Knopen doorhakken

iAN KERSHAW
FATEFUL CHOICES: TEN DECISIONS THAT CHANGED THE WORLD, 1940-1941
Allen Lane, 624 blz., € 38,85

Het zal wel een bewijs van oppervlakkigheid zijn, maar het liefst zie ik een film met een happy end. Alle verwikkelingen en tegenslagen die de hoofdpersonen hebben meegemaakt zijn dan ergens goed voor geweest en het ‘goede’ heeft uiteindelijk overwonnen.

De verleiding is groot om ook op deze manier naar de geschiedenis te kijken. Dat een megalomane veroveraar als Napoleon uiteindelijk ten val kwam, lijkt een zaak van gerechtigheid. Aangezien de parlementaire democratie een veel eerlijker politiek systeem is dan een monarchie of een aristocratie, lijkt het niet meer dan logisch dat zij in ‘het Westen’ heeft gezegevierd.

Deze zogenoemde whig interpretation of history is vooral dominant wanneer er naar de Tweede Wereldoorlog wordt gekeken. Daarin werden de bad guys verpletterend verslagen door de good guys (waarbij Stalin gemakshalve in de laatste categorie wordt geplaatst). Wie in de Duitse en Japanse nederlaag van 1945 de logische of zelfs noodzakelijk uitkomst van een historisch proces ziet, geeft echter blijk van een onhistorische kijk op de werkelijkheid.

In zijn nieuwe boek heeft Ian Kershaw – auteur van de beste Hitler-biografie tot nog toe – tien besluitvormingsprocessen bekeken uit de periode tussen mei 1940 en de herfst van 1941. Het gaat hierbij niet alleen om min of meer bekende beslissingsmomenten – zoals het Britse besluit om door te vechten, of de beslissing de joden uit te roeien – maar ook Mussolini’s besluit Griekenland aan te vallen en Hitlers oorlogsverklaring aan de Verenigde Staten.

Door steeds de verschillende opties te schetsen die de oorlogsleiders hadden, maakt Kershaw duidelijk dat het allemaal heel anders had kunnen uitpakken. Anders dan historici die zogenaamde _what if-_scenario’s schrijven, besteedt hij veel aandacht aan de factoren die ertoe bijdroegen dat uiteindelijk dat ene besluit werd genomen. Zo laat hij zien dat Mussolini nu eindelijk eens wilde tonen dat ook hij een grote veroveraar was en daarom tegen het advies van zijn generaals Griekenland probeerde te veroveren. Bovendien schildert Kershaw ook de gevolgen van een bepaalde beslissing. Zo leidde Mussolini’s Griekse avontuur ertoe dat de Duitsers moesten bijspringen, wat weer grote gevolgen had voor hun troepensterkte in Noord-Afrika.

Leerzaam is vooral Kershaws beschrijving van de besluitvormingsprocessen zelf. Dictators als Hitler, Stalin en Mussolini leken aanvankelijk in het voordeel, omdat ze snel knopen konden doorhakken, maar uiteindelijk bleek hun onvermogen ‘tegenspraak te organiseren’ een enorm nadeel. In hun omgeving durfde niemand zijn nek uit te steken en te waarschuwen, zodat ze meestal hun eigen propaganda gingen geloven.