt over de markt langs marktkooplui in kleermakerszit.

Twee jongens houden de snelheid erin en slaan de spoelen voort met hun blote handen, alsof ze een wild paard temmen. Andere kinderen rennen joelend achter hen aan, ze lopen mensen omver en laten brommers en busjes hard voor hen remmen. Ze komen langs een groep kleine meisjes dat stil toekijkt, langs een man die de spoel even optilt en de filmrol inspecteert, en die dan weer op de grond laat zakken. De film gaat door vuilnis en langs hoog opgestapelde zandzakken en kleine vuurtjes. Dan dwars door een vuurtje, waarna de sliert in twee stukken uiteen valt.

De twee jongens gaan met hun filmspoelen achter elkaar aan in hun race door de stad, een buitenwijk in, de berg op. En dan vliegt de film de bocht uit, een dal in, met wijds uitzicht op de stad beneden.

In de aftiteling van Reel/Unreel (2011) wordt verteld hoe de Taliban in september 2001 beslag legden op duizenden films uit het Afghaanse Film Archief en deze verbrandden in de buitenwijken van Kabul. Het vuur bleef vijftien dagen branden, maar wat de Taliban niet wisten was dat ze kopieën aan de vlammen voerden, en niet de originelen.

Reel/Unreel is een prachtige film van de Belgische kunstenaar Francis Alÿs, oorspronkelijk gemaakt voor Documenta 13, en draait nu in een zaal van het Eye Filmmuseum als onderdeel van zijn tentoonstelling Children’s Games. Het werk is typerend voor Alÿs, die elke nieuwe plek die hij bezoekt liefst verkent vanaf de straat. Aan het begin van de film zien we Afghaanse kinderen spelen met een oud fietswiel en een houten stokje, zoals we dat hier een eeuw geleden deden, en uiteraard is het de kunstenaar die ze de films in handen gaf. En natuurlijk is zijn idee daarbij dat film de stad voor even in beslag kan nemen, enige verlichting kan bieden misschien, naast alle ellende op straat. Bij de film schilderde Alÿs tevens een serie kleine portretten van de stad (niet aanwezig in Eye), waar dwars door het beeld gekleurde balken lopen, als bij een testbeeld.

Maar in de film zijn het uiteindelijk de kinderen die het kunstje vertonen. Zij beschikken over de nodige behendigheid, zij kennen de stad als hun broekzak, ook al ligt die in puin, want zij kennen haar niet anders. Elke metafoor die wij op de film-in-de-stad kunnen plakken wordt doorgeprikt door hun tomeloze inzet en enthousiasme. Alÿs filmt laag bij de grond vanuit hun perspectief, langs de rokken van de vrouwen, langs de broekspijpen van de mannen en hun blote voeten in sandalen. De film geeft een ander beeld van Kabul dan we gewend zijn van televisie, maar het is zeker niet minder echt.

Een nieuw kunstwerk van Alÿs, die in België en Italië werd opgeleid tot architect, begint vaak op straat. In 1986 verhuisde hij naar Mexico-Stad om te helpen bij de wederopbouw na een aardbeving, maar na afloop van de opdracht bleef hij er wonen en werken als beeldend kunstenaar. Zijn eerste kunstwerk werd The Collector (1991), een performance vastgelegd op video waarin Alÿs een magnetische speelgoedhond uitlaat in de straten van de stad. Hij sleept de rammelende hond aan een touw achter zich aan terwijl stukjes metaal vanuit de smerige goot op het beestje afspringen.

Het was zijn manier om zich zijn omgeving eigen te maken. In een andere korte video, Looking Up (2001), in de collectie van het Stedelijk Museum, zien we hoe Alÿs zelf optreedt als magneet. Midden op het Plaza Santo Domingo houdt hij stil en kijkt hij omhoog, net zo lang tot nieuwsgierige voorbijgangers zich bij hem voegen en ook omhoog kijken, een groep die snel in omvang groeit en waar Alÿs dan rustig van wegloopt.

Zijn oeuvre is te lezen als een optelsom van spel en regels, geworteld in acties en performances waaruit hoop en een ietwat naïef optimisme spreken. Vaak laten ze geen – of slechts tijdelijke, subtiele sporen achter. Zoals de wandelingen die hij maakte door Manhattan in de maanden na 11 september, of de lijn die hij te voet door Jeruzalem trok met een lekkende pot groene verf: zijn wandeling markeerde de wapenstilstandsgrens van 1949 die bekendstaat als de Groene Lijn.

Wat Alÿs aantrekt, is ‘de absurde logica van zeer duidelijke regels die in feite nergens op slaan’

Politiek beladen is ook zijn nieuwste film Sandlines (2019), die deze week op het International Film Festival Rotterdam draait, waarin kinderen in Irak een eeuw aan Iraakse geschiedenis naspelen, kinderen die zich bevinden in de voorhoede van een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van conflict in het Midden-Oosten.

Zijn werk wordt vaak omschreven als poëtisch en surrealistisch, maar is soms ook wat anekdotisch, als een sterk verhaal. Een van zijn bekendste werken is When Faith Moves Mountains uit 2002. Alÿs vroeg achthonderd vrijwilligers uit Lima, Peru, hem te helpen een zandduin tien centimeter te verplaatsen. Of dat lukte, is niet bekend, maar de uren die ze samen zand schepten, brachten wel iets bijzonders te weeg, iets wat de kunstenaar omschreef als ‘een klein mirakel’. Hoe dan ook leverde het beelden op die beklijven.

Children’s Games, de serie die de hoofdmoot vormt van de tentoonstelling in Eye, is binnen dit oeuvre eigenlijk bijvangst. Al twintig jaar ‘verzamelt’ Alÿs in de landen waar hij voor zijn kunst komt lokale spelletjes, gespeeld door kinderen. Hij filmde hoe kinderen knikkeren in Jordanië en zandkastelen bouwen langs de Belgische kust, hoe kinderen in Mexico met houten stokken revolvers imiteren en in Marokko ricochet spelen, platte steentjes zo vaak mogelijk laten ketsen op het water van een kalme baai. Wat hem daarin aantrekt, is ‘de absurde logica van zeer duidelijke regels die van zichzelf nergens op slaan’, zei hij. Kinderspelletjes geven hem een exclusief kijkje in het dagelijks leven ter plekke en leveren soms ook onverwachte symboliek op. Aan de overkant van de baai in Marokko, waar de keien zo ver mogelijk over het water moeten springen, is Europa zichtbaar.

In Eye worden in een grote zaal zestien spelen op evenveel schermen tegelijkertijd vertoond. Het is een kakofonie van aanmoedigingen, gejuich bij winst en kreten van ontzetting bij verlies, hoewel sommige spelen ook in opperste concentratie verlopen. Twee Franse meisjes zijn op een binnenplaats in hun nette kleren en in stilte aan het ‘stieken’, een spel waarbij een groot elastiek tussen de benen van kinderen wordt gespannen en een ander kind al springend opdrachten uitvoert. Tip, tap, top, erin, eruit, erop. Drááien. Na elke voltooide reeks bewegingen gaat het elastiek een stukje omhoog en begint de uitdaging opnieuw.

Na het bekijken van meerdere video’s beginnen overeenkomsten en verschillen op te vallen die maken dat Children’s Games meer is dan een willekeurige verzameling filmpjes. Spelende kinderen zijn universeel, net als winnen en verliezen, en veel kinderspelletjes zijn ook universeel, maar heel specifiek zijn de omstandigheden waarin gespeeld wordt. Niet alleen vergt knikkeren op een zandpad vol gruis in Jordanië een heel andere techniek dan op, zeg, een schoolplein in Nederland, de beschikbare middelen lopen sterk uiteen. De zorg dat hun spelletjes door de komst van games en internet zullen verdwijnen, is in een groot deel van de wereld nog lang niet aan de orde.

Onvergetelijk zijn de meisjes in Nepal op één been, die een bosje groene blaadjes hooghouden met afwisselend de binnen- en de buitenkant van hun voet, hoog opgetild onder hun rokken. Of de kinderen in Venezuela, die uit hoge grassprieten grote groene saltamontes plukken, sprinkhanen. Ze trekken de achterpoten uit hun lijf en gooien ze dan hoog in de lucht, waar de beestjes met moeite een paar keer met hun vleugels slaan voordat ze weer ter aarde storten. Het kind met de sprinkhaan die het langst in de lucht blijft, wint.

In alle omstandigheden prevaleert bij kinderen het optimisme. Alÿs filmt hen van dichtbij, maar de realiteit is nooit ver weg, een achtergrond van soms oorlog en vaak armoede. Tegelijkertijd staan veel kinderspelen los van de tijd, komen ze voort uit traditie. Zoals het mooie en wat ondoorgrondelijke wolf en lam-spel in Afghanistan, waarbij een kring van kinderen een kind in hun midden als lam beschermt tegen de wolf die om de kring heen cirkelt. Niet elk spel doet een beroep op sociale vaardigheden, soms lijkt het nutteloos tijdverdrijf. Zoals bij de jongen in Mexico die in zijn eentje een plastic fles tegen een heuvel op schopt, obstakels als een vrachtwagen en een brutale hond trotseert en bijna boven een keer misschopt, waarna de fles onverbiddelijk aan het rollen slaat.

Kinderen zijn vrolijk en vindingrijk, maar ook wreed en ondankbaar, en Alÿs laat met Children’s Games iets wezenlijks over hen en de wereld zien. In Mexico is een groep kinderen verrukt over het verschijnen van een piñata, een mooie Superman van papier-maché die van binnen gevuld is met snoep. Met stokken slaan ze hem aan gort en eenmaal open storten ze zich op het snoepgoed, proppen ze hun zakken vol. Een arm van Superman smijten ze ten slotte in een beekje – ‘Adios!’


Francis Alÿs, Children’s Games, t/m 8 maart in Eye Filmmuseum, Amsterdam, eyefilm.nl. Sandlines draait nog op zaterdag 1 februari op het IFFR, iffr.com. Bijna al het werk van Alÿs is te bekijken op zijn website, inclusief Reel/Unreel en Children’s Games,francisalys.com_